Frankrijk rekent af met traditionele politieke partijen

Franse presidentsverkiezingen De partijloze sociaal-liberaal Macron neemt het op tegen de nationaal-populist Le Pen. Wat doen de kiezers van de verliezers?

Foto Frank Augstein/AP

De Franse kiezer heeft hard afgerekend met de traditionele politieke partijen die het land sinds de Tweede Wereldoorlog bestuurd hebben. De in vier politieke kampen verdeelde republiek koerst af op een ingrijpende herschikking van het politieke landschap, nu de twee grote machtsblokken, de Parti Socialiste op links en Les Républicains op rechts, geen van beide vertegenwoordigd zijn in de finale kiesronde van de presidentsverkiezingen. Na de tweede ronde op 7 mei worden de parlementsverkiezingen in juni cruciaal voor de stabiliteit van het land en de ambities van de gekozen president.

Dat zijn de belangrijkste uitkomsten na de winst in de eerste stemronde van de presidentsverkiezingen, zondag, van de partijloze sociaal-liberaal Emmanuel Macron en de nationaal-populist Marine Le Pen. Macron haalde met ongeveer 24 procent de meeste stemmen, Le Pen bleef steken op 21 procent. De centrum-rechtse kandidaat François Fillon en de uiterst linkse Jean-Luc Mélenchon volgen met elk krap 20 procent van de stemmen. De Parti Socialiste van de vertrekkende president François Hollande, wiens beleid door geen van de kandidaten in de campagne verdedigd werd, is weggevaagd. Deze kwam met de op de uiterst linkse partijvleugel opererende kandidaat Benoît Hamon niet verder dan 6 procent – een dieptepunt.


Macron ging al zo’n twee maanden aan kop in de peilingen, maar zijn winst in de eerste ronde is daarmee niet minder spectaculair. De voormalige minister van Economie van Hollande bouwde uit het niets een politieke beweging op, En Marche!, waarmee hij niet alleen duizenden nieuwe jonge kiezers wist te mobiliseren, maar waarmee hij op weg naar de verkiezingsdag ook steeds meer brokstukken van de bestaande partijen opveegde.
Met zijn optimistische pro-Europese boodschap en zijn weigering zich op de klassieke politieke scheidslijn links-rechts te positioneren, sprak hij bij veel kiezers aan. „In een jaar tijd hebben we het gezicht van de Franse politiek veranderd”, zei hij zondagavond tegen zijn euforische aanhang in Parijs. Hij beloofde de „president van de patriotten tegenover de dreiging van nationalisten” te worden.

Le Pen sprak over een „historisch resultaat”, ook voor haar partij. Meer kiezers dan ooit, 7,7 miljoen, stemden op het Front National (FN). Met haar pleidooi voor vertrek uit de Europese Unie, economisch protectionisme en een stop op immigratie is dat aantal een afstraffing voor de partijen die Frankrijk de laatste vijftig jaar hebben bestuurd.

Toch is de tweede plek voor haar zuur. Met de immense impopulariteit van de zittende regering, de maar heel langzaam dalende werkloosheid en een bijna continu debat over de Franse identiteit, stond ze er in de peilingen heel lang beter voor. En anders dan veel analisten voorspelden, lieten de Fransen zich bij hun keus niet afleiden door de aanslag op een politieagent afgelopen donderdag op de Champs-Élysées in Parijs.

Maar om over twee weken president te worden zal Le Pen haar stemmenaantal ruim moeten verdubbelen. Dat is bij een lage opkomst niet onmogelijk, maar wel gecompliceerd. De opkomst bij de eerste ronde was boven verwachting: net onder de 80 procent. Maar vooral voor linkse kiezers is de keuze tussen het economisch liberalisme van Macron en de anti-immigratieretoriek van Le Pen een keus tussen twee kwaden.

Twitter avatar Place_Beauvau Ministère Intérieur #Presidentielle2017 Vue d’ensemble des résultats : candidat arrivé en tête dans chaque département https://t.co/R1pH2ELiJj

De grootste verliezer van de eerste ronde, François Fillon, heeft zijn aanhang opgeroepen om Macron te stemmen teneinde de verkiezing van Le Pen te voorkomen.
De vraag is hoe Le Pen een deel van Fillons kiezers gaat verleiden. Vooral haar plan om terug te keren naar de Franse franc ligt bij dit overwegend welgestelde electoraat niet goed.
De socialist Benoît Hamon deed dezelfde oproep, met de vileine toevoeging dat Macron „niet links is” maar dat tegen elke prijs „extremisme” (van Le Pen) tegengehouden moet worden. Dat Hamon de kandidaat van de PS werd, was een interne reactie op het door Hollande, deels op aanwijzing van Macron, gevoerde hervormingsbeleid.

Wat de 7 miljoen kiezers van Jean-Luc Mélenchon gaan doen is het minst duidelijk. Zij hebben de sleutel in handen. Ook zij hebben zich voor een groot deel van „het systeem” afgekeerd. Economisch staan zij met hun kritiek op het in de EU dominante neoliberalisme dichter bij Le Pen dan bij Macron. Maar Mélenchon weigerde zondagavond op basis van de eerste uitslagen een stemadvies te geven. „Iedereen weet wat hem te doen staat”, zei hij. De verwachting is dat veel van zijn kiezers op 7 mei thuis blijven of blanco zullen stemmen.

Uit peilingen blijkt dat Macron met zo’n 60 procent van Le Pen zou kunnen winnen. Dat is voor mensen die geloven in een open, modern Frankrijk goed nieuws. En ook in Brussel zal opgelucht adem gehaald worden nu het doemscenario, een tweede ronde tussen Le Pen en Mélenchon, zich niet voltrokken heeft.

Maar de meerderheid die Macron in de eerste ronde haalde, is klein. Met krap 24 procent heeft hij een smallere basis dan in 2007 Nicolas Sarkozy (31,2 procent) of Hollande in 2012 (28,6 procent). Geen van beiden bleek in staat ingrijpende hervormingen te realiseren. En al mag de links-rechtsverdeling voorbij zijn, de uitslag van zondag wijst op een ernstig verdeeld en gepolariseerd land.

Tussen twee kiesrondes ontstaat meestal een nieuwe dynamiek. Al weken schildert het FN ex-bankier Macron af als „erfgenaam” van Hollande en de man die namens de gevestigde partijen „het systeem” overeind moet houden. De partij zal een poging doen de ongeveer 10 miljoen kiezers die in de eerste ronde thuisbleven alsnog naar de stembus te lokken. Macron zal op zijn beurt moeten uitleggen hoe hij denkt in het parlement een stabiele regeringsmeerderheid te krijgen zonder zijn belofte van politieke vernieuwing op te geven.