Column

Moordschelp

Wad en slik zijn voor vogels niet zonder gevaar, schrijft . De schelp pakt de snavel.

Gewapend met een 800-millimeterlens was de Vlaamse natuurfotograaf Jan Helsen afgelopen winter in Zeeland om vogels te fotograferen: „Bij laagtij op de Brouwersdam wachtten we net zo lang tot de scholeksters bij de zwaardschedes konden. Ze moesten wel vlug zijn, want steeds waren er een paar zilvermeeuwen die op de loer lagen. Op een gegeven moment had een van de steltlopers zijn snavel recht in een schelp gestoken, precies Pinokkio.” Jan Helsen drukte af en won met de foto de eerste prijs in de categorie humor van de Groene Camera – dé fotoprijs voor natuurfotografen uit de Lage Landen.

Schelpenbanken langs de kust die bij laagwater langzaam droogvallen zijn inderdaad een geliefd voedselgebied van scholeksters (Haematopus ostralegus). Ze voeden zich daar voornamelijk met tweekleppige schelpdieren zoals de kokkel, de mossel, het nonnetje en soms ook de Amerikaanse zwaardschede (Enis directus). Van die schelpen eten ze alleen het zachte vlees. Daartoe steken ze hun dolkvormige snavel onder water of in het slik tussen de openstaande kleppen om de sluitspier zodanig te verwonden dat de schelphelften blijven wijken en het weekdier er uitgebeiteld kan worden.

Het is zeker grappig om de snavel van de steltloper te zien verdwijnen in een schelp, maar het kan ook slecht aflopen voor de vogel als de sluitspier niet meteen lam geprikt wordt. Het eerste officiële slachtoffer dateert uit 1939. Toen werd langs de kust van South Carolina een Amerikaanse scholekster gevonden waarbij de snavel muurvast was dichtgeklemd door een reusachtige venusschelp. De vogel kon niet wegkomen en verdronk in het opkomende tij. De teller staat inmiddels op zeker acht watervogels die door tweekleppige schelpen bij de snavel genomen zijn.

Eenvoudigweg over wad en slik lopen is ook niet zonder gevaar. Op 6 mei 2012 verloor een rosse grutto in China de middelste teen van zijn linkerpoot aan een happende oester. Uitermate dramatisch is ook het lot van een Deense kokmeeuw: die trapte in 1969 met beide poten op een zwanenmossel en kwam klemvast aan zijn eind. Het bewijs – meeuw met mossel – is te zien in het Hørsholm Museum voor jacht en bosbouw.

Alle winnaars van de Groene Camera 2017 zijn tot en met 25 juni te zien in het Natuurhistorisch Museum Rotterdam.