Column

Kennis betrouwbaar en bescheiden inzetten

Gelukkig vind ik op zolder in een oude scheepskist de film Caro diario van Nanni Moretti. Weliswaar vierentwintig jaar te laat, want de film was een culthit in 1993, maar toch precies op tijd. Want loop ik niet juist nu rond met een paar vragen? Nou, kijk, daar verschijnen de antwoorden zomaar vanzelf op het scherm. En omdat de antwoorden al vierentwintig jaar oud zijn, hebben ze de klassieke glans van autoriteit.

Het is een grappige film, dit drieluik in documentairestijl van de Italiaanse regisseur die zelf de hoofdrol speelt. Het derde deel – Medici – is een geromantiseerd, autobiografisch verslag van Moretti’s tocht langs artsen op zoek naar genezing. De regisseur lijdt aan ondraaglijke jeuk en bezoekt een jaar lang tal van dermatologen, allergologen, apothekers, acupuncturisten. Zonder enig resultaat. Iedere nieuwe arts verwerpt diagnose en behandelwijze van de vorige arts en schrijft met veel aplomb een nieuwe, lange lijst van medicijnen voor. Als die niet werken, heet de aandoening psychisch. Totdat een Chinese acupuncturist hem eindelijk adviseert een foto van zijn longen te laten maken, omdat hij verdacht hoest.

Moretti blijkt kanker te hebben, een tumor in het lymfatisch systeem, waarvan jeuk een gebruikelijk symptoom is. Volgens weer een nieuwe arts is de conditie ongeneeslijk, wat opnieuw niet blijkt te kloppen, en al met al is dit een episode waarvan je zou willen dat die ieder studiejaar aan medische studenten werd vertoond.

Zelf zie ik de film op het juiste moment. Want net nu tob ik over de rol van de wetenschap in het programma Married at First Sight. Inderdaad, een raar RTL-programma en ik zou fatsoenlijke mensen daar normaliter niet mee lastig vallen, maar het geval wil dat er echte deskundigen bij betrokken zijn. Geen universitair onderzoekers, maar toch degelijke praktijkdeskundigen. Die beweren dat ze op basis van wetenschappelijke kennis goede huwelijken kunnen arrangeren.

De claim is interessant genoeg. En dus kijk ik een paar keer en ik zie hoe een sportieve militair, die een sportieve vrouw zoekt, door de deskundigen wordt gekoppeld aan een emotioneel onzekere vrouw die de hele dag cola drinkt. Blijkt dat huwelijk te werken? Nee.

Op Twitter zijn de kijkers niet onder de indruk van de wetenschappelijke inbreng. Er is veel kritiek op de mislukte koppelpogingen. „Totaal geen match! Hand in eigen boezem, ‘wetenschap’.” Maar wat nog het meest opvalt, is dat de twitteraars de deskundigen confronteren met de strenge eisen van de wetenschappelijke methode. Die deskundigen kunnen wel volhouden dat de sportieve militair volkomen terecht is gekoppeld aan de coladrinkster, dat hij alleen nog niet ‘toe’ was aan een relatie en nog in de ‘swipefase’ zat. Maar hier worden de twitteraars terecht Popperiaans. „Echte wetenschap. Net zo lang eromheen lullen tot het in je eigen ogen klopt.” „Is het wetenschap of kansberekening? Ze geven niet toe dat ze het mis kunnen hebben gehad.”

Hier ligt niet de wetenschap onder vuur, maar de wetenschapstoepassing. Net als in de film van Moretti. De wetenschap levert de kennis die Moretti uiteindelijk geneest van zijn kanker, maar de toepassers in de praktijk luisteren te weinig en pretenderen te veel om die kennis op tijd beschikbaar te maken. Ook de deskundigen bij RTL claimen ten onrechte dat ze op basis van wetenschap kunnen toveren. Daarbij is hun aanpak nogal frivool.

In een interview met Metro legt de betrokken bioloog uit dat hij aan het programma meewerkt omdat het „een boeiend experiment” is waarin valt te onderzoeken „of je vanuit de wetenschap de criteria die belangrijk zijn om iemand aantrekkelijk te vinden kunt analyseren.” Maar wacht even, is het programma een experiment? Wat zijn dan bijvoorbeeld de bevindingen? Welke les kan een bioloog leren uit de mislukte combinatie van twee homoseksuele mannen als hij zelf toegeeft dat de biologie over gelijkgerichte aantrekkingskracht voorlopig niets te melden heeft? „Het enige wat ik heb bijgedragen is: zet de knappe mannen bij elkaar en zet de lelijke bij elkaar.”

De laatste tijd trekken wetenschappelijke clubs ten strijde tegen populistische politici met maling aan feiten. Dat is begrijpelijk. Maar de krankzinnige leugens van Trump zijn niet het grootste gevaar voor de reputatie van de wetenschap. In Nederland wordt die reputatie vooral bepaald door de toepassingen die we in het dagelijks leven tegen komen. Door de claims van bodemdeskundigen, artsen, sociologen, informatici. Als ik een wetenschappelijke vereniging was, zou ik ophouden over Trump en die film van Moretti eens bekijken. En dan bedenken hoe kennis betrouwbaar en bescheiden kan worden ingezet.

Maxim Februari is jurist en columnist. Deze column is wekelijks.