WRR: overheid verwacht te veel zelfredzaamheid burgers

Kabinetsadvies

Wacht even met zware sancties voor de burger die „even niet oplet”. Laat de overheid meer steun bieden, adviseert de WRR.

De overheid gaat er te veel van uit dat burgers zelfredzaam zijn. Tussen „wat van burgers wordt verwacht en wat zij daadwerkelijk aankunnen” zit een behoorlijk verschil. Dat concludeert de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR), kabinetsadviseur, in een maandag gepubliceerd rapport.

De raad signaleert dat de overheid burgers vaak alleen per brief informeert over hun plichten. Wie daaraan niet voldoet, wordt direct bestraft. „Wie even niet oplet, of verzuimt op tijd te betalen, ziet zijn boetes in korte tijd oplopen tot een enorm bedrag.” In zulke gevallen zou de overheid actief moeten „verifiëren in hoeverre sprake is van niet willen of van niet kunnen betalen”. Als een burger even niet oplet, moet dat „niet direct ingrijpende gevolgen hebben”.

De WRR ziet ook gevaren als burgers meer mogelijkheden krijgen om hun pensioen op te bouwen. Voor „de grote meerderheid van de Nederlanders” zijn extra keuzes eerder een probleem dan een oplossing, volgens het rapport. Een andere belangrijke kabinetsadviseur, de Sociaal-Economische Raad, wil juist een pensioenstelsel waarin burgers meer keuzevrijheid krijgen.

Zelfredzaamheid is niet alleen een probleem voor mensen met een laag IQ. Ook burgers met een hoge opleiding en een goede maatschappelijke positie zijn soms minder zelfredzaam dan de overheid verwacht. Zeker als ‘het leven tegenzit’, bijvoorbeeld bij scheiding, ontslag of bankroet. Het gaat in het contact met de overheid namelijk niet alleen om „denkvermogen”, maar ook om „doenvermogen”, schrijft de WRR. „Het vermogen om in actie te komen, om het hoofd voldoende koel te houden, en om vast te houden aan goede voornemens.”

Als oplossing kan de overheid er volgens de WRR voor kiezen burgers niet alleen te informeren, maar ook te sturen en ondersteunen. Bijvoorbeeld door op een keuzeformulier al een vooraf aangevinkte standaardoptie te geven die waarschijnlijk de beste keuze is, of bij het jaarlijkse pensioenoverzicht opties te geven voor aanvullende pensioenregelingen, inclusief advies voor de optie die „goed aansluit” bij de „individuele omstandigheden” van die persoon.

Staatssecretaris Klaas Dijkhoff (Justitie, VVD), die het WRR-rapport in ontvangst nam, noemde het „interessant”. Hij kon geen toezeggingen doen omdat het kabinet demissionair is en alleen lopende zaken afhandelt. Hij zei het wel „logisch” te vinden dat politici bij wetgeving „meer rekening houden” met de „praktijk”.