Column

Denken aan Scarponi, de lachende antiheld

Ik herinner me een videootje van lang geleden. Scarponi kwam uit een hoorzitting. Over zijn banden met een wereldberoemde dopingdokter loog hij niet tegen de reporters. Helden liegen, antihelden lachen.

Michele Scarponi overleed zaterdag op 37-jarige leeftijd. Foto Sebastien Nogier/EPA

In alle reacties van collegae na zijn dood, en in alle necrologieën lees ik dat Michele Scarponi een goedlachs mens was. Misschien was dat ook zo. Goedlachsheid is per slot van rekening een reddingsboei voor anderen.

Maar in pedaaltred, in gelaatskleur, in de onvolmaaktheid van een bijna ziekelijke pezigheid vertegenwoordigde Scarponi een haast niet te verdragen droefenis. Ik zag hem jarenlang dolen door dit of dat gebergte, altijd op een veel te grote versnelling, en meestal tot as vergaand. Scarponi was een antiheld, en hij wist het.

Dit was zijn wapen: lachen om zichzelf, wat uiteraard iets anders is dan goedlachsheid. De dood van Scarponi raakte me, omdat hij een antiheld was.

Niet liegen, maar lachen

Ik herinner me een videootje van lang geleden. Scarponi kwam uit een hoorzitting. Over zijn banden met een wereldberoemde dopingdokter loog hij niet tegen de reporters. Helden liegen, antihelden lachen.

De dood is van voorbijgaande aard. Valverde won Luik-Bastenaken-Luik op een mengsel van rouw en topvorm. De overwinningspremie deed hij toekomen aan de weduwe Scarponi en haar twee zoontjes. In een wieleropera is onmacht het beste middel om macht uit te drukken. Kortom: hierna kan iedereen verder.

Het was een fantastisch voorjaar. In plaats van hermetische ploegstrategieën zagen we een snaakse lust tot koersen. De gretigheid te winnen won het van de angst om te falen. Wielrenen is een flink aantal jaren zo goed als dood geweest omdat de lust tot koersen verzandde in de kleine lettertjes van pakweg een reisverzekering: alles is gedekt behalve de vreugde.

Van Avermaet en Gilbert waren de koningen van de kasseien. In de Ardennen heerste Valverde en Valverde alleen. Nu kruipen anderen uit de wielerkelder: de ronderenners. Waar hebben ze gezeten al die tijd? De meesten op een vulkaan in Tenerife, daar waar zuurstofgebrek leidt tot goed bloed voor later.

De vulkaan Teide is zo’n beetje de Everest voor wielrenners geworden. Je sterft er een beetje - voor de goede zaak.

Peter Winnen is oud-wielrenner en schrijver.