Cultuur

Interview

Interview

‘Deze generatie is unstoppable’

Jonna Fraser

De rapper uit Zaandam behoort tot de kern van een lichting twintigers die het succesgeluid van de nationale popmuziek bepaalt: elektronisch en aanstekelijk, en met invloeden uit alle windstreken. „We kijken niet meer naar de rest.”

Toen Jonathan ‘Jonna’ Fraser (24) elf jaar oud was, stond altijd een microfoonstandaard opgesteld in het midden van de woonkamer van zijn ouderlijk huis in Zaandam. Samen met zijn jongere en oudere broer vormde Jonna de rapgroep Underground Dichters Connection. Hun moeder kocht bijpassende trainingspakken voor ze en naaide daar de letters ‘U’, ‘D’ en ‘C’ op. Zijn oudste broer schreef teksten voor de groep in woorden die Engels aandeden, vertelt Jonna op het kantoor van label Noah’s Ark in Amsterdam, „en noemde dat rap”. Jonna rapte graag ‘One Mic’ van Nas en Brainpower. Hij doet een stuk voor; het klinkt Engels maar veel woorden zijn onherkenbaar. Jonna lacht: „Ik weet nog steeds niet wat ze zeggen.”

Jonna Fraser is een van de populairste acts van zijn generatie. Hij was onderdeel van New Wave, het records brekende rap-project dat begin 2016 onder meer de Pop Prijs en de Edison Pop voor beste album won, en kwam eind vorig jaar met zijn EP Blessed in één keer binnen op de hoogste positie van de nationale albumlijst. Met vrienden als Ronnie Flex, Frenna (SFB) en Emms (Broederliefde) behoort Jonna tot de kern van een generatie succesvolle twintigers die het geluid van de nationale popmuziek bepaalt: elektronisch en aanstekelijk, met invloeden uit trap, bubbling, afrobeats, dance en R&B en veel zinderende melodielijnen.

Maar in zijn hart is Jonna Fraser nog steeds de rapper die hij in de tijd van Underground Dichters Connection was. „Een boombap-rapper”, zegt hij. Jonna houdt van rauwe rap en warme samples en stoffige drumbreaks; ‘boombap’ verwijst naar het opeenvolgende geluid van een kickdrum (‘boom’) en een snaredrum (‘bap’). Hij mag de afgelopen jaren hits hebben gescoord met een veel melodieuzere en eclectische benadering; nineties-rap is zijn eerste liefde. „Daar begon het mee. Ik voel me het meest thuis op samples. Die beats kun je nu niet maken; het is een andere tijd. Maar ik heb ze liggen, hoor: nummers waarin ik aan één stuk door rap op een boombap-beat.”

Drukke releasedag

Het is een drukke releasedag op het kantoor van platenlabel Noah’s Ark in het centrum van Amsterdam. Na het succes van New Wave en Jonna’s EP’s, wordt veel verwacht van Jonna’s officiële debuutalbum Jonathan. Er was wat reuring toen Jonathan enkele dagen voor release lekte maar Noah’s Ark labelbaas, rapper Jiggy Djé (36), denkt niet dat het veel effect zal hebben. „Het ging om een downloadlink die jongeren naar elkaar door moesten appen. Dat is een hoop moeite wanneer je weet dat je het een paar dagen later gewoon kunt streamen.”

Jonna was benauwd dat zijn album nu op de releasedag minder aandacht zou krijgen. „Ik dacht dat ik niet zoveel reacties zou ontvangen maar ik merk er weinig van.” Jiggy Djé drukt hem op het hart dat platenmaatschappij Universal – dat het werk van Noah’s Ark distribueert – maatregelen neemt. Er wordt volgens hem recentelijk veel gelekt in de nationale rapscene, „door iemand die toegang moet hebben tot bepaalde computers. Universal heeft er in de VS de FBI op gezet.”

Op de zolderkamer van het kantoor is een studioruimte ingericht waar Jonna en collega Youngbaekansie vragen van fans beantwoorden tijdens een livesessie op sociale media. Jonna, een lange jongeman met dreadlocks, hoge grijze schoenen, jeans met gaten erin en een grijze capuchontrui, hangt ontspannen op de bank en vertelt dat hij graag zou samenwerken met de Amerikaanse rapgroep Migos („We staan deze zomer tegelijk op een aantal festivals”); dat ‘Lover & Best Friend’ op zijn album gericht is aan „mijn schatje, mijn lieve vriendin, mijn baby girl”; dat „de Jonna Fraser-petten binnenkort in de winkel liggen” en dat hij en Ronnie Flex op het New Wave-schrijverskamp op Schiermonnikoog dagenlang niet gedoucht hebben. „We stonden op, aten en gingen muziek maken. Heel dat huis rook naar puf.”

