Klap voor de anti-kennislobby

Bij elk hervormingsplan duikt het nieuwe zelfstandige leren weer op. Donderdag perkte de Kamer de invloed van de antikennislobby op Onderwijs 2032 in.

ANP Jerry Lampen

Het is gebeurd: de Tweede Kamer heeft de onderwijsvernieuwing van staatssecretaris Dekker (Onderwijs, VVD) en de lange, gesubsidieerde armen van zijn onderwijsapparaat ingeperkt. De vers gekozen commissie Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen heeft zijn visitekaartje afgegeven met een ferme conclusie na twee kritische hoorzittingen. Een sterke commissie. Acht moties werden aangenomen om Dekkers beloftes vast te pinnen. Hij heeft geen meerderheid meer in de Kamer. Dankzij deze politieke pauze voor er een nieuw kabinet is, heeft het parlement op het gebied van onderwijs een grotere rol opgeëist. Het vernieuwingsinitiatief onder de naam Onderwijs 2032 wordt bescheidener.

Bij elke gelegenheid staat de lobby voor het zelfstandige leren met de leraar als coach weer op. ,,Kennis is niet meer van de leraar van de klas, kennis is overal en van iedereen’’, zo vatte hoogleraar cognitieve psychologie Harold Bekkering de visie tijdens de hoorzitting samen. Je kunt toch alles zelf opzoeken op je telefoon? Maar kennis overal is kennis nergens. Hoe word je mediawijs als je de kennis mist om feiten te selecteren? Nationale experimenten in Frankrijk en Zweden met het nieuwe leren hebben het onderwijs daar flink achteruitgeholpen.

De Kamer heeft nu een nieuwe machtsgreep van de antikennislobby voorkomen. De leerling kan niet alles zelf. Het bijbrengen van kennis blijft belangrijk. De rol van de zogenoemde ontwikkelteams voor vernieuwing van de lesvakken onder de naam wordt kleiner. Die gaan alleen nog over de vakken Nederlands, Engels, rekenen en wiskunde, digitale geletterdheid en burgerschapskunde. Andere vakken mogen alleen op verzoek van de vakverenigingen van leraren worden gedaan (motie Van Meenen D66). Vernieuwing van andere vakken kan uitsluitend op verzoek van de vakverenigingen. De vernieuwing van het lescurriculum mag alleen nog gaan over de inhoud van de vakken en niet over de manier waarop les wordt gegeven. Multidisciplinair, ,,vakoverstijgend’’ onderwijs en het vak persoonsvorming worden ook aan de scholen overgelaten (motie Rog, CDA). Die mogen dat zelf weten. Vakoverstijgend onderwijs is alleen zinvol als de leerling al kennis van vakken heeft, hadden alle leraren tijdens de hoorzittingen gezegd.

Traag Engels leren

Het gevaar is wel dat de Nederlandse scholen sterk zullen blijven verschillen in kwaliteit. In haar laatste Staat van het Onderwijs zag de Onderwijsinspectie dat als een probleem. Ook na de vernieuwing kan de ene school de wetenschappelijk omstreden methode van het nieuwe, zelfstandige leren omhelzen met de leraar als coach op de achtergrond, kan de andere school de leraar een grotere rol laten spelen. En de vraag is ook met welke les-vormen die ontwikkelteams gaan experimenteren als ze alleen over de inhoud mogen gaan.

En welke vakken of onderdelen komen te vervallen als digitalisering, burgerschapskunde en techniek nieuw worden ingevoerd? Volgens wetenschappelijk onderzoek is Engels op de basisschool weinig efficiënt. Jonge kinderen leren langzamer een taal op school dan oudere. En Nederlanders spreken al heel goed Engels, onder andere door de ondertiteling op film en tv. Waar komt het strakker georganiseerde Engels op de basisschool voor in de plaats? En hoe moet het met Duits en Frans? De kans is groot dat de tweede verplichte taal voor Havo, VWO verdwijnt. Hoe moet nu na Brexit Duitsland nog belangrijker wordt voor Nederland?

