Tranen om verlies van een kleurrijke gangmaker

Luik-Bastenaken-Luik

De oudste wielerklassieker stond in het teken van de dood van de Italiaanse wielrenner Michele Scarponi. De koers begon met een minuut stilte en eindigde met een huilende winnaar.

Ploeggenoten zijn in gedachten bij Michele Scarponi, vlak voor de start.

Bij het opdraaien van Place Saint-Lambert in Luik kan de Deense wielrenner Jakob Fuglsang zijn tranen niet meer tegenhouden. Achter zijn grote zonnebril biggelen ze over zijn wangen, terwijl de speaker zijn Kazachstaanse ploeg Astana naar de eerste startrij dirigeert. Met z’n achten staan ze daar ineens op de voorgrond, alleen met hun verdriet, rouwend om hun ploeggenoot die 26 uur eerder het leven liet na een botsing met een busje tijdens een ochtendtraining in Italië – Michele Scarponi, 37 jaar, vader van twee. Renners en publiek in Luik beginnen te klappen. En blijven dat een minuut lang doen.

Het applaus is een eerbetoon aan een renner die bekendstond om zijn humor, zei Tom Dumoulin zaterdag tegen nu.nl. Altijd een grijns op het gezicht, een mens van grappen en grollen. Op Twitter postte Scarponi geregeld filmpjes van trainingen die hij afwerkte samen met een papegaai, die hij Frankie noemde. De vogel vloog mee, zat op zijn schouder, knabbelde aan zijn stuurlint of aan zijn vermogensmeter. Een hoogst onwaarschijnlijk duo, maar Scarponi, in 2011 winnaar van de Ronde van Italië na de dopingschorsing van Alberto Contador, kennelijk ten voeten uit.

Een kleurrijke gangmaker juist op koersdagen als deze, als het te koud is voor de tijd van het jaar, als de omgeving niet altijd motiveert en de 258 lange kilometers al bij voorbaat zwaar wegen. Scarponi had het wel op La Doyenne, van de vijf keer reed hij zich vier keer in de top-10, met een vierde stek in 2003 als hoogtepunt. Twee keer zat hij zelf overigens een dopingschorsing uit, na bezoekjes aan de omstreden artsen Eufemiano Fuentes en Michele Ferrari.

Dit jaar, in de nadagen van zijn loopbaan, koos hij een andere route, in voorbereiding op zijn kopmanschap in de jubileumeditie van de Giro d’Italia, na het wegvallen van Fabio Aru. Het leven lachte Scarponi toe. Een week geleden nog maar won hij de eerste etappe in de Ronde van de Alpen. En afgelopen vrijdagavond zette hij een foto met zijn kinderen online. We zien Scarponi zich opdrukken met zijn kroost op zijn rug. Een glimlach valt niet te onderdrukken. Maar anderhalve dag later staan twee ploegmaats die in de Alpen met hem fietsten om zijn dood te treuren.

Alle renners willen starten

Het applaus deze zondag hebben ze nodig, de acht mannen die besloten daags nadat het noodlot hun een vriend en collega had ontnomen toch door de Ardennen te gaan fietsen, van Luik naar Bastenaken en weer terug naar Luik, de zwaarste onder de klassiekers. Er was nooit overwogen niet aan de start te verschijnen, zegt Astana-woordvoerder Vitali Abramov bij de blauwgele touringcar, die tijdens de teambespreking voor de race potdicht zit. Hoe kapot iedereen ook zat, „alle renners willen starten. Het is het best denkbare eerbetoon aan Michele. Onze mannen zijn ook actief in Kroatië. We zijn juist extra gemotiveerd. We willen voor hem winnen”.

Er moeten heel gekke dingen gebeuren in een peloton, willen renners niet meer opstappen. Wielerkoers Dwars door Vlaanderen ging vorig jaar een dag na de terreuraanslag op de luchthaven van Zaventem door, sterker: starten was een boodschap aan hen die dood en verderf zaaiden. Wielrenners buigen nooit, zo klonk het bij de start in Roeselare. En ook dodelijke valpartijen, buiten de koers en zelfs die tijdens een race, brachten het peloton niet tot stilstand: op de dag dat Fabio Casartelli in 1995 in de Tour verongelukte in de afdaling van de Col de Portet d’Aspet, won Richard Virenque de etappe. Casartelli’s ploegmakkers wilden uit de Tour stappen, maar zijn weduwe praatte hen om. De etappe van de volgende dag werd geneutraliseerd verreden, zij aan zij, als eerbetoon. En ook de renners in de Giro waarin Wouter Weylandt verongelukte, die van 2011, gingen een dag later weer aan het werk, hetzij op gepaste wijze: van een wedstrijd was geen sprake.

Het komt wel voor dat een ploeg het niet meer kan opbrengen te rijden, zoals na het dodelijke ongeluk met Antoine Demoitié, vorig jaar maart in Gent-Wevelgem. Hij viel, werd aangereden door een motor en overleed later in een ziekenhuis. Er waren ploegmakkers die het zagen gebeuren. Zijn ploeg Wanty-Groupe Gobert bleef twee dagen later weg van de Driedaagse De Panne-Koksijde. Een verschrikkelijk moeilijke beslissing, zegt ploegleider Hilaire Van der Schueren bij de start in Luik. „Zijn ouders en vriendin zeiden: rijden! Doe het voor hem. Maar er waren jongens bij die als een klein kind stonden te huilen. Ik heb met andere ploegleiders gebeld om te vragen wat ik moest doen. Uiteindelijk heb ik ze uit die koers gehouden, en ik ben blij met die beslissing. Soms is het onverantwoord om door te gaan. Het hele team moet zoiets willen.”

Geen woorden

De renners van Astana waren zondag unaniem. Ze kwamen een dag eerder weliswaar niet naar de ploegenpresentatie, maar Luik-Bastenaken-Luik wilden ze rijden, in de geest van Michele Scarponi. En dat ging niet onverdienstelijk.

De man die de dag huilend begon, gebruikte zijn verdriet als brandstof. Na de steile slotklim in Ans, bij Luik, finishte Jakob Fuglsang als vijftiende, op slechts tien seconden van winnaar Alejandro Valverde. Daarna stoof hij naar de teambus, sprong onder de douche, en wenste met niemand over zijn prestatie te spreken. „Omdat hij geen woorden kan vinden”, zei persman Abramov. Ploegleider Lars Michaelsen lukte dat wel, ook vechtend tegen de tranen: „Jakob heeft de ploeg vandaag gered. Sommige renners kunnen de dood van Michele het best verwerken door hun benen te laten spreken. Jakob wilde iets groots doen vandaag. En dat heeft hij gedaan.”