Recensie

De westerse christelijke cultuur is failliet

Twee toneelstukken van de Franse schrijver Houellebecq maken duidelijk dat volgens hem de westerse christelijke cultuur failliet is.

cccc Foto Phile Deprez

Een zelfmoordterrorist als reddende engel des doods met zuiver witte vleugels: dat was het slotbeeld van Platform naar de roman van Michel Houellebecq, in 2005 geregisseerd door Johan Simons bij NTGent. Nu herneemt Simons Platform in een Houellebecq-marathon samen met Onderworpen (Soumission, 2015). De engel is helaas verdwenen.

Platform begint met een explosie als symbool van de vernietiging van de consumptiecultuur. Plaats van aanslag is het Thaise paradijs Eldorador Afrodite, waar de westerling zwelgt in exotische seks. In Onderworpen keert het hedonisme terug, zodat de toeschouwer van het vier uur durende theatertweeluik goeddeels naar een en dezelfde obsessie kijkt. Acteur Steven Van Watermeulen draagt beide voorstellingen, eerst als Michel daarna als François.

Waar Platform eindigt gaat Onderworpen verder: in een provocerende denkoefening neemt Houellebecq ons mee naar de toekomst, waar Frankrijk een moslim als president heeft en de sharia regeert. De Sorbonne is in handen van de politieke partij Moslim Broederschap. Universitair docent François krijgt ontslag, maar als hij beseft dat de islam hem kans biedt op nieuwe liefdes, in meervoud, besluit hij zich te bekeren. Onderworpen speelt zich af in hetzelfde ruïneuze decor als Platform. Opnieuw banjeren de acteurs door de puinhoop van tuinstoelen en matrassen.

Onderworpen is zo actueel, dat je als toeschouwer het idee hebt dat er voor je ogen een wending in de westerse geschiedenis wordt geschreven. Het moment waarop Van Watermeulen de islam als verlossing beschouwt, vertolkt hij knap als in een klassieke tragedie. In een enkele scène wordt de westerse christelijke cultuur failliet verklaard.

Toch is er in dramaturgisch opzicht veel onevenwichtig, alsof de bewerker alsmaar inzet op seks als platitude en daarmee Onderworpen tot één dimensie reduceert. Op den duur gaat die bezetenheid irriteren, alsof dát de enige reden is voor de innerlijke omslag van Houellebecqs hoofdpersoon. In woordkeuze en speelstijl is geen duidelijk onderscheid gemaakt tussen beide voorstellingen.

De brandende vraag blijft of de islam werkelijk het enige antwoord is op de ondergang van het Westen. De terroristische aanslag waarmee Platform begint, geeft aan Van Watermeulen de woorden: „Ik veracht de islam.” Daarom is die engel destijds zo scherp gekozen, omdat dood en verlossing in een theaterbeeld samenkomen. De laatste woorden van Van Watermeulen in Onderworpen over herrijzenis en nieuw leven zijn poëtisch, maar de ondertoon is opnieuw vervulling van de lichamelijke liefde en daar is niets op tegen, maar het is echt te weinig en doet de roman tekort.