Recht & Onrecht

Op tv wordt misdaad altijd opgelost, in het echt dus niet

Massamedia zijn de belangrijkste informatiebron voor de burger over straf, misdaad en politie. En vrijwel alles is daar fictie. Bob Hoogenboom in de Politiecolumn over de macht van fictie over de feiten.

Er bestaat geen verband tussen de manier waarop de politie in romans, films en televisieseries wordt verbeeld en de werkelijkheid. De Britse politiewetenschapper Robert Reiner maakt een onderscheid tussen ‘fictieve politie’ en ‘feitelijke politie’. Wij zijn verslaafd aan pulpfiction over goed en kwaad in onze massacultuur. Misdaad, straf en de politie verkopen kranten en thrillers. Original Netflix-series over politieke corruptie, georganiseerde misdaad en moord en doodslag zijn niet aan te slepen. De meer literaire grachtengordel intelligentia herleest nog af en toe Dostojewski’s Misdaad en straf of Truman Capote’s In Cold Blood maar de goegemeente koopt in honderdduizendtallen vrouwelijke thrillerschrijvers en huiveren zich door een weekend heen.

Hunkeren

In de politiek, beleid, consultancy en wetenschap breken we ons hoofd over (subjectieve) onveiligheid en de dreiging van het kwaad. Maar in ons kijk- en leesgedrag hunkeren we naar bloedstollende horror en crimes passionele. Keer op keer kijken we naar de film Silence of the Lambs met Hannibal (‘The Cannibal’) Lecter, de seriemoordenaar met de briljante Anthony Hopkins en Jodie Foster als FBI-agente die de wereld redt. We hebben een schizofrene relatie met het Kwaad. Onder een dun laagje beschaving worden we opgewonden van alles wat verboden is en bewonderen wij de mannen en vrouwen die het niet zo nauw nemen met regels. De Netflix-serie Orange is the New Black neemt ons mee in de informele wereld van de gevangenis en een deel van de aantrekkingskracht ligt in het geweld en de biseksuele lijntjes die zo haaks staan op de burgermoraal.

Beschermd

Interessant is ook de symbolische betekenis van de wijze waarop de politie (en justitie) wordt geportretteerd. Law & order zijn overwegend betekenisvol. De massamedia versterken het beeld dat er god-zij-dank een organisatie (de politie) is die de bad guy door ingenieus speurwerk of technologie (CSI in diverse steden) pakt. Altijd binnen de 50 minuten dat een aflevering duurt. Of hoogstens in 2 uur van een film of na 180 bladzijden in een Nicci French thriller. Het Goede overwint het Kwade. The Joker in Batman slaagt nimmer in zijn Kwaad. Gotham City – en dus wij – worden beschermd door fictieve personages bedacht door creatieve geesten die inspelen op onze oerdriften en oer onzekerheden.

Gehersenspoeld

Dit constante massamedia bombardement beïnvloedt burgers. Wij worden gehersenspoeld met fake nieuws en fake verhalen. Dit beïnvloedt  hoe wij denken over politie en haar effectiviteit. En beïnvloedt het politieke debat over nut en noodzaak van politie. War on drugs, War on crimes en War on terror.  De oorlogen moeten gestreden worden omdat zij gewonnen kunnen worden. Althans volgens de massamedia.

In de Policing for London survey zegt 80% dat kranten hun belangrijkste informatiebron zijn en slecht 20% baseert zich op ‘directe ervaring’. Uit ander Brits onderzoek blijkt dat 59% hun denkbeelden over politie ontlenen aan televisie en radionieuws. Volgens de Amerikaanse criminoloog Surette zijn massamediabeelden over politie het tegenovergestelde van de werkelijkheid. Gewelddadige misdaad is oververtegenwoordigd. Moord en doodslag en dan het liefst met een seksuele ondertoon doen het goed.

Meer routine

In de media wordt de misdaad vrijwel altijd opgelost. Daders en slachtoffers zijn overwegend volwassenen die een hogere sociale status hebben dan de gevangenispopulatie in de westerse wereld (zwart, jong, (drugs)gerateerde misdaad). Denk maar eens aan de honderden Tatort-uitzendingen en de gemiddelde dader en slachtoffer. Of de Agatha Christie boeken die zich afspelen in de upper class.

De mythes in onze massacultuur over misdaad, straf en politie zijn drieledig. Het gaat in 60% over high impact crimes (moord en doodslag, extreem geweld, enorme schade). In werkelijkheid is veel misdaad meer routinematig en meer ordinair. Boeven zijn calculerend – zo is het beeld - en niet de impulsieve, in de war zijnde zoekende mensen die worstelen met het leven. Zoals de doorsnee vrouwen- en kindermishandelaar waarvan er in ons land honderdduizenden zijn. Of de duizenden burgers die een graantje meepikken in de informele drugseconomie van de Brabantse steden. En de politie grijpt de boef. Feitelijk schommelen oplossingspercentages – afhankelijk van de delicten - tussen de 10 en 20%.

Mystificatie

De massamedia legitimeren door grove vertekeningen en mystificaties de rol van de politie in onze samenleving, aldus Reiner. Tegelijkertijd hebben deze fictieve politiebeelden een maatschappelijke functie. Zij geven hoop: als het echt spannend wordt komt Clint Eastwood als Dirty Harry in beeld en redt hij ons van het vuil. Dat hij daarbij alle strafvorderlijke regels breekt is natuurlijk geen punt. In liefde en oorlog, pulpfiction en krantenberichten is geen tijd voor hinderlijke rechtsstatelijke nuances. Oud minister Opstelten speelde in op deze vox populi. Evenals crime fighter Fred Teeven. En dezer dagen populistische politici in heel West-Europa. Voer de repressie op. Geef burgers de illusie dat dit alles oplost. En verplicht ons naar Original Netflix series te kijken om ons vals bewustzijn te stimuleren.

De Politiecolumn verschijnt wekelijks en wordt geschreven door deskundigen uit de politiewereld.

 

 

 

 

Blogger

Bob Hoogenboom

Bob Hoogenboom is hoogleraar fraude en regulering aan Nyenrode waar hij 'fraude en witwassen' in de accountantsopleiding en 'governance/corporate governance & pps' in het modulair MBA-programma doceert. Samen met Marc Schuilenburg geeft hij het mastervak 'Politie en Veiligheid' aan de VU. Bob schrijft blogs op maatschappijenveiligheid.nl en accountant.nl over actuele fraude- en politievraagstukken en twittert als @abhoogenboom. Sinds 1988 is hij als part time docent verbonden aan de Politieacademie. Voor zijn proefschrift Het Politiecomplex (1994) ontving hij de Publicatieprijs van de Stichting Maatschappij en Veiligheid.