Verder herstel grote pensioenfondsen

De grootste Nederlandse pensioenfondsen herstellen financieel steeds verder. Kortingen raken steeds verder uit beeld.

Door het verdere herstel van de wereldeconomie hebben ook de grootste pensioenfondsen van Nederland zich financieel verder hersteld. De lichte stijging van de rente en van het rendement op beleggingen hebben de buffers iets aangevuld. Zo zijn het vermogen en de verplichtingen van de fondsen in evenwicht, in aanloop naar de langverwachte presentatie van een nieuwe pensioenvariant door de Sociaal Economische Raad (SER).

Dat blijkt uit de kwartaalcijfers die de vijf grootste pensioenfondsen donderdag bekend hebben gemaakt. De actuele dekkingsgraden (de verhouding tussen de huidige en toekomstige pensioenuitkeringen en het vermogen) schommelen bij vier van de vijf tegen de 100 procent.

Bij ABP, het fonds voor ambtenaren- en onderwijzers met 2,9 miljoen deelnemers, steeg deze dekkingsgraad naar 99,8 procent en het belegd vermogen naar 389 miljard euro. Zorg en Welzijn (ruim 2,6 miljoen deelnemers), na ABP het grootste fonds van Nederland, zat eind maart op 97,2 procent en had voor bijna 187 miljard euro aan vermogen.

Het Pensioenfonds Metaal en Techniek (PMT) met één miljoen deelnemers had een actuele dekkingsgraad van 99,6 procent en bijna 68 miljard euro vermogen. Het andere metaalfonds, PME (625.000 deelnemers), zit op 98,9 procent en heeft een vermogen van 45 miljard euro. Het pensioenfonds Bouw tenslotte (bijna 775.000 deelnemers) staat er van de vijf het beste voor met een dekkingsgraad van 113,5 procent bij een vermogen van 54 miljard euro.

Korten raakt uit beeld

Het scenario van korten op de pensioenen, dat vorig jaar maandenlang dreigde, raakt steeds verder uit beeld – al is het niet helemaal weg, zeggen de fondsen voorzichtig. Andersom hoeven deelnemers met deze cijfers de komende jaren nog geen verhoging (indexatie) te verwachten. ABP heeft nu bijvoorbeeld een beleidsdekkingsgraad (gemiddelde van twaalf voorgaande maanden) van 94 procent. Het fonds mag zowel de opbouw als de uitkeringen van de pensioenen pas weer mee laten stijgen met de inflatie bij een beleidsdekkingsgraad van 110 procent.

De zorgen over een mogelijke recessie in zowel de Verenigde Staten als China zijn verdwenen, volgens Zorg en Welzijn. De verwachte investeringen van de nieuwe Amerikaanse president Trump hebben de rente en de rendementen sinds eind vorig jaar ook doen stijgen. Aan de andere kant ziet PMT voor de komende tijd ook financiële risico’s voor de markten, zoals een harde Brexit, geopolitieke spanningen, een nieuwe eurocrisis, en toenemend protectionisme.

De grote pensioenfondsen zijn nog terughoudend over de langverwachte extra pensioenvariant die de SER op korte termijn wil presenteren. Uitgelekt is al dat het een combinatie zal zijn van een persoonlijk pensioen met collectieve risicodeling, zowel tijdens de opbouwfase als tijdens de uitkering van het pensioen. Deze variant moet beter weergeven wat werkenden voor aanvullend pensioen opbouwen en zo het vertrouwen in het pensioenstelsel vergroten.

„Als sociale partners en overheid bereid zijn het pensioenstelsel aan te passen, kunnen de pensioenen in de toekomst eerder worden verhoogd en verlaagd en makkelijker meegroeien met de stijgende prijzen”, schrijft Zorg en Welzijn-voorzitter Peter Borgdorff, een uitgesproken voorstander van hervormingen.

PMT-bestuurders Benne van Popta en Jan Berghuis benadrukken in hun persbericht juist het belang van het collectieve karakter van het huidige stelsel: „Collectief – samen – beleggen geeft iedere deelnemer veel meer mogelijkheid om beleggingen optimaal te spreiden, om goed in te spelen op veranderingen in de markt en om kosten te besparen.”