Column

De burgemeester is een schele sodemieter

Tienduizenden mensen waren naar Amsterdam afgereisd, de spoorwegen hadden extra treinen ingezet, de hotels waren overvol. In een week tijd, meldde het Algemeen Handelsblad, gingen er 800.000 wafels en een miljoen poffertjes doorheen, 200.000 liter bier en duizenden liters punch, wijn en jenever. Met als gevolg dat tweehonderd mensen werden opgepakt wegens openbare dronkenschap. En dan de vechtpartijen. Het gelal en gebral.

Dit gaat niet over Koningsdag, maar over de kermis van 1875, op en rond de Botermarkt, nu het Rembrandtplein. De onbrandbare man dronk kokende olie, het meisje zonder armen schreef briefjes met haar mond, overal op straat werden kleren en potten en pannen verkocht. Maar wel voor de laatste keer, lees ik in deel III van De geschiedenis van Amsterdam, want na aanhoudende klachten van de burgerij over het schandalige gedrag van de kermisgangers – meisjes van goeden huize lieten zich kussen door jongemannen van twijfelachtige afkomst – heeft de gemeenteraad besloten dat het voorbij moet zijn met die ‘jaarlijkse dronkemansboel’ in de stad.

Hoe loopt dat af? In augustus 1876, een maand voordat de kermis opnieuw zou beginnen, verschijnen er briefjes op allerlei plekken in de stad, waarop de burgemeester een ‘smeerlap’ wordt genoemd, een ‘lamstraal’ en een ‘schele sodemieter’.

Op de avond van 11 september, voorheen de openingsdag, verzamelen groepen mensen zich op het Rembrandtplein (de naam is dan net veranderd). Ze lopen langs het huis van de burgemeester – hij doet niet open – en daarna door de Kalverstraat, waar de eerste winkelruiten sneuvelen. De politie rukt uit, de schutterij, de cavalerie, de infanterie. In de nacht van 13 op 14 september trekt een grote menige van het Rokin naar de Dam en daar ontaarden de rellen in een veldslag. Er wordt geschoten, het leger voert charges uit, een van de gewonden zal later overlijden. Het wordt pas weer rustig als alle cafés gesloten zijn en het begint te regenen.

En daarna?

Woedende debatten in de kranten. Veel Amsterdammers waren diep verontwaardigd over het buitensporige geweld dat was ingezet. De van buiten de stad aangevoerde militairen? Rotvolk. Sommigen van hen waren dronken geweest! De politie? Incompetente lapzwansen. Blijf met je rotpoten van onze rotrelschoppers af. Dat was de teneur.

Maar de kermis kwam niet meer terug. Deftige particulieren richtten de Vereeniging tot Vereedeling van het Volksvermaak op om vervangende activiteiten te organiseren, onder andere een jaarlijks sinterklaasfeest voor de leerlingen van de armenscholen in het Paleis voor Volksvlijt. Met muziek, chocolademelk en krentenbrood.

Jannetje Koelewijn vervangt vandaag Marike Stellinga.