Hoog, hoog, laag

Het New Wave-kamp was een schakelmoment in de carrière van Jonna, vertelt zowel de artiest als zijn platenbaas. „Ik ging naar New Wave om te rappen”, zegt Jonna. „Maar bij de eerste track waaraan ik wilde meedoen, ‘Hoog/Laag’, waren mijn teksten nog niet klaar. Ik hoorde Ronnie zingen in de studio, ben naar binnen gegaan en heb gezegd: ik wil meedoen. Ik begon zachtjes ‘hoog, hoog, laag’ te zingen en dat kwam in het refrein. Zo ben ik erin gerold.”

Jiggy Djé: „Er is daar iets magisch gebeurd. Jonna was een backpackrapper. Ronnie had zijn eerste grote commerciële hits gescoord en de balans gevonden van op een oprechte manier muziek maken én scoren. Die jongens hebben daar zo’n chemie ontwikkeld. Ze zijn solo-artiesten maar steken elkaar aan. Samen zijn ze unstoppable.”

Sinds New Wave is Jonna Fraser een populaire gastartiest op de schrijverskampen waar Nederlandse acts werken aan potentiële hits. Melodielijnen zijn inmiddels zijn specialiteit en hij moet zijn fans tijdens de live-sessie eraan herinneren dat hij ook veel rapt op zijn plaat. „Luister maar, ik spit gewoon bars.”

In de studio met zijn vaste productieteam Project Money, is de werkwijze veranderd, zegt Jonna. „Vroeger kreeg je een beat en daar ging je op spitten. Maar sinds de schrijverskampen is de focus op melodie. En melodieën komen heel makkelijk uit mijn mond rollen. Ik ga staan en het komt. Soms is het in één keer goed. Ik heb het niet onder controle; het gebeurt gewoon.”

Soulinvloeden

Jonna’s belangrijkste bijdrage aan de popmuziek van nu is, denkt hij zelf, hoe hij R&B- en soulinvloeden uit de jaren negentig in het moderne elektronische geluid brengt en erbij „rapt zoals ze dat vroeger deden”. Zingen ontstond spontaan maar aan zijn raps heeft hij jarenlang gesleuteld. Jonna vond zichzelf te schreeuwerig en irriteerde zich aan zijn lichte, hoge stemgeluid. Zelfs toen iedereen om hem heen stopte („Ze zeiden: broer, ga je nou nog steeds rappen, je bent zeventien!”) ging hij naar rapworkshops en bestudeerde hij de kalme, beheerste rapstijl van een collega als Hef. „Hoe hij in een nummer als ‘Luie Mannen’ zijn rust pakt, dat oefende ik echt.”

Nederlandse rap zit op dit moment in een bloeiperiode. Volgens Jonna komt dat „omdat er ruimte is voor alles en iedereen”. Hij en zijn generatiegenoten voelen zich vrij in de studio, zegt Jonna. „We maken alles, van R&B tot trap tot liedjes zingen. We kijken niet naar de rest. We zijn in de positie dat we de sound bepalen.” Volgens Jiggy Djé, zelf een succesvol rapper, behoort Jonna tot een oprechtere generatie artiesten dan die waaruit hij stamt. „Ik denk dat wij ons meer probeerden te schikken naar wat de smaak van het moment was”, zegt Jiggy Djé. „Deze jongens zijn echt bezig met innoveren. Ze doen wat ze zelf willen.”

Wat Jonna onderscheidt van zijn generatiegenoten, is volgens Jiggy Djé dat hij „nog steeds de intrinsieke drang voelt om harde vlammende raps op zijn album te zetten”. De dertiger en twintiger namen voor Jonathan samen het nummer ‘Nog Steeds’ op. Jonna rapt, dan volgt Jiggy Djé. Maar in het tweede vers gaat Jonna pas echt los. Jiggy Djé, de punchline-koning van zijn generatie rappers: „Toen ik dat hoorde, dacht ik: ja, top, hij wil wel harder komen dan ik.” Hij lacht hardop; de rapper haalt even de labeleigenaar in. „Ik ben een opa nu maar vroeger had ik gezegd: ik wist niet dat je nog een verse zou doen. Dan wil ik er ook nog één.”

Jonna Fraser: Jonathan. Fraser staat deze zomer onder meer op de festivals Woo Hah, Lowlands, Solar, Encore, Open Air, Pukkelpop en Indian Summer.