Commentaar

De luipaardparaplu

De grote leegte bestaat nog en Nienke Beintema trok er voor ons een week in rond, door de sneeuw van het verlaten Altai-gebergte, op zoek naar het sneeuwluipaard. Nou ja, verlaten, Beintema zat tussen wolvenjagers en Siberische steenbokken. Achter iedere bergkam konden zwaar bewapende stropers schuilen. Op de parkeerplaats liggen dode wolven.

Het is een prachtige reportage uit een voor velen volslagen onbekende wereld. Toch heeft dit dunbevolkte gebied, op de grens van China, Mongolië en Rusland, niet alleen een bijzondere natuur, het heeft ook een lange mensengeschiedenis. Duizenden jaren lang was het onderdeel van verschillende Mongoolse Khanaten. Daarna werd het – in de zeventiende eeuw – Chinees. In de negentiende eeuw kwam het onder Russische invloed, door de infiltratie van Russische goudzoekers en van ‘Oude Gelovigen’, op de vlucht voor de Russische Kerk.

Naar dit gebied worden nog steeds weinig goedkope reizen aangeboden. Beintema kon er alleen maar komen als gast van het Wereldnatuurfonds, dat er cameravallen onderhoudt voor telling van het sneeuwluipaardbestand.

Haar Russische Altai-verhaal laat zien hoe groot onze planeet aarde nog altijd is, maar ook hoe slecht het gaat met de natuur – ook in zo’n afgelegen gebied. Het schimmige en zeldzame sneeuwluipaard wordt als een symbooldier gezien, een ‘paraplusoort’ in het jargon: aan de top van de voedselpiramide. Als het met dit dier goed gaat, gaat het goed met de hele piramide: alles onder de luipaardparaplu. Maar het gaat helemaal niet goed. Het dier wordt bejaagd om zijn mooie vacht en van zijn botten worden dure Chinese medicijnen gemaakt. Het is niet makkelijk dat proces te doorbreken.

De treurige boodschap van het mooie sneeuwluipaardartikel is: laten we dan eerst maar eens tellen hoeveel er nog zijn. Dat is al moeilijk genoeg.