Recensie

Een verademing in het tijdperk van monotone stripfilms

Het onverwachte regeert weer in het tweede deel van Guardians of the Galaxy. Er is actie, maar de humor is belangrijker.

Er is actie in Guardians of the Galaxy Vol. 2 maar humor is belangrijker in de superheldenfilm.

Terwijl het boomwezentje Groot een dansje doet op de klanken van ELO’s Mr. Blue Sky is op de achtergrond onscherp te zien hoe de andere leden van het Guardians of the Galaxy-team druk doende zijn een buitenaards monster te verslaan dat het voortbestaan van het universum bedreigt. Deze openingsscène zet meteen de toon en maakt duidelijk dat voor de nieuwe Marvel-blockbuster, in tegenstelling tot de meeste superheldenfilms, geen regels gelden. Het onverwachte regeert. Ja, er is actie maar humor is belangrijker. Zo vallen de geestige verwijzingen naar Knight Rider en David Hasselhoff van de op aarde opgegroeide Peter Quill keer op keer in dorre aarde bij zijn buitenaardse medestrijders. Die lol is een verademing in een tijdperk waarin monotone, humorloze stripfilms de dienst uitmaken.

De trailer.

In dit tweede deel komt de in 1988 van aarde ontvoerde Peter (Chris Pratt) oog in oog met zijn buitenaardse vader Ego, gespeeld door Kurt Russell. Het maakt de grofgebekte wasbeer Rocket nieuwsgierig: als Ego buitenaards is, heeft hij dan wel een penis? Ego neemt hem en de anderen van team-Galaxy mee naar zijn psychedelische planeet, de natte droom van alle hippies.

Lees ook het interview met de regisseur: Misfits die alleen bij elkaar passen

Terwijl Peter een band krijgt met zijn vader en flirt met het enige vrouwelijke teamlid Gamora („er is iets onuitgesproken tussen ons”), werkt de andere helft van het team zich het zweet uit het gekleurde lijf om de Ravagers te verslaan. Deze huurlingen worden op hen afgestuurd door Ayesha, de gevaarlijke goudkleurige hogepriesteres van het genetisch geperfectioneerde Sovereign-volk. Naast krachtige wapens beschikken ze gelukkig over Peters nieuwe mixtape, met jarenzeventigsoftrock waar zijn overleden moeder van hield. Ze blijven altijd goedgemutst en maken een hilarisch nummertje van de naam van hun tegenstander, die door het leven gaat als Taserface. En dan moet de ontroerende finale nog komen.