NRC checkt: ‘Veel meer broeikasgas dan overheid beweert’

Dat concludeert klimaatjournalist Han van de Wiel in een artikel in De Correspondent.

Foto iStock

De aanleiding

Er is een groot verschil tussen de officiële Nederlandse cijfers voor de uitstoot van het zeer krachtige broeikasgas methaan en wat er daadwerkelijk wordt gemeten, schrijft journalist Han van de Wiel in de onlinekrant De Correspondent. De kop boven het verhaal luidt: ‘Onthulling: Nederland stoot veel meer broeikasgas uit dan de overheid beweert’. Dat gaan we checken.

Waar is het op gebaseerd?

Van de Wiel vertelt in een telefoongesprek dat zijn interesse voor het onderwerp werd gewekt door een artikel in Het Financieele Dagblad, eind vorig jaar. Daarin stond dat de Nederlandse cijfers voor de uitstoot van methaan veel positiever zijn dan die van bijvoorbeeld Duitsland, terwijl je voor een gaswinnend land eerder het tegenovergestelde zou verwachten.

Van de Wiel zocht uit hoe die cijfers totstandkomen en merkte dat daar geen metingen aan te pas komen. Het is een schatting op basis van modellen. Alle methaanbronnen – of dat nu koeienadem, een compressor in de gasindustrie of een afvalplaats is – hebben een waarde. De optelsom levert de uitstoot die Nederland op basis van het klimaatverdrag rapporteert.

Metingen laten iets anders zien, zegt Arjan Hensen, meetdeskundige van ECN, tegen Van de Wiel: „Nederland rapporteert dat de uitstoot van methaan met 43 procent is gedaald ten opzichte van 1990. Wij meten een daling van maar 20 procent.”

Dat is belangrijk want juist op basis van die positieve methaancijfers concludeerde het Centraal Bureau voor de Statistiek eind vorig jaar dat de Nederlandse economie groeit, terwijl de uitstoot van broeikasgassen is gedaald. Het CBS erkent wel dat de uitstoot van kooldioxide is gestegen.

En klopt het?

Het meten van de uitstoot van methaan (CH4) is lastig. In Nederland wordt de concentratie op twee plekken bijgehouden: een ruim 200 meter hoge meettoren bij het Utrechtse dorp Cabauw en een kleinere in Lutjewad bij de Waddenzee. Die cijfers gaan eerst door een molen van weersgegevens, zoals de windrichting, om te bepalen waar het methaan vandaan komt.

De metingen geven volgens Hensen van ECN inderdaad systematisch hogere cijfers dan het emissieregistratiemodel inschat. „De boekhoudkunde is niet compleet”, zegt hij in een telefonische reactie. „Dat kun je waarschijnlijk ook voor andere landen zeggen.” Daarom wordt de emissieregistratie ook regelmatig opnieuw geijkt.

Het is moeilijk om precies te zeggen waar het misgaat. Hensen wijst op een nieuwe studie die voorlopig de schuld legt bij de waterrijke gebieden in Europa, zoals de veenweidegebieden en de Waddenzee in Nederland. Dat zou in ieder geval kloppen met het feit dat vooral in de zomer een hogere concentratie wordt gemeten, en niet in de winter als er meer gas door de leidingen stroomt.

René Peters, olie- en gasexpert van TNO, denkt dat de Nederlandse methaanboekhouding vergeleken met die van andere landen niet slecht is. „We zouden wel eens een voorbeeld kunnen zijn voor anderen.” Wel pleit hij voor betere verificatie en controle van de cijfers. „En met de gas- en oliesector kun je plannen maken om de emissies verder – en uiteindelijk tot nul – te reduceren.” Methaan is tenslotte het product dat zij willen verkopen.

Conclusie

Ondanks de grote onzekerheid over methaan, beoordelen we de stelling dat Nederland meer broeikasgassen uitstoot dan de officiële cijfers doen vermoeden als waar. Het is de vraag of hier sprake is van boze opzet, zoals het woord ‘beweert’, zeker in combinatie met ‘onthulling’, suggereert. Wel leiden positieve methaancijfers tot een vertekening van het totaalbeeld van de uitstoot van broeikasgassen. Wat dat betreft staat Nederland er slecht voor.

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nrccheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nrccheckt