VVD: ‘De bedelaar heeft meer geld dan u en hij is niet zielig’

Talk of the Town

Pak bedelaars hun geld af, zegt de VVD. Dan dalen overlast en onveiligheid. GroenLinks ziet het probleem niet zo. De politie heeft wel wat anders te doen.

Foto Niels Wenstedt / HH

Het is een bekend tafereel in het Amsterdamse straatbeeld: een man/vrouw/kind op een drukbezochte plek (treinstation, winkelstraat, uitgaansgebied), zittend op de grond, de hand opgehouden. Voor de bedelaar staat een bordje met een tekst als: ‘ik spreek geen Nederlands, heb honger en een gezin te onderhouden’. Daarnaast staat een kartonnen bekertje voor kleingeld.

Wat te doen: geld geven of doorlopen?

Als het aan de VVD in Amsterdam ligt, komt daar een derde optie bij: het geld afpakken van de bedelaar. Want bedelen mag niet in Amsterdam, volgens de Algemene Plaatselijke Verordening (APV), en kan beboet worden. Belangrijker: in Amsterdam bedelen allang geen zielige mensen meer. „Die worden al geholpen”, zegt VVD-raadslid Marianne Poot. Criminele Oost-Europese bendes gebruiken bedelarij als lucratief verdienmodel. Poot: „Ze dwingen mensen om te bedelen en aan het eind van de dag innen ze het geld. Soms honderden euro’s.”

Haar punt: om deze vorm van uitbuiting te beëindigen, moet je het „business model” kapotmaken. Poot: „Pak het geld van ze af. Dan loont bedelen niet.”

Onveilig

Het aantal bedelaars in de stad steeg de afgelopen jaren, blijkt uit cijfers van de politie. Registreerde ze in 2012 ruim 250 bedelaars, in 2014 waren het er bijna 700, van wie ongeveer de helft uit Roemenië. De cijfers over afgelopen jaar worden nog uitgezocht, zegt de politiewoordvoerder.

Vooral op en rond trein- en metrostations – de drukbezochte plekken – was het raak

Volgens Marianne Poot zorgen de bedelaars voor veel overlast in de publieke ruimte: „Amsterdammers voelen zich onveilig door de bedelaars.” De Monitor Sociale Veiligheid Openbaar Vervoer 2016, van de dienst Onderzoek, Informatie en Statistiek, bevestigt dat de door Amsterdammers ervaren overlast toeneemt. In het openbaar vervoer hadden ze vorig jaar „significant” meer last van bedelaars dan in 2015. Vooral op en rond trein- en metrostations – de drukbezochte plekken – was het raak.

Zo’n plek is treinstation Sloterdijk. Regelmatig komt de Amsterdamse politie daar met collega’s van het Gemeentelijk Vervoerbedrijf en de spoorwegen in actie om bedelen tegen te gaan. Zo werden er vorige maand nog acht bedelaars op de bon geslingerd. De Facebookpagina van het ov-team van de Amsterdamse politie: „We willen iedereen nogmaals adviseren deze (vaak Roemeense) bedelaars die deel uitmaken van internationale bendes geen geld te geven. Ze hebben meer geld dan u en wij bij elkaar en zijn alles behalve zielig.”

En dat geld moet nu dus worden afgepakt, volgens de VVD. Raadslid Poot ziet hierbij twee opties: de ‘plukze-wetgeving’ gebruiken of een regeling in de APV opnemen voor het afnemen van het geld. Optie één wordt vaak toegepast bij criminelen die zich bezighouden met ‘ondermijnende criminaliteit’, zoals productie van en handel in drugs. De rechter kan bepalen de crimineel niet alleen te straffen met boete, cel- of taakstraf, maar ook door crimineel verkregen vermogen af te pakken.

Armoedebestrijding

In het geval van de bedelaars in Amsterdam wil Poot het afgenomen geld dan „teruggeven aan de Amsterdammers” en bijvoorbeeld „gebruiken voor armoedebestrijding”.

Rutger Groot Wassink, fractieleider van GroenLinks Amsterdam, noemt afpakken van geld van bedelaars „volstrekte flauwekul”. Volgens hem is dit een typisch voorstel van een „overijverige VVD’er” die „even lekker repressief uit de hoek wil komen”.

Natuurlijk moeten criminele Oost-Europese bendes worden aangepakt, zegt Groot Wassink, „maar dat doe je niet met het afpakken van een paar grijpstuivers”. Daar moet je op landelijk niveau werk van maken, zegt hij.

Bestrijding van bedelaars heeft wat hem betreft geen prioriteit. „Laten we niet doen of de stad overspoeld wordt door bedelaars. De politie kan haar kostbare capaciteit beter inzetten om de drukte in de stad op te vangen en de drugscriminaliteit te bestrijden.”