Recensie

Goed kinderboek, slechte kinderfilm

Bij de verfilming van Sjoerd Kuypers Zilveren Griffel-winnende Hotel de grote L, die zowel in NRC als de Volkskrant vijf ballen kreeg, is iets goed misgegaan. Een beetje vreemd is dat wel, want Kuyper bewerkte zelf zijn boek tot scenario. Het verhaal begint als de kettingrokende vader (Frank Lammers) van het jongetje Kos (Julian Ras) een hartaanval krijgt en in het ziekenhuis belandt. Het is aan Kos en zijn zussen om het familiehotel draaiende te houden. Ondertussen moet hij ook omgaan met zijn gevoelens voor een leuk meisje en een Ajax-scout imponeren.

Wat op papier werkt, wordt in de film potsierlijk. Zoals de scène waarin Kos als meisje verkleed meedoet aan een miss-verkiezing: met het geldbedrag kunnen rekeningen betaald worden. Omdat je het nu ziet, valt direct op dat hij niet erg op een meisje lijkt. Gevolg: besmuikt lachen in plaats van meeleven. Er gaat meer mis: zijn net uit het ziekenhuis komende vader ziet iets dramatisch gebeuren, maar vervolgens verdwijnt hij uit de scène. Is er geworsteld in de montagekamer? En waarom moet Kos’ zus eigenlijk transformeren van boos gothic-meisje naar vrolijke blondine?