Waarom zijn de Friese fonteinen niet door een Fries ontworpen?

11 Fountains Als onderdeel van ‘Leeuwarden Culturele Hoofdstad 2018’ krijgen alle Friese steden een fontein, gemaakt door een internationale kunstenaar. Niet iedereen is daar blij mee.

Misschien had het antwoord niet in het Engels gegeven moeten worden. De vraag van het CDA aan Gedeputeerde Staten van de Provinsje Fryslân luidde: „Kunt u aangeven waarom er geen enkele Friese ontwerper is betrokken” bij het project van de elf fonteinen?

Het antwoord: Leeuwarden wordt Culturele Hoofdstad van Europa, niet van Friesland. Daarom „is bewust gekozen” voor het inzetten van internationale kunstenaars: „Eleven Frisian cities welcome eleven worldclass artists to create a fountain in or around their centre.

Die zin, zegt Anna Tilroe, „komt rechtstreeks uit het bidboek” voor de Europese Commissie, de prospectus waarmee het Leeuwarden indertijd lukte om Culturele Hoofdstad te worden in 2018. „Maar evenzogoed hebben we verbaasd zitten kijken, toen de antwoorden kwamen. Hoe kon dat nou gebeuren? Het was niet zo slim.”

Want juist dát is de kritiek, die de afgelopen maanden steeds luider klinkt: het project van de elf fonteinen staat te ver af van de betrokken gemeenschappen, de Friese ‘mienskip’ die het centrale thema vormt van Leeuwarden Culturele Hoofdstad.

Anna Tilroe is artistiek leider van de elf fonteinen (11 Fountains, heten ze officieel). Ze is kunstcriticus, schreef recensies (voor de Volkskrant, NRC en De Groene Amsterdammer) en boeken over de rol van hedendaagse kunst in de maatschappij. Ook was ze bijzonder hoogleraar kunst en cultuur en curator, onder meer van de succesvolle openluchttentoonstelling Sonsbeek in 2008. Anna Tilroe komt uit Zeeland. Ze woont in Amsterdam.

Was het uw eigen idee: internationale kunstenaars?

„Nee, ik ben benaderd toen de stad nog in de race was: er moest een internationaal kunstproject voor de elf steden komen. Dat is de hele tijd de bedoeling geweest.”

Maar u moet het nu verdedigen.

„Niet alleen ik, hoor. En het idee van de fonteinen komt wel van mij. Toen ik werd gevraagd als artistiek leider ben ik eerst langs de elf steden gegaan, ik heb me verdiept in hun geschiedenis en hun cultuur. Daarna kwam het idee bijna vanzelf, het lag ook voor de hand: water en watertechnologie zijn hier heel belangrijk, en een fontein op een plein, waar mensen zich verzamelen, staat voor gemeenschapszin. Want ook dat trof me enorm: het sterke gemeenschapsgevoel in al die steden.”

De Hoorn de Overvloeds, van de Duitse kunstenaar Stephan Balkenhol komt in Sneek. Stephan Balkenhol

Er is één Nederlandse kunstenaar bij het project betrokken, Birthe Leemeijer. Waarom geen Fries?

„Op die vraag antwoord ik altijd: vreemde ogen zien andere dingen. Hoe kijkt een Japanner naar IJlst? Wat ziet een Chinees in Hindeloopen? Een Brit in Workum? Dat is toch ongelooflijk interessant? Overigens hebben we tegen alle elf de kunstenaars gezegd: verhoud je tot de geschiedenis van de stad, houd rekening met de locatie en stel je open voor de mensen die er wonen.

„En dan, het is een enorme kans. Een werk van Jaume Plensa in Friesland… Ken je zijn fontein in Chicago? In het Millenniumpark? Je weet niet wat je ziet. Ik was zo trots dat hij ja zei. En dat geldt voor alle kunstenaars – echt, dit zou onder normale omstandigheden niet mogelijk zijn. Ik zeg wel eens: als het over voetbal zou gaan, zou iemand dan zeggen: ‘Wij willen geen Messi’s en Ronaldo’s in het elftal’? Wij willen alleen maar Friese voetballers? Want deze kunstenaars zíjn Messi’s en Ronaldo’s.”

Had u weerstand voorzien?

„Ja natuurlijk. Daarom ben ik toen ik het idee van de fonteinen had, opnieuw alle steden afgegaan. Ik vroeg wie de belangrijke mensen waren. Dan kom je uit bij de vereniging voor plaatselijk belang, bij promotieverenigingen, bij kunstinstellingen, noem maar op. Met hen heb ik gepraat, ik heb presentaties gegeven over fonteinen in de wereld. En ik heb uitgelegd dat je met de unieke combinatie van historische steden en internationale kunstenaars, buitenlands cultuurtoerisme op gang krijgt.

„Ik wist ook: ik moet niet degene zijn die zegt dat de fontein daar of daar moet komen, daar gaat de gemeenschap zelf over. Want het is bekend dat kritiek op kunst in de openbare ruimte bijna altijd met de locatie te maken heeft. Vandaar dat we speciale fonteincommissies hebben gevormd, van inwoners uit de stad. Die zijn heel enthousiast en betrokken.”

De geselecteerde kunstenaars hebben bijna allemaal kunst gemaakt in metropolen: grote, metershoge werken. En dit zijn kleine steden. Zit daar niet ook spanning?

„Nee nee, dit zijn allemaal kunstenaars die gewend zijn in de openbare ruimte te werken. Zij kijken naar de omgeving en zien: er moet hier geen beeld van zes meter hoog komen. Of juist wel, natuurlijk.”

En Sneek?

„Toen daar het ontwerp werd gepresenteerd, met de locatie erbij… de mensen in de zaal waren enthousiast. Maar daarna verscheen op een lokaal blog een gefotoshopte afbeelding van de fontein, waarbij die een reusachtig formaat had gekregen. Als je dat in werkelijkheid zou omzetten, zou hij wel twaalf meter hoog worden. Er is toen een petitie aangeboden aan de gemeenteraad, die tegen de fonteincommissie heeft gezegd: neem de commentaren serieus. De commissie heeft vervolgens een visualisatie laten maken, zodat je het beeld in zijn werkelijke formaat kon zien, op locatie. Daarna was het oké.”

Er wordt ook gezegd: dit komt van bovenaf, het heeft niks met ‘mienskip’ te maken.

„Ik snap dat wel hoor: wij komen aan de leefomgeving van mensen – en dat ook nog op een plek waar mensen sterk hechten aan hun identiteit, aan hun gemeenschap. Er treden dan mechanismen in werking die begrijpelijk zijn: wat komt die dame hier doen, waarom bemoeien die vreemdelingen zich met onze stad.

„Zelf ben ik een specialist op het gebied van internationale kunst, in die zin ben ik elite. En ja, ik heb het voortouw genomen. Maar daarna is het traject wel altijd met de mensen samen geweest, met de mienskip. En de fonteincommissies representeren die gemeenschap, die spreken niet alleen voor zichzelf.”

En dan is er nog de kritiek op de kosten. De gemeenten moeten de fonteinen straks onderhouden, terwijl eerder bezuinigd werd op het zwembad, de bibliotheek of de muziekschool.

„Ja, die bezuinigingen zijn een drama, dat vind ik ook. Tegelijk, investeren in cultuur is investeren in de toekomst. Er is een begrip in de kunst dat destination art heet, het betekent dat mensen speciaal voor een kunstwerk ergens naartoe trekken. En dit hele project is bedoeld om destination art te worden.”