De menselijke maat telde voor regisseur ‘Silence of the Lambs’

Jonathan Demme (1944- 2017) Regisseur

Hij begon als trashregisseur en eindigde als Oscarwinnaar. Jonathan Demme voorzag al zijn films van zijn handtekening.

Still uit The Silence Of The lambs (1991) met Anthony Hopkins.

Ze doen het allemaal. Anthony Hopkins en Jodie Foster in de met vijf Oscars bekroonde horrorfilm Silence of the Lambs (1991). De stervende advocaat Tom Hanks in het aidsdrama Philadelphia (1993), een van de eerste Hollywoodfilms over hiv. Denzel Washington als gehersenspoelde militair in de politieke paranoiathriller The Manchurian Candidate (2004). Maar eerder ook al Oprah Winfrey in Toni Morrisons slavernijverhaal Beloved (1998). Of Melanie Griffith in de maffe romantische komedie Something Wild (1986).

Alle acteurs die Jonathan Demme regisseerde, kijken minstens één keer lang de camera in. Er zijn weinig regisseurs die hun werk zo duidelijk signeren. Alsof de woensdag aan de gevolgen van slokdarmkanker en hartproblemen in zijn woonplaats New York overleden Demme keer op keer wilde beklemtonen: het maakt niet uit wat voor film ik maak, wat voor mij telt is de menselijke maat, de emotie, de empathiemachine die cinema kan zijn.

Compilatie van de karakteristieke close up van Jonathan Demme.

Als Hopkins Foster in die beroemde scène uit The Silence of the Lambs met zijn doordringende blauwe ogen waarachter alleen de dood schuilt, bekent de lever van haar voorganger te hebben opgegeten „met wat tuinbonen en een glas chianti”, dan verschuift de camera langzaam zo dat wij als toeschouwers tegenspelers worden in een verhaal waaruit we liever weg willen blijven. Weinigen doorbraken de vierde wand in de filmgeschiedenis zo effectief, en in zoveel verschillende genres en stijlen.

De in 1944 in New York geboren Robert Jonathan Demme vertrok in de jaren zestig naar Londen als muziekjournalist, keerde begin jaren zeventig terug naar de Verenigde Staten om voor de trashfilmfabriek van lowbudgetregisseur Roger Corman te werken. Vrijwel elke ‘Cormanian’ (zoals ook Martin Scorsese en Ron Howard) eindigde uiteindelijk achter de camera. Na een aantal kleinere films kwam Demmes doorbraak met een van de beste concertfilms ooit: Stop Making Sense (1984), goed voor iconische beelden van Talking Heads-zanger David Byrne met taperecorder, schemerlamp en enorme schoudervullingen.

In 2008 maakte hij zijn laatste grote speelfilm, Rachel Getting Maried. Maar hij bleef regisseren, sociaal geëngageerde documentaires, televisie en drie muziekfilms over Neil Young. Vorig jaar verraste hij met de Netflix-documentaire Justin Timberlake + Tennessee Kids, een acteur met wie hij al lang had willen werken, en die hij pas als zanger voor de camera kreeg.