Recensie

Bravoure als in een actiefilm

‘Ga lezen, hersenloze luizenbaal, al zijn het tijdschriftcovers, dan weet je tenminste waar de fuck ze naar vragen en kun je een fucking boek verkopen in plaats van ze als een mongool aan te staren’. En dus gaat de straatarme zeventienjarige Liborio, illegale immigrant uit Mexico, lezen. Hij werkt tenslotte in de boekhandel van de man die hem het bovenstaande toebijt, en je moet wat – als je tenminste niet op straat in knokpartijen belandt.

Liborio, al even grofgebekt als zijn baas en smoorverliefd op een meisje uit de buurt, is de creatie van de Mexicaanse Aura Xilonen (1995).

De cowboykampioen is een roman vol bravoure, die bij prettige vlagen leest als een actiefilm. Bijvoorbeeld als Xilonen Liborio’s vlucht over de rivier naar Amerika beschrijft, in swingend proza, waardoor je in verbazing nog meer met je neus op de feiten gedrukt wordt: wat een hel! Maar nog meer wanneer Liborio moet vechten of wegrennen; ja, aan zoveel snelheid en kunde in het beschrijven van beweging en angst en woede en verwondering kunnen veel schrijvers nog een puntje zuigen. Lekker.

Het is maar goed dat Xilonen Liborio ontdekt laat worden als bokser – zelfs als je werkelijk niks kunt met die sport, lees je de knokscènes op het puntje van je stoel. Niet in de laatste plaats omdat alles vanuit het perspectief van de jongen verteld wordt; belezen als hij inmiddels is, is zijn taal een fascinerende mix van straattaal, puberemotie en verwijzingen naar literatuur en mythologie. Tot je er een beetje moe van wordt, soms, maar goed gedaan is het wel: ‘De kast met gestreken poëzie staat voor de deur, die fokking honingzoete onzinboeken met karamelsmaak, net zo liefdevol als koeiendarmen die bergen gras verwerken en prachtige zoete vlaaien baren.’

Is er dan niets aan te merken op dit prille debuut? Ach, van alles; zo zijn de verliefde passages soms wat gesuikerd, met tijd die stil gaat staan en elastieken ledematen – maar waarom ook niet; iedereen die zoals Liborio voor het eerst verliefd is, verbaast zich over hoe de wereld kan buigen. En ja, als Liborio in een tehuis terechtkomt neemt het boek ondanks het geknok en gevoel enkele mierzoete wendingen. Alsof de schrijfster dacht: weet je wat, ik stop er ook een intelligent meisje in een rolstoel in, dat werkt op de emoties (ja, dat doet het). Desalniettemin is het lekker lezen.

Het is misschien vloeken in de kerk, maar ik hoop dat De cowboykampioen verfilmd zal worden, en dan minstens zo heerlijk wegkijkt als het boek.

Lees ook het interview met Aura Xilonen: ‘Migratie? Het gaat er in Mexico de hele tijd over’