‘De werkgevers zetten de polder onder water’

Maurice Limmen

Middenin een lastige kabinetsformatie hebben vakbonden het overleg met werkgevers afgebroken. CNV-voorzitter Maurice Limmen is woedend dat werkgevers het derde jaar WW niet steunen. „Er is wat beschadigd. Als de politiek verstandig is, wachten ze.”

Foto: Rob Voss/Hollandse Hoogte

Maurice Limmen, voorzitter van de christelijke vakbond CNV, had eerder deze week een plan voor dit vraaggesprek. Hij wilde graag uitleggen waarom de vier politieke partijen die nu onderhandelen over een nieuw kabinet – VVD, CDA, D66 en GroenLinks – goed moesten luisteren naar de Nederlandse ‘polder’, het overleg van werkgevers en werknemers.

Uit ongerustheid, ja.

Al wil hij gezegd hebben: zijn CNV praat met alle partijen aan de formatietafel.

De liefde voor de polder vind je alleen bij het CDA. Niet bij GroenLinks en bij D66 is er zelfs een uitgesproken afkeer. De VVD geldt als partijdig: vooral vóór de werkgevers.

Aan het eind van de week is alles anders. Maurice Limmen zit op vrijdagmiddag met een cappuccino in de kantine van de Sociaal-Economische Raad (SER) in Den Haag, maar een echte polder is er even niet meer.

Kort daarvoor zijn de vakbonden boos weggelopen uit hun overleg met de werkgevers – die volgens de bonden opeens een afspraak van vier jaar geleden, uit het zogenoemde ‘sociaal akkoord’, niet meer willen nakomen: samen zouden ze regelen dat langdurig werklozen drie jaar lang een WW-uitkering kunnen krijgen. Het kabinet-Rutte II had die uitkering ingekort tot twee jaar.

De werkgevers zeggen: we kunnen er nog niet over beslissen, bij onze achterban ligt het ingewikkeld, er komt wel veel bureaucratische rompslomp bij kijken. En dat na vier jaar? De vakbonden willen nu niet meer verder praten – ook niet over een kortere loondoorbetaling voor zieke werknemers, zoals vooral kleine ondernemers graag willen. En niet over zzp’ers en flexwerkers die vaste werknemers verdringen. Al zo’n anderhalf jaar proberen werkgevers en werknemers over die onderwerpen tot een nieuw sociaal akkoord te komen.

De werkgevers zeggen: we hebben wat meer tijd nodig. Waarom geeft u ze die niet?

„We praten hier al vier jaar over. En afgelopen week kregen we er van het ministerie van Sociale Zaken een brief over: er is groen licht, we mogen deze regeling uitvoeren. Alle onzekerheden zijn al eens besproken, dus heel geloofwaardig is dit allemaal niet.”

Wat zit er dan achter, denkt u?

„Dat moet je aan hen vragen. Ik kan wel zeggen wat het effect is: de werkgevers zetten de polder onder water. Alles komt nu stil te liggen, want wij kunnen niet vooruit met deze ballast. En juist op dit moment, nu er van alles gebeurt in de politiek.”

Net nu er een kabinet wordt gevormd.

„Ja. Dit zou het moment moeten zijn dat de polder daar invloed op uitoefent. Als CNV doen wij daar altijd veel aan om dat tot een succes te maken. Dan is dit echt wel het allerlaatste wat je kunt gebruiken.”

Jullie staan nu buitenspel?

„De polder zet zichzelf buitenspel. Dat is de tragiek.”

De partijen aan de onderhandelingstafel kunnen nu zelf bedenken wat ze goede oplossingen vinden voor de arbeidsmarkt?

„De werkgevers moeten als de wiedeweerga terugkeren op hun schreden, een handtekening zetten onder de WW-afspraak en dan zullen we nog heel goed met elkaar moeten praten hoe we verder gaan, want er is wel wat beschadigd geraakt. Als de politiek verstandig is, wachten ze.”

Werkgevers en vakbonden praten al heel lang over zzp’ers, flexwerk, loondoorbetaling bij ziekte en jullie komen er niet uit. Nu is er deze ruzie. En dan moeten ze toch wachten?

„Onze positie is minder sterk, dat snap ik wel. Ik blijf toch zeggen: het is heel moeilijk om de problemen op de arbeidsmarkt zonder ons op te lossen.”