Nog steeds geen draagvlak

Tijdens de hoorzittingen werd duidelijk waarom Onderwijs 2032 nog steeds weinig draagvlak heeft onder leraren. Vertegenwoordigers van de lerarenvakorganisaties van de kernvakken wiskunde en rekenen, Nederlands, moderne talen, geschiedenis en aardrijkskunde, zeiden dat ze er niet in geslaagd waren om door te dringen tot de organisatie van 2032. Er werd gesuggereerd dat ze met de Onderwijscoöperatie ,,om de tafel’’ moesten gaan zitten. Maar die Onderwijscoöperatie vertegenwoordigt hen juist. Ze zijn er lid van. Kamerlid Paul van Meenen (D66) vindt daarom dat die Onderwijscoöperatie geen echte lerarenorganisatie is.

De Onderwijscoöperatie maakt deel uit van een door het ministerie betaalde coalitie van partijen die de onderwijshervorming tot stand moet brengen. Men kan zich ook afvragen of gesubsidieerde instellingen als het Landelijk Aktiekomité Scholieren (Laks) de 1 miljoen middelbare scholieren en het klachtenplatform Ouders en Onderwijs de vijf miljoen ouders vertegenwoordigen. Ze worden wel als de vertegenwoordigers voorgesteld. Jeanet Hommel van de vakvereniging voor economie en maatschappijwetenschappen vond dat voor hervormingen altijd ,,De verkeerd mensen worden gevraagd die wel tijd hebben omdat ze niet meer voor de klas staan maar andere dingen doen.’’

In tegenstelling tot wat Onderwijs 2032 beweert, heeft de onderwijsvernieuwing afgelopen elf jaar niet stilgestaan. Verscheidene vakorganisaties hebben afgelopen jaren uit zichzelf hun vakken al aan de tijd aangepast. En als dat niet kon, was dat vaak te wijten aan de beleidstraagheid. De broodnodige modernisering van het vmbo-lesprogramma is nu zelfs geblokkeerd door de grotere ambities van Onderwijs 2032.

Geen wetenschap

Vernietigend was de kritiek van hoogleraar onderwijspsychologie Paul Kirschner. Hij vond dat de voorgenomen hervormingen niet op wetenschap was gebaseerd. Zelfstandig leren is leuk voor begaafde leerlingen maar maakt de achterstand van minder slimme kinderen groter. Kirschner zei dat je eerst het schaakspel moet leren voor je de zetten kunt doen. ,,Je kunt wel een creatieve oplossing bedenken voor een brug maar ik zou niemand over die brug laten rijden’’, zei hij. Hij vond de literatuurlijst van de commissie Schnabel, die Onderwijs 2032 ontwierp, ,,schrikbarend leeg wat wetenschap betreft’’. Creativiteit en kritisch denken zijn geen vakken die je op school kunt leren. Er is ook kennis voor nodig. Dat stelde ook Eppo Bruins (Christenunie) vast.

Zelfs het kersverse Kamerlid Bente Becker (VVD) die partijgenoot Dekker eloquent verdedigde, had een mooie anekdote over haar schooltijd onder de tweede fase, een eerdere onderwijsvernieuwing. Ze had zich knap verveeld in de les. ,,De bedoeling was om leraren coach te laten zijn’’, zei ze. ,,Het effect was dat veel docenten hun eigen vak niet meer herkenden. De docent was meer toezichthouder en liep rond om vragen te beantwoorden die niet kwamen. Ze wisten zelf niet hoe ze het moesten doen’’. Hopelijk heeft Onderwijs 2032 niet dat effect.

Blogger

Maarten Huygen

Maarten Huygen is redacteur onderwijs. Hiervoor was hij onder andere chef opinie, commentator en verslaggever voor NRC. Hij woonde 11 jaar in Washington, in de vroege jaren tachtig voor omroepen en bladen, in de vroege jaren negentig voor NRC.