Nieuw bod PPG zet Akzo-top verder onder druk, vlak voor aandeelhoudersvergadering

De Amerikanen spreken van „een laatste uitnodiging” aan het management van AkzoNobel om te onderhandelen over een verkoop aan PPG. Legt Akzo het voorstel opnieuw naast zich neer, dan moet het vrezen voor een vijandige overname.

Foto ANP

Als het de bedoeling was van AkzoNobel-topman Ton Büchner om de overnameprijs op te drijven, is hij grandioos in zijn opzet geslaagd. Zo niet, en daar lijkt het op, dan heeft hij een probleem.

Belager PPG verhoogde maandag, een dag voor de aandeelhoudersvergadering van Akzo, voor de tweede keer zijn bod op het Nederlandse verf- en chemieconcern. En dit keer met een aanzienlijk bedrag.

Het bedrijf uit Pittsburgh heeft zijn bod op AkzoNobel verhoogd van 90 naar 96,75 euro per aandeel. Dat betekent dat de Amerikanen in totaal 24,6 miljard over hebben voor hun branchegenoot, een bedrag dat 50 procent hoger ligt dan de beurswaarde die Akzo had vlak vóór de belangstelling van PPG uitlekte. Het aandeel van PPG won in de Amerikaanse ochtendhandel ruim een procent.

De Amerikanen spraken in het persbericht van „een laatste uitnodiging” aan het management van AkzoNobel om te onderhandelen over een verkoop aan PPG. In die woorden schuilt een overduidelijk dreigement: legt Akzo het voorstel opnieuw naast zich neer, dan moet het bedrijf vrezen voor een vijandige overname.

AkzoNobel liet maandag in een kort statement weten het bod te gaan bestuderen. De koers van het aandeel steeg naar 82,40 euro, een sprong van ruim 5 procent maar nog altijd ruim onder de geboden prijs. Dat wijst erop dat beleggers er nog altijd aan twijfelen of het tot een overname komt.

Die twijfel heeft alles te maken met de vooralsnog onvermurwbare houding van de Akzo-top, die meer weg heeft van een vurige wens om zelfstandig te blijven dan van een onderhandelingstactiek. Twee keer eerder deed PPG in de voorbije weken een bod. Beide keren wees AkzoNobel de avances resoluut van de hand, tot ergernis van een deel van de aandeelhouders.

AkzoNobel is zelfstandig veel meer waard dan als onderdeel van PPG, drukte Büchner beleggers vorige week nog op het hart bij de presentatie van de nieuwe strategie in Londen. Gesteund door fraaie kwartaalcijfers – Akzo beleefde naar eigen zeggen een ‘recordkwartaal’ – beloofde de topman zijn aandeelhouders dividendverhoging, de verkoop van de chemicaliëntak die 8 tot 12 miljard euro moet opleveren en flink hogere winsten door onder meer kostenbesparingen.

Enkele aandeelhouders, onder meer het activistische hedgefonds Elliott Management, lieten in een reactie op de nieuwe strategie al weten nog steeds te vinden dat AkzoNobel met PPG om tafel moet. Analisten noemden vooral de aangescherpte winstprognoses ambitieus en onzeker, terwijl een overname door PPG de aandeelhouders van Akzo een gegarandeerd rendement biedt.

De aandeelhoudersvergadering van dinsdag, die door massale belangstelling is verplaatst van het Amsterdamse hoofdkantoor naar de RAI, beloofde daarom toch al zwaar te worden voor topman Büchner en president-commissaris Antony Burgmans. Burgmans wordt door Elliott gezien als de belangrijkste pion in het verzet tegen een overname.

Met de verhoging van het bod door de Amerikanen wordt het nu nog moeilijker om aandeelhouders ervan te overtuigen dat onderhandelingen met PPG niet in het belang zijn van AkzoNobel. Een aandeelhoudersopstand dreigt, aangevoerd door Elliott, dat ruim drie procent van de aandelen in handen heeft.

Een andere mogelijkheid is dat Büchner en Burgmans door het verbeterde voorstel van gedachten veranderen en toch op de uitnodiging van PPG-baas Michael McGarry in gaan. Maar dat ligt niet voor de hand. Want los van de prijs is een overname volgens de bedrijfstop niet in het belang van werknemers en klanten, een overtuiging die wordt gedeeld door de Nederlandse politiek. Duizenden banen zouden op het spel staan. Bovendien zijn de verschillen in bedrijfscultuur volgens Büchner onoverbrugbaar groot en geven de mededingingsautoriteiten waarschijnlijk geen toestemming voor de deal.

PPG vindt die zorgen onzin, zo maakte het bedrijf maandag nog maar eens duidelijk in een uitgebreide toelichting op het bod. Om die boodschap kracht bij te zetten is het concern bereid een zogeheten „break-up fee” te bieden - een bedrag dat AkzoNobel ontvangt als de overname ondanks een akkoord toch niet tot stand komt. Ook biedt een overname door PPG volgens de Amerikanen meer zekerheid aan werknemers van Akzo dan Büchners nieuwe strategie, die onder meer voorziet in een splitsing van het bedrijf. PPG wil de chemietak erbij houden en belooft „de rechten van werknemers” te respecteren.