Je krijgt acties, stakingen en je zet je mooie vestigingsklimaat op het spel

Zie je niet vooral veel zelfvertrouwen bij de werkgevers? Met alleen het CDA als polderpartij aan tafel kunnen ze denken: wij regelen alles wel met de VVD en D66, de vakbonden hebben we niet nodig?

„Die gedachte hoor je en het is geen gekke gedachte. Alleen: het zou kortzichtig zijn. Als je op korte termijn aan de electorale wind in de rug denkt, kun je zeggen: ik ga even lekker mijn gang. Maar op lange termijn krijg je daar grote spijt van. Want vandaag hebben zij de wind in de rug en morgen wij weer.”

Dat klinkt dreigend.

„Het is waar. En je moet je afvragen: welke wind in de rug hebben ze nu eigenlijk? Is het wel echt waar, als je kijkt naar de afgelopen verkiezingen? Ik zou er mijn hand niet voor in het vuur steken. Mensen zijn onzeker en de versplintering van de politiek gaat maar door, de PVV heeft flink gewonnen, we hebben een Forum voor Democratie in de Tweede Kamer, een Partij voor de Dieren die gegroeid is. Ik denk dat er een heleboel politici in Den Haag zijn die snappen dat met deze verkiezingsuitslag de zorgen van mensen niet van tafel zijn.”

Ze kunnen wel denken: voor de oplossingen hoeven we nu in elk geval niet meer bij de vakbonden en de werkgevers te zijn?

„Dat begrijp ik wel. Maar er staat veel op het spel. Door de onzekerheid op de arbeidsmarkt stellen mensen belangrijke levensbeslissingen uit, je riskeert ook maatschappelijke ontwrichting als je niet heel goed nadenkt over oplossingen, ook in de economische sectoren zelf. Wij hebben die kennis, wij weten wat er speelt.”

Werkgeversorganisaties eisten pas nog dat de vakbonden akkoord moesten gaan met versoepeling van het ontslagrecht. De polder polariseert al een tijdje?

„Ja, en werkenden komen in steeds kwetsbaarder omstandigheden. Er zijn mensen die geen lid meer durven worden van een vakbond omdat ze bang zijn dat ze worden ontslagen. Maar een kat in het nauw maakt rare sprongen.”

Welke?

„Je krijgt acties, stakingen en je zet je mooie vestigingsklimaat – we staan nu in de topvijf – op het spel. Je verliest ook je kracht als Nederland: dat iedereen meedoet en ieders mening telt. Mensen durven niet meer tegen hun baas te zeggen: wat een slecht plan. Ze denken: het zal wel, ik zit hier op een urencontract en voorlopig vind ik het plan geniaal. Dat is slecht. We worden nooit Amerika of China. Het past bij onze volksaard om elkaar af en toe ongezouten de waarheid te zeggen en dan weer verder te gaan.”

Mensen durven niet meer tegen hun baas te zeggen: wat een slecht plan

Waarom is het derde WW-jaar voor langdurig werklozen nu zo’n belangrijk punt voor jullie?

„Bij het sociaal akkoord was het een kernpunt in onze ledenraadpleging. Wat hadden we voor onze achterban bereikt? De verkorting van de WW, die hadden we van tafel gekregen. En dan staan we er na vier jaar zo voor als nu.”

Werkgeversvoorzitter Michaël van Straalen zegt: pas nu wordt voor ons duidelijk hoeveel administratief gedoe deze regeling met zich meebrengt. Heeft u daar geen begrip voor?

„Dat was allemaal vanaf het begin duidelijk. Als je voor zo’n derde WW-jaar een verzekeringsconstructie bedenkt, heb je het over polissen en verzekeringsvoorwaarden. Dat is geen nieuws. We zitten al vier jaar te praten tot we een ons wegen.”

Werknemers betalen zelf premie voor die extra lange uitkering. Was het moeilijk om jullie achterban zover te krijgen?

„Hoe dat uitpakt, wordt uiteindelijk in de cao’s beslist. Het was niet moeilijk om aan onze achterban te vragen: willen jullie dat we zo’n derde jaar voor jullie mogelijk maken? En ja, dat wilden ze.”

Nu ligt al het overleg stil. Maar heel ver waren jullie toch nog niet gekomen met de onderhandelingen over zzp, flex, loondoorbetaling bij ziekte?

„Er waren nog werelden te winnen en dan zeg ik het heel netjes.”

Hoe moet het nu verder met de gepolariseerde polder?

„Dit moet eerst van tafel en daarna moeten we elkaar diep in de ogen kijken: waarom is dit gebeurd? En dan moeten we bedenken of we nog wat kunnen.”