Meubels voor kids

Veel ontwerpers die zich uitsluitend richten op designmeubilair voor kinderen zijn er niet, stelt Arek Seredyn (40), mede-oprichter van Rafa-kids. Samen met zijn partner Agata Seredyn (40) startte hij vijf jaar geleden „zonder vooropgezet plan” hun inmiddels goedlopende familiebedrijf.

Rafa-kids is uit noodzaak geboren. Ruimtegebrek was een probleem met een tweede kind op komst in een piepklein voormalig winkelpand. Het architectenduo besloot zelf een stapelbed te ontwerpen dat precies in de ongelukkige hoek van de slaapkamer paste. Een tweede ontwerp voor enthousiaste vrienden werd opgepikt door een designmagazine waardoor het duo veel media-aandacht kreeg.

De eerste productielijn betaalden ze van hun spaargeld. Drie jaar later bleven de aanvragen binnenstromen. Dus besloten de twee hun baan bij een architectenbureau op te zeggen.

Hun collectie wordt wereldwijd verkocht. Londen, Parijs en New York springen eruit. Arek: „We verkopen goed op plekken met weinig ruimte.”

Tientallen massief houten meubelstukken verlaten wekelijks het productiebedrijf in Polen, om vervolgens te pronken in kinderkamers van voornamelijk andere creatievelingen. „Een esthetisch oog is noodzakelijk. We wilden iets moois maken waarvan ouders kunnen genieten”, aldus Agata.

Hun favoriete materiaal is Fins hout, want „in de koude bossen groeien de mooiste berken”. Aan concessies doen ze niet, liever kiezen ze voor „kwalitatief goede exemplaren die met je meegroeien”. Iets waar de klant graag voor betaalt: een hoogslaper kost 1.495 euro.

Ontwerpen doen ze in hun studio en showroom in de Hofbogen. Vrolijke kleden, knuffels, dekbedden en de minimalistische stoelen, planken en bedden van naturel hout sieren de ruimte.

De twee doen alles zelf. Van het ontwerp aan de tekentafel tot een handgeschreven brief bij de verzending. Dit persoonlijke en vaak intensieve klantcontact laat de technisch en praktisch ingestelde Arek liever aan zijn partner over.

Vertegenwoordigers hebben ze niet. Volgens Agata is dat met alle media-aandacht niet nodig. Behalve in Japan. Arek: „Toen we onze meubels in Tokio voor het eerst zagen, waren we trots.”