Recensie

Zohre: belangwekkend pamflettheater

De Afghaanse vluchtelinge Zohre Norouzi zocht hulp bij de Nederlandse theatermaker Marjolijn van Heemstra. Dat levert een onsentimentele voorstelling op.

De Afghaanse vluchtelinge Zohre, speelt met Marjolijn van Heemstra in de gelijknamige voorstelling ‘Zohre, een Afghaans Nederlandse soap’ Foto Wikke van Houwelingen

Twee vrouwen zitten hoog op het dak van een huis in Alphen aan de Rijn, de Afghaanse vluchtelinge Zohre en theatermaker Marjolijn van Heemstra. Alsof de beide actrices geen hoogtevrees kennen. Een strook scherp licht valt op hun gezicht. Dit is het mooie openingsbeeld van Zohre, een Afghaans Nederlandse soap, een journalistieke theatervoorstelling door Van Heemstra, in de toegewijde regie van Erik Whien.

Zohre Norouzi draagt een grijzige joggingbroek, groenig shirt en een felrode sluier. Al snel legt ze die af, als symbool van haar aanpassing aan de westerse wereld. Maar dat laatste is schijn; ze heeft vier jaren gevochten met allerhande bureaucratische instanties, met als dieptepunten de Belastingdienst en de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND), om als vluchtelinge in Nederland een nieuw leven op te bouwen. Ze raakte bedolven onder papieren en verstrikt in elkaar tegenwerkende instellingen. Van Heemstra was haar daarbij behulpzaam. Op bijna naïeve maar niet minder betrokken manier zet Van Heemstra zich voor Zohre in. Het begon ermee dat Zohre aanbelde om bij haar te mogen slapen. Niet op de bank, maar op de grond, op een ‘Perzisch tapijt’ zoals de gastvrouwe niet zonder zelfironie vaststelt.

Het knappe van Zohre is dat sentiment ontbreekt, eerder is een ingehouden woede bij Van Heemstra de drijfveer. Ze treedt aanvankelijk op als de reddende engel van Zohre: zíj zal alles regelen, zij kent ons land. Wat een desillusie. Halverwege verwoordt Van Heemstra haar woede in een vlammende monoloog, die theatraal een voltreffer is en waarvan je hoopt dat de ambtelijke wereld daarvan kennis neemt. In dit opzicht is Zohre een pamfletvoorstelling, iets dat in het hedendaagse theater nauwelijks bestaat. En er is gelukkig meer: beide actrices laten met treffend spel zien dat ze onderling het lang niet altijd eens zijn en dat er zelfs wrevel ontstaat bij Zohre jegens de goedbedoelende Van Heemstra.

Zohres emotionele ijkpunt geldt Afghanistan. Haar familie woont daar. Dan laat Zohre een korte zwart-witfilm zien over hoe Afghanistan vroeger was. Ongesluierde vrouwen op straat, elegant gekleed in westers mantelpak. Deze blik in het verleden komt dramatisch op het juiste moment: er is geen enkele reden dat de Nederlandse Van Heemstra zich superieur waant aan haar beschermelinge. Dit inzicht maakt Zohre tot een belangwekkende voorstelling.