Column

Waar is het zelfbewuste Frankrijk van de TGV gebleven?

Wat gaan de Fransen doen met de erfenis van Douaumont en wanneer verrijken ze Europa weer eens met hun vernuft, vraagt Michel Kerres zich af.

President Mitterrand en kanselier Kohl in 1984 op het oorlogskerkhof Douaumont. Foto AP

Elke ochtend, ergens kort na acht uur, schuift hij binnen op spoor 12. De bordeauxrode verf is dof, het zilvergrijs bladdert af, maar voornaam is hij nog. Wel is hij vaak te laat, de hogesnelheidstrein Thalys uit Parijs. De forenzen op het belendende spoor van Rotterdam Centraal lopen dan vertraging op, want de Thalys mag altijd als eerste weer weg.

In de jaren 80 was de TGV het uithangbord van Frans kunnen. Van technisch vernuft, van gewaagde styling. En van een innige band tussen staat en kapitaal, dat ook. De TGV was onmiskenbaar Frans én een symbool van de toekomst. De TGV was benijdenswaardig.

Het zelfbewuste Frankrijk van de TGV, waar is dat land gebleven? Het Frankrijk dat zo graag belangrijk wilde zijn in Europa, liefst net iets belangrijker dan Duitsland, maar op zijn minst gelijkwaardig aan de buur waarmee het zo’n bloedig verleden deelt. Hand in hand stonden kanselier Kohl en president Mitterrand op het soldatenkerkhof Douaumont bij Verdun. Ook in de jaren 80. Een ijzersterk teken van verzoening, van optimisme voor een heel continent.

Zondag gaan de Fransen naar de stembus voor de eerste ronde in de presidentsverkiezingen en heel Europa houdt de adem in. Wat gaan de Fransen doen met de erfenis van Douaumont en wanneer verrijken ze Europa weer eens met hun vernuft?

De kopgroep overziend, rijst de vraag waar men zich de meeste zorgen over moet maken. Over de EU? Over de NAVO? Of toch, als vanouds, over de sloffende economie van het euroland. Frankrijk wilde altijd iets bijzonders zijn, maar voegde zich uiteindelijk toch naar de internationale orde. Blijft dat zo?

Het onverbloemde anti-Europeanisme van de rechtse Marine Le Pen en de linkse Jean-Luc Mélenchon solt met de erfenis van Mitterrand en Kohl. Le Pen wil soevereiniteit terughalen uit Brussel. Krijgt ze haar zin niet, dan opteert ze voor een Frexit en de terugkeer van de franc. De kladderadatsch die dan volgt is zó adembenemend, dat het moeilijk valt die toekomst te denken. Een EU zonder Frankrijk is immers geen EU. Ook Mélenchon wil Europa ingrijpend veranderen. Hij ziet bijvoorbeeld niets in vrij verkeer van personen.

Beiden zijn ook uitgesproken anti-Duits. Voor Le Pen en Mélenchon is Duitsland geen hervonden vriend, maar een herontdekte vijand. Een nieuw Verdun ligt niet in het verschiet, maar hand-in-hand zal het in de EU ook niet meer gaan.

Le Pen en Mélenchon delen ook een voorliefde voor Rusland. Le Pens campagne wordt mede met Russisch geld gefinancierd, beiden willen Frankrijk eventueel uit de NAVO tillen. Een NAVO zonder Frankrijk is wél denkbaar, maar gezien recente NAVO-aarzelingen in Washington en assertiviteit in Moskou niet wenselijk.

Verrassend genoeg maakt de bestuurlijke buitenlandelite in Parijs zich vooral zorgen over de links-liberale Emmanuel Macron en de traditionele conservatief François Fillon. Politico sprak hoge ambtenaren op Defensie en Buitenlandse Zaken. Zij geloven niet in een zege van de populisten, maar vrezen wel de zwakte van de centrumkandidaten als ze worden verkozen.

Kunnen zij Frankrijk sociaal en economisch zó ingrijpend moderniseren dat de onvrede afneemt en het land economisch aansluiting vindt bij Duitsland? Dat is precies het soort revolutie waar de Fransen níet goed in zijn. Frankrijk geldt niet voor niets al sinds midden jaren 90 als hervormingsresistent.

Maar dat zijn zorgen voor de middellange termijn, op zijn best. Nú gaat het vooral om de vraag of de derde aanval op de naoorlogse liberale wereldorde na Trump en Brexit uit Parijs komt.

Redacteur geopolitiek Michel Kerres en Oost-Europa-deskundige Hubert Smeet schrijven afwisselend over de kantelende wereldorde.