1-meiviering? In het buitenland wel, hier blijft het bij tulpen uitdelen in Willem Dreeshuis

Nooit werd de Dag van de Arbeid, 1 mei, hier een strijddag, zelfs geen snipperdag. Toch kan er in deze onzekere tijden best nieuw activisme ontstaan. „In Tilburg zingen jonge mensen de Internationale.”

FNV-voorzitter Han Busker loopt, op de Dag van de Arbeid, mee met de Mars voor Echte banen. ANP / JERRY LAMPEN

Het heeft iets ironisch: de Dag van de Arbeid merk je in Nederland nog het meest aan de drukte in winkelcentra in de grensregio. „Dé uitgelezen kans voor onze zuiderburen om onze modezaken te verkennen”, schrijft een huis-aan-huisblad in Weert enthousiast op zijn website. Nog een plaats waar de socialistische feestdag in Nederland gevierd wordt: het Beursplein. Net als in de rest van Europa blijft de Amsterdamse beurs 1 mei dicht.

Voor Nederlanders zelf zit winkelen er niet eens in: nooit kwam 1 mei als strijddag, feestdag of zelfs maar snipperdag hier echt van de grond. In Amsterdam organiseert de FNV een jaarlijkse manifestatie. Maar taferelen zoals in Duitsland, Frankrijk of Turkije, waar op 1 mei massademonstraties plaatsvinden en het activisme soms gewelddadig opleeft, kennen we hier niet.

Bij SP gebeurt vrijwel niets

„Het is bij ons eigenlijk niet zo’n item”, zegt een woordvoerder van de SP over 1 mei. De lokale afdeling van de SP loopt mee met de FNV-demonstratie, maar bij de meeste andere SP-afdelingen in het land gebeurt niets. Medewerkers van de partij zijn op de eerste mei overigens wel vrij.

Bij de PvdA is 1 mei wel een jaarlijks ijkpunt. Bijna alle lokale afdelingen, van Zuidwest Friesland via Almelo tot aan Maastricht, organiseren een viering. In Utrecht wordt het evenement jaarlijks opgeluisterd met liederen van het koor Stem des Volks, een van de weinige van oorsprong arbeiderszangverenigingen die nog actief zijn. Op het repertoire staan in ieder geval klassiekers ‘Morgenrood’ en ‘De Internationale’. De tekst van dat laatste lied moet met A4-tjes wel onder de aanwezigen verspreid worden, vertelt koorsecretaris Ries Adriaansen. „Het is een beetje als met het Wilhelmus. Je ziet de monden wel meebewegen, maar ik weet niet hoeveel mensen het echt nog kennen.”

In Nederland wordt de Dag van de Arbeid dit jaar misschien nog wel extra overschaduwd door de decimering van de PvdA bij de recente verkiezingen.

Dag van de Arbeid in Madrid. AP /Francisco Seco)

Afnemend activisme vakbonden

1 mei stelde in Nederland al nooit echt veel voor, vertelt Dennis Bos. Bos is universitair docent in Leiden en gespecialiseerd in de geschiedenis van het socialisme. „Men vierde het hier altijd al wat bedaarder dan in andere landen. Maar zeker de afgelopen twintig jaar is er in Nederland een bijzonder zwakke traditie.”

Bos koppelt de neergang aan het afnemende activisme van de vakbonden en de PvdA. Hij verwijst naar het Akkoord van Wassenaar, toen de bonden begin jaren tachtig een akkoord sloten over loonmatiging, en het afschudden van de ideologische veren door de PvdA in de jaren negentig. „Het activistische en strijdbare is door die groepen bewust uitgebannen. Dan wordt de 1 mei-viering vanzelf niet meer dan het uitdelen van wat tulpen in het Willem Drees-huis.”

Radicale oorsprong ligt in Chicago

En dat, legt Bos uit, terwijl 1 mei een veel radicalere oorsprong kent. De dag verwijst naar het bloedige neerslaan van een demonstratie voor de achturige werkdag in Chicago in 1886. Vanaf 1889 grepen Europese socialisten de herdenking aan om jaarlijks te staken voor hetzelfde doel. Maar vanaf het moment dat die eis ingewilligd werd, ontstond volgens Bos al de paradox: 1 mei als strijddag of feestdag?

In Nederland is het nu feitelijk geen van beiden, omdat afgezien van ambtenaren in Amsterdam en de SP’ers, niemand op 1 mei vrij is. Al is een vrije dag niet cruciaal voor het levend houden van de traditie, denkt Bos. „1 mei was in het Derde Rijk wel een vrije dag. Dat zegt dus weinig over een vruchtbaar actieklimaat.”

In de Verenigde Staten lijkt met de verkiezing van Donald Trump tot president een nieuw activisme op te leven. Honderdduizenden mensen gingen in januari de straat op tijdens de zogeheten Women’s March. Ook in Nederland ziet Bos oplevend activisme onder jongeren.

Er broeit wel veel

„Er broeit veel wat nog onder de radar blijft. Maar kijk naar de activisten uit het Maagdenhuis. Of jongeren die geen vaste baan meer hebben, of geen huis meer kunnen krijgen. Ik zie zelf steeds meer activisme ontstaan. Er zou zomaar opeens een brede nieuwe beweging kunnen opstaan.” Of de specifieke datum van 1 mei in ere blijft is volgens Bos afwachten. „Maar activisten houden er wel van historische verwijzingen te maken. Op een 1 mei-bijeenkomst van anarchisten in Tilburg waar ik vanavond spreek zijn alleen maar jonge mensen. Maar ze zingen wél de Internationale.”