Bier, T-shirts en rennen door de modder zijn niet hetzelfde

Deze rubriek belicht elke woensdag kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Deze week fiscaal recht: modder en bier en schadevergoedingen voor politiemensen.

Foto Tatyana Zenkovich/EPA

Wat hebben modder, hindernissen, bier en een t-shirt met elkaar gemeen? Niets, vindt de Belastingdienst. Alles, zegt de organisator van obstacle runs. Sinds 2013 organiseert het bedrijf meerdere keren per jaar een evenement waarbij mensen zich rennend een weg banen langs obstakels en door de modder. Het toegangskaartje geeft naast deelname ook recht op een T-shirt met opdruk en een biertje bij de finish. Op de sportwedstrijd zelf is het verlaagde btw-tarief van 6 procent van toepassing, maar de organisator vindt dat wedstrijdshirts en bier na afloop zo’n wezenlijk onderdeel uitmaken van het evenement dat het als één ondeelbare prestatie moet worden gezien. Ook de extra’s vallen volgens het bedrijf onder het lage tarief. Maar de Belastingdienst houdt vol dat op deze extra’s het normale tarief van 21 procent van toepassing is. Naheffing: 6.645 euro.

Voor de rechtbank Gelderland verklaart de organisator dat het shirt om veiligheidsredenen wordt verstrekt, omdat de wedstrijd zo extreem is dat strakke kleding nodig is om ongelukken te voorkomen. Ook zou het fungeren als trofee. Het biertje bij de finish is vast onderdeel en hoort bij het stoere imago, aldus de organisatie.

De rechtbank ziet net als de inspecteur drie aparte prestaties: rennen, bier en T-shirts. Het dragen van het wedstrijdshirt is niet verplicht om mee te kunnen doen aan de run, evenmin als het drinken van een biertje bij de finish. Ook is er volgens de rechter geen sprake van bijkomende prestaties die opgaan in de hoofdprestatie met laag tarief. Het shirt en het biertje hebben een zelfstandige functie in het geheel en zijn daarmee een prestatie op zich, waarover gewoon 21 procent omzetbelasting moet worden berekend.

www.rechtspraak.nl ECLI:NL:RBGEL:2017:945