Klimaat

Vele routes naar een schone toekomst

Het oplossen van het klimaatprobleem begint met het oplossen van de oneerlijke verdeling van energie.

Het zou een flinke klus zijn om alle routes in kaart te brengen die de afgelopen jaren zijn geschetst op weg naar een schone energietoekomst. Nu is er weer het rapport Better Energy, Greater Prosperity van een groep die zichzelf de Energy Transitions Commission noemt, bestaande uit investeerders, bestuurders van energiemaatschappijen en industrie, leden van denktanks en ngo’s en academici uit rijke landen en ontwikkelingslanden. Net als in de meeste andere rapporten wordt uitgelegd dat het ideaal bereikbaar is, mits we alles uit de kast halen en vandaag nog op weg gaan.

Ik zou geneigd zijn het rapport onvermeld aan de grote stapel toe te voegen, ware het niet dat de argumentatie opmerkelijk is. Het uitgangspunt van het rapport is, dat welvaart afhankelijk is van de (overvloedige) beschikbaarheid van betaalbare en betrouwbare energie.

Ongelijkheid

Het rapport wijst op de ongelijke verdeling van die energie. In de VS wordt zo’n 290 GJ (gigajoules) aan energie gebruikt per hoofd van de bevolking, maar bijvoorbeeld in Ethiopië slechts 22 GJ, in Indonesië 37 GJ en in Mexico 63 GJ (de Europese Unie zit op 130 GJ per capita, China op 93 GJ).

Er is geen reden om die armere landen de welvaart te ontzeggen waar rijke landen menen recht op te hebben. Maar als iedereen meer dan 200 GJ aan energie gebruikt met fossiele brandstoffen, bereiken we heel snel het maximale budget aan broeikasgassen dat ons binnen de twee graden temperatuurstijging zou moeten houden. Het energieverbruik wereldwijd zou tot 2050 met zo’n 80 procent stijgen, naar 650 EJ – en de gemiddelde temperatuur op aarde zou stijgen met meer dan 4 graden Celsius ten opzichte van de pre-industriële tijd.

De onderzoekers gaan ervan uit dat ongeveer 80 tot 100 GJ aan energie per hoofd van de bevolking nodig is voor een goede levensstandaard. Dat betekent dat in veel landen het energieverbruik moet dalen: de energieproductiviteit (dat is het BBP per eenheid van energie) moet daarvoor jaarlijks met 3 procentpunt groeien. Nu is dat gemiddeld niet meer dan 1,7 procentpunt. En het aandeel van energie zonder broeikasgassen moet ieder jaar met ten minste 1 procentpunt groeien.

Maar het ging mij om het bovenstaande kaartje. De verschillen die daarin zijn weergegeven moeten verdwijnen om het internationale klimaatbeleid te laten slagen. Hoe dat vervolgens moet is hier na te lezen:

Blogger

Paul Luttikhuis

Buitenlandredacteur Paul Luttikhuis volgt op dit blog nieuws over klimaatverandering. Hij schrijft over sociale en economische gevolgen, over manieren waarop landen zich daarop voorbereiden, over nieuwe wetenschappelijke inzichten en over de onderhandelingen na ‘Parijs’. Regelmatig zullen gastauteurs hun licht laten schijnen op deze thema’s.