Drie Nederlanders bij Talibaan-aanval op Afghaanse legerbasis

Bloedbad in Mazar-i-Sharif Nederlands ‘medisch team’ bleef ongedeerd, zo meldde het ministerie van Defensie ruim dertig uur na de bloedige aanslag.

Foto Ghulamullah Habibi/EPA

Bij de aanval van de Talibaan op het hoofdkwartier van het Afghaanse legerkorps, waarbij vrijdag ongeveer 135 doden zijn gevallen, waren drie Nederlandse militairen van een ‘medisch team’ aanwezig. Dat maakte het Nederlandse ministerie van Defensie ruim 30 uur na de aanslag bekend.

Volgens Defensie zijn de Nederlanders niet in gevaar geweest en waren ze niet betrokken bij gevechtsacties. Wel zouden ze na de aanval medische steun hebben verleend aan „enkele Afghaanse militairen”. Tijdens de aanval op Camp Shaheen, bij de noordelijke stad Mazar-i-Sharif, bevonden zich volgens Duitse bronnen geen Duitse militairen in het kamp.

Op de dag van de aanval kwam juist een tweedaags bezoek ten einde van de minister van Defensie Hennis-Plasschaert en de Commandant der Strijdkrachten Middendorp aan de Nederlandse militairen die in het kader van NAVO-missie Resolute Support zijn gelegerd op Camp Marmal, ongeveer 20 minuten rijden van Camp Shaheen. Zij bevonden zich tijdens de aanval in het vliegtuig terug naar Nederland.

In samenwerking met Duitsland voert het Nederlandse contingent adviseurstaken uit, waarbij NAVO-officieren Afghaanse collega’s begeleiden. Inclusief adviseurs, medici, een transporteenheid en een gevechtseenheid ter beveiliging, bestaat het contingent uit ongeveer 100 man. De Nederlandse adviseurs oefenen een deel van hun taak uit op Camp Shaheen, waar het hoofdkwartier is van Afghanistans noordelijke 209 Corps.

De Afghaanse president Ashraf Ghani riep zondag uit tot dag van nationale rouw om de slachtoffers van de aanval te herdenken. Hij veroordeelde die als „lafhartig” en het werk van „ongelovigen”. Over het aantal slachtoffers deden tegenstrijdige berichten de ronde. Aanvankelijk zou het gaan om 100 doden, later werden 140 doden gemeld. Sinds zondag houden de Afghaanse strijdkrachten het op 135 doden en ruim 80 gewonden. Daarmee is het een van de bloedigste aanvallen van de Talibaan sinds zij in 2004 een opstand startten tegen de Afghaanse regering en „hun buitenlandse, ongelovige aanhangers”.

Mohammad Qurban, een 19-jarige officier in opleiding die bij de aanval gewond raakte, zei tegen Afghaanse journalisten: „Hun leider zei: ‘richt op hun hoofden’. Ze doodden veel van mijn vrienden, ik sprong uit een raam om te overleven.” Volgens Mohammad Hussain, een officier die eveneens gewond raakte, kwamen de Talibaan het kamp binnen in twee legertrucks met daarop machinegeweren gemonteerd. „Ze schoten op iedereen, drongen de moskee en de kantine binnen waar ze iedereen, zonder aanziens des persoons, doodden”.

Bomvesten

De imam van de moskee op de legerbasis verklaarde dat de aanvallers Afghaanse legeruniformen droegen en ze officiële Afghaanse legervoertuigen gebruikten. „Volgens de bewakers waren hun identiteitsbewijzen perfect, tot aan de bloedgroep aan toe. Ze kwamen langs drie checkpoints maar werden bij het vierde tegengehouden. De officier vroeg hen hun wapens in te leveren. Ze weigerden en schoten hem door zijn hoofd”, zei de imam tegen tv-zender Tolo. Daarna begonnen de tenminste tien Talibaanstrijders in het rond te schieten.

Veel van de Afghaanse militairen waren ongewapend omdat ze net hadden gebeden in de moskee. Ze vluchtten de moskee in, waar de aanvallers hen achtervolgden. Twee van hen hadden bomvesten om en bliezen zich binnen op.

Oud-president Karzai, die de Talibaan al jaren „onze broeders” noemt en hen beschouwt als „misleid” door buitenlandse krachten, zei na de aanval dat hij hen niet langer als broeders zag. Politiek commentatoren in Kabul verklaarden die koerswijziging vanuit Karzai’s wens mee te doen aan de presidentsverkiezingen in 2019.