Laat ze die haaien maar afmaken, klinkt het

Ondertussen in Australië

De 17-jarige Laeticia werd beetgenomen tijdens het surfen en de schuldige haai zwemt nog vrij rond. Zelfs het doodschieten van haaien vanuit helikopters wordt nu geopperd.

Foto: EPA / Helmut Fohringer

De kans is klein dat de Australische minister van milieu, Josh Frydenburg, een bijdrage levert aan de net gestarte WNF actie ‘red de haai’. De haai heeft namelijk weer flink aan populariteit ingeboet in Australië, na de dodelijke aanval vorige week op de zeventienjarige Laeticia Brouwer. Frydenberg was helder in zijn verklaring aan de pers: „We verwelkomen elk voorstel dat in de allereerste plaats menselijke levens beschermt.” Ze was het eerste haaienslachtoffer dit jaar, vorig jaar doodden haaien in Australië twee mensen.

Laeticia Brouwer was aan het surfen toen ze op 18 april bij de badplaats Esperance aan de westkust van Australië werd aangevallen. Voor de zoveelste keer laait de discussie op wat te doen met de haai in Australië weer op. Het debat lijkt nog wat feller nu het deze keer om een jong meisje gaat en omdat na afloop door de autoriteiten werd besloten de ‘drum lines’, een soort haken waarmee de haai na een aanval gevangen wordt, niet uit te zetten. De schuldige haai zwemt dus nog vrij rond. De surfplank wordt nog forensisch onderzocht.

Haaien horen nu eenmaal bij de harde realiteit.

Verschillende oplossingen worden geopperd. Enerzijds is er de lobby om alle haaien in de buurt van welke Australische kust dan ook te doden. Dat kan door haaiennetten of door ze neer te schieten vanuit helikopters. Anderen, waaronder de Labor Party, willen subsidie voor planken met elektromagnetische apparaten die haaien afstoten.

Netten zijn er al langs verschillende kusten geplaatst. De regerende Liberal Party is ervan overtuigd dat die werken. Wetenschappers daarentegen denken dat ze door andere vissen die er eveneens in vast komen te zitten juist haaien aantrekken. Bewijs dat het aantal dodelijke gevallen is gedaald, valt niet te leveren: de netten langs de noordelijke kust geven geen uitsluitsel, omdat daar altijd al weinig haaienaanvallen plaatsvonden.

De bestuurders van de deelstaat West-Australië zijn ervan overtuigd dat algehele veiligheid onmogelijk is te waarborgen. Haaien horen nu eenmaal bij de harde realiteit. Ze hebben de wetenschappers achter zich: „Als je alle haaien doodt, zal je geen aanvallen meer hebben, maar je haalt ook niet alle auto’s van de weg omdat er een ongeluk heeft plaatsgevonden”, zei de hoogleraar biologie Nathan Hart op ABC Radio.

Aan news.com.au liet Vic Hislop, een voormalig haaienjager, juist weten dat het tijd werd dat de autoriteiten zich niet meer lieten inpalmen door milieuorganisaties.

„Als ze haaien blijvend laten ontsnappen nadat de beesten iemand hebben opgegeten, wordt het alleen maar erger en erger.”

Wetenschappers twijfelen of een hap mensenvlees naar meer doet smaken. Het is erg onwaarschijnlijk dat dat voor haaien geldt, aldus haaienwetenschapper George Burgess, bij het Florida Program for Shark Research.

Het is wel zo dat het aantal aanvallen sinds 2001 is toegenomen. Waar in de jaren tachtig nog sprake was van minder dan vijf al dan niet dodelijke aanvallen per jaar, zijn de aanvallen sinds 2001 niet onder de tien geweest en is er de laatste jaren een toename te zien. Een verklaring daarvoor heeft niemand.

De discussie over wat je met haaien moet doen, lijkt vooral politiek. Op de lijst van de tien meest dodelijke dieren voor de mens staat de slang nog steeds bovenaan, met wereldwijd ruim 50.000 doden per jaar en de schorpioen met grote achterstand op de tweede plek (ruim 5.000 doden per jaar). Zelfs de olifant (ruim 500) en het nijlpaard (ruim 300) maken wereldwijd jaarlijks meer dodelijke slachtoffers dan een haai (ruim 10 per jaar).

Maar de haai spreekt nu eenmaal meer tot de angstige verbeelding dan bijvoorbeeld de olifant. Majoor Vaughn geeft dat in de film Jaws goed weer: „Martin, it’s all psychological. You yell barracuda, everybody says, ‘Huh? What?’ You yell shark, we’ve got a panic on our hands on the Fourth of July.’