Column

Poëzie op een wagen vol smerigheid

Een serieuze dichtbundel zou ik nooit kopen, maar de dichtregels op de Rotterdamse vuilniswagens zou ik voor geen goud willen missen. Ongevraagd en op de meest onverwachte momenten en plekken dringt zo’n miniatuurtje zich aan je op en kun je er niet meer omheen. Opeens is daar een glimlach.

„Goedemorgen, schoonheid” (Maxi Wander)

De chauffeur met bovenstaande regel op de flanken van zijn vuilniswagen weigerde ooit een nieuwe, supersonische wagen omdat hij daarmee ook ‘zijn’ dichtregel zou kwijtraken. Hij had zich inmiddels geïdentificeerd met die ene zin, die ervoor zorgde dat mensen hem herkenden, naar hem zwaaiden, lachten of hem zelfs persoonlijk kwamen bedanken. Dat wilde hij niet kwijt. Dan maar geen supersonische wagen.

Een ongewenst zwangere vrouw besloot haar kind te houden toen een vuilniswagen haar passeerde met de voor haar verlossende zin:

„Onverwacht zonlicht is een gebeurtenis” (Bei Dao)

Een jaar later hield de vrouw, met kinderwagen, de chauffeur aan en vertelde hem hoe die ene zin haar keuze had bepaald.

De vuilnisman in mijn wijk hielp mij mijn sleutelbos zoeken die ik per ongeluk – en met een hoofd vol watten – samen met mijn vuilniszak in de ondergrondse container had gegooid. Hij wees mij op de dichtregel op zijn wagen en het was alsof hij mijn ziel blootlegde.

„Soms kom ik mezelf tegen

en dan zeg ik niet eens gedag” (Peter Oole)

Sindsdien herinnert ‘mijn’ vuilniswagen mij er keer op keer aan dat ik me bewust moet zijn van mijn omgeving, in plaats van altijd maar gehaast en in gedachten verzonken over straat te gaan. Bovendien, zo blijkt, wie om zich heen kijkt, wordt beloond.

„Het gedicht is een bericht” (Jules Deelder)

Met Deelders dichtregel is het project van de Roteb (nu Stadsbeheer) en Poetry International in 1988 begonnen. Als enige stad ter wereld heeft Rotterdam nu honderden vuilniswagens rondrijden met poëzie. Regels uit bestaande gedichten meestal, van bekende dichters over de hele wereld. Soms onbegrijpelijk, want uit hun context getrokken, dan weer lief, sterk of gewoon grappig:

„Meneer Dinges weet niet wat swing is” (C.B. Vaandrager)

Maar niet alleen beroemde dichters zijn uitverkoren. Dit jaar krijgen hobbydichters en gewone Rotterdammers ook een kans. De beste inzending (maximaal twee regels) komt op een vuilniswagen. Volgens stadsdichter en jurylid Derek Otte het allermooiste wat je als Rotterdamse dichter kunt bereiken. Poëzie op een rijdende wagen vol smerigheid. Briljant.