Techneut met een duidelijk strijdplan

Ton Büchner, topman van AkzoNobel

Hij kwam met zijn sledehond terug uit Zwitserland om AkzoNobel te leiden. Nu wacht Ton Büchner de grootste test in zijn carrière: kan hij voorkomen dat Akzo wordt overgenomen?

Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

Het is te danken aan zijn witgrijze sledehond – een Alaska-malamute – dat Ton Büchner topman werd van AkzoNobel. Toen het verfbedrijf in 2012 op zoek moest naar een nieuwe bestuursvoorzitter, las toenmalig president-commissaris Karel Vuursteen toevallig een interview met Büchner in Elsevier. Van Büchner had hij nog nooit gehoord, vertelt Vuursteen, maar wat hij zei, trok zijn aandacht. „Als je jezelf aan je hond vastgespt, ren je echt hard”, zei Büchner, die graag hardloopt. Het fanatisme sprak Vuursteen aan. „Dat is een leuke vent”, dacht hij en stuurde direct een recruiter op hem af.

Het is niet gek dat Vuursteen hem niet kende. Büchner (51) werkte al 23 jaar in het buitenland en was een grote onbekende in het kringetje van Nederlandse topbestuurders. In 2012 was hij de hoogste baas van Sulzer, een Zwitserse machinebouwer met 16.000 werknemers. Heimwee had hij niet, maar voor het veel grotere AkzoNobel wilde hij graag terugkomen naar Nederland. Ook zijn Zwitserse vrouw vond het leuk om een tijdje in het thuisland van haar man te wonen, vertelt Büchner aan de telefoon. En dus verhuisden ze met sledehond Bandita naar Amsterdam.

Vijf jaar later staat Büchner voor de zwaarste test in zijn carrière bij het verfbedrijf – eentje waarbij hij zijn baan kan verliezen. AkzoNobel, de derde verfmaker in de wereld, wordt belaagd door de nummer twee, het Amerikaanse PPG. Büchner heeft de avances resoluut afgewezen – hij weigert zelfs maar over de biedingen in gesprek te gaan met PPG-baas Michael McGarry – maar de Amerikanen laten zich niet wegjagen. Intussen voert een groeiende groep aandeelhouders, aangevoerd door hedgefonds Elliott, de druk op Büchner op om toch met PPG te gaan praten.

Heeft hij de stalen zenuwen?

Woensdag wordt cruciaal. Dan praat Büchner Akzo’s aandeelhouders bij over zijn plannen om de onderneming winstgevender te maken. Overtuigt hij niet, dan wordt een overname door PPG steeds verleidelijker voor aandeelhouders. Ook voor partijen die minder militant zijn dan Elliott. „Stalen zenuwen” heeft Büchner nu nodig volgens Vuursteen, tevens oud-commissaris van Ahold en voormalig topman van Heineken. Vraag is: heeft hij die?

Als het spannend wordt, gaat het steeds weer over Büchners veelbewogen eerste maanden bij het verfbedrijf. Als onbekende nieuwe topman had Büchner een groot gat op te vullen. Zijn voorganger Hans Wijers was met lof overladen. De vroegere minister van Economische Zaken had van de losse bedrijfsonderdelen één AkzoNobel gesmeed, farmatak Organon verkocht, een miljardenovername gedaan in het Verenigd Koninkrijk, en het doel gesteld om de omzet met eenderde op te schroeven naar 20 miljard euro.

Büchner zag bij binnenkomst vooral een bedrijf dat veel minder winstgevend was dan de concurrentie en te veel had betaald voor de Britse overname. Vijf maanden na zijn aantreden meldde hij zich ziek. De nieuwe topman leed aan „tijdelijke oververmoeidheid”, meldde AkzoNobel in een persbericht. De koers zakte in. Een topman met – zo werd aangenomen – een burn-out, dat was ongekend. Had Büchner zijn baan onderschat? Kon hij de leiding van zo’n groot bedrijf wel aan?

