NRC checkt: ‘Porno veroorzaakte de ondergang van Betamax’

Dat schreef de Volkskrant op woensdag 19 april.

Videobanden in de uitverkoop. Foto Olaf Kraak/ANP

De aanleiding

De Volkskrant dook woensdag „in de wereld van de digitale seks”. Pornografie zou, volgens een artikel in de krant, een belangrijke drijfveer zijn voor technologische ontwikkeling. Zo schrijft de auteur dat in de jaren zeventig porno doorslaggevend zou zijn geweest in de concurrentiestrijd tussen de videobanden van Sony (Betamax) en die van JVC (VHS). Ook een bewering die je geregeld leest. We checken de stelling: ‘Porno veroorzaakte de ondergang van Betamax’.

Waar is het op gebaseerd?

In het artikel wordt de bewering toegeschreven aan de Canadese wetenschapsjournalist Patchen Barss. In zijn boek The Erotic Engine staat het bewuste citaat over de videobandenstrijd. Cruciaal zijn – behalve de bewering zelf – de tussenstappen die de auteur neemt om tot zijn conclusie te komen. Barss stelt het volgende: „Betamax was van betere kwaliteit, maar kon slechts een half uur opnemen – tegenover de drie uur van VHS.” Om die reden, zegt Barss, leenden de banden van JVC zich dus beter om „langere pornofilms mee op te nemen van tv”. En zo komt Barss tot de conclusie: „Porno veroorzaakte zo de ondergang van Betamax.”

En, klopt het?

In de redenering naar de conclusie gaat het nodige mis. Neem de uitspraak over opnameduur: VHS-banden konden inderdaad aanvankelijk langer opnemen dan Betamax-banden. Al was het verschil lang niet zo groot als in het Volkskrant-stuk wordt beweerd.

De eerste VHS-banden (1976) konden twee uur opnemen. Betamax-banden, die eerder op de markt kwamen (1975), konden aanvankelijk geen dertig maar zestig minuten opnemen. Al kwam Betamax al snel met banden met een langere speelduur. Bovendien kwam er niet veel later (1979) nog een derde speler bij: de V2000 van Philips, met banden die maar liefst acht uur (4 uur aan iedere zijde) konden opnemen.

Speelduur alléén kan dus niet doorslaggevend zijn geweest in de concurrentiestrijd die VHS won. Behalve onaannemelijk is het daarbij onmogelijk te controleren of consumenten de kortere opnameduur van Betamaxbanden een bezwaar vonden omdat ze lange pornofilms wilden opnemen. Pornofilms waren wel op tv (op betaalde kanalen), aldus hoogleraar cultuurgeschiedenis Inger Leemans, die over pornografie publiceerde. Maar net zo goed kan een sportwedstrijd of een dramafilm de reden zijn geweest voor de keuze voor VHS. Er zijn weinig betrouwbare gegevens over de pornomarkt in die tijd. Die komen namelijk óf van de industrie zelf, óf van protestgroepen.

Waar die porno-bewering dan wel vandaan komt? Bas Agterberg, specialist mediahistorie van het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid haalt een studie aan van Amerikaanse en Britse hoogleraren bedrijfskunde uit de jaren negentig. Factoren die een rol speelden bij het succes van VHS waren onder meer de prijs en verkrijgbaarheid: naast JVC waren er veel concerns die VHS-apparatuur produceerden, veel meer dan er volgers van Sony waren. Philips gaf het patent op zijn systeem helemaal niet vrij, waardoor het de enige producent van banden en recorders bleef. VHS-recorders en banden werden al snel de (goedkopere) norm in huishoudens. Daarbij komt dat videotheken, die begin jaren tachtig massaal opkwamen, steeds meer VHS-banden aanboden. Op VHS kwamen de meeste ‘voorbespeelde tapes’ uit, met films, en dus ook porno. Al werd er óók porno op Betamax verhuurd.

Conclusie

In de concurrentiestrijd tussen videobanden speelden behalve de opnameduur andere factoren mee: prijs en verkrijgbaarheid van VHS-recorders en -banden. Videotheken verhuurden veelal VHS-banden omdat de meeste films, ook porno, op dit systeem werden uitgegeven. Porno kan dus een rol(letje) hebben gespeeld in het voordeel van VHS, maar zéker niet de enige, of doorslaggevende rol. Daarmee beoordelen we de stelling ‘Porno veroorzaakte de ondergang van Betamax’ als grotendeels onwaar.

Ook iets zien langskomen dat je gecheckt wilt zien? Mail nrccheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nrccheckt