Die verhalen kloppen niet, zegt Büchner nu. Hij had gewoon „iets meegenomen uit het buitenland” en was „sterk afgevallen”. Na een kleine drie maanden was Büchner terug en wilde hij verder met het bedrijf, maar mensen hielden er maar niet over op. „Onzinnig”, zegt Büchner nu. Hij dacht: openheid werkt het beste. Maar: „Je krijgt de indruk dat je niet eerlijk mag zijn over dit soort dingen.”

Geen droombaan

Ton Büchner, zoon van twee fysiotherapeuten uit Brabant, is een techneut. Hij overwoog als tiener klarinet te gaan studeren aan het conservatorium, maar koos voor civiele techniek in Delft. Zijn verhuizing uit geboortedorp Cuijk vond hij „overweldigend”, zei Büchner in 2015 in een interview in Contact, het blad van zijn oude faculteit. Delft voelde „als een grote stad”.

Na zijn afstuderen in 1989 verruilde Büchner Delft al gauw voor het buitenland. Hij was „nieuwsgierig” geworden naar de wereld, vertelt Büchner. Via Midden- en Noord-Amerika reisde hij naar Zuidoost-Azië, waar hij een aantal jaar werkte. Maar het ingenieurswerk vond hij „te veel van hetzelfde”, en hij meldde zich aan voor een chique managementopleiding in het Zwitserse Lausanne – „zelf betaald”.

Toch was topman worden niet zijn grote droom, zegt Büchner, eerder het natuurlijke eindpunt van een serie promoties. Op zijn 41ste werd hij de hoogste baas. Met zijn Zwitserse vrouw – ze hebben geen kinderen – is Büchner vlak bij het hoofdkantoor van AkzoNobel gaan wonen, op de Zuidas in Amsterdam. Een „strategische” plek om te wonen, zegt hij. Behalve op loopafstand van zijn werk, is het huis dichtbij Schiphol en het Amsterdamse bos. Bandita moet elke dag ten minste tien kilometer rondrennen.

Ton Büchner is kalm, rationeel en bij vlagen gereserveerd, zeggen mensen die hem kennen. Niet de joviale baas die de show steelt, zoals zijn voorganger Wijers, wel een leider die een duidelijk plan maakt, en dat uitvoert. Ook in de strijd met PPG laat hij zich niet meeslepen door emoties, zeggen mensen die nu met hem werken. Hij is „een koele rekenaar”, zegt een van hen, maar „geen bully” die in het rond commandeert, zegt een ander. Met de meer ervaren president-commissaris Antony Burgmans vormt hij een hecht team.

Lees ook het interview met PPG-topman Michael McGarry:
AkzoNobel wordt overgenomen, goedschiks of kwaadschiks

Klaar met de overdreven ambitie

Volgens Jürgen Brandt, die als financieel directeur met Büchner werkte bij Sulzer, was zijn voormalige baas populair binnen het bedrijf omdat hij „open en eerlijk” met zijn werknemers omging. Direct als een Nederlander, stipt en gedegen als een Zwitser, zegt Brandt. Büchner vindt het naar eigen zeggen belangrijk om benaderbaar te zijn. „Ik eet beneden in de kantine en wandel bij mensen naar binnen met een kopje koffie. Of nog liever twee.”

Toen Büchner vorige maand niet bij de jaarlijkse bijeenkomst met de centrale ondernemingsraad kon zijn, omdat hij in Londen met aandeelhouders moest praten, zorgde hij dat hij wel anderhalf uur aan de telefoon kon komen. „Hij heeft hart voor zijn mensen en komt zijn beloftes na”, zegt voorzitter Steven Leijenaar daarover.

Ook belangrijk voor het respect van het personeel: Büchner begrijpt als techneut volgens Brandt vaak beter waar werknemers mee bezig zijn dan zijzelf. Dat geeft de topman soms ook iets ongeduldigs, zegt Vuursteen. „Dan heeft hij de neiging dingen naar zich toe te trekken als het hem niet snel genoeg gaat.”

Nu heeft Büchner AkzoNobel waar hij het hebben wilde. Na een flinke reorganisatie is het bedrijf efficiënter geworden en financieel gezond. Overambitieuze omzetdoelstellingen en grote overnames behoren tot verleden. Bij PPG is het omgekeerde het geval. Of koele kikker Büchner de Amerikanen buiten kan houden, is hoogst onzeker.