Opinie

Het is groeiend nationalisme dat homohaat veroorzaakt

Stop met dat collectief verdacht maken van mensen met een migratieachtergrond. Het zijn niet cultuurverschillen die tot conflicten leiden; het is eerder andersom, meent

Illustratie Hajo

Volgens de statistieken maken mensen met een migratieachtergrond zich relatief vaak schuldig aan criminaliteit, zie onder andere het geweld tegen een homopaar onlangs in Arnhem. De discussie over een vermeend gebrek aan integratie is weer opgelaaid. De verklaring wordt gezocht in de culturele achtergrond van de betrokkenen.

Dat doet ook Jan Jaap de Ruiter in zijn bijdrage in NRC van 7 april door te graven naar de Marokkaanse wortels van veel van deze geweldplegers. Dergelijke nationalistische verklaringen gaan gemakshalve voorbij aan de wetenschappelijke literatuur erover.

In studies zoek je vergeefs naar een onderbouwing voor de stelling dat crimineel gedrag zou voortkomen uit de culturele achtergronden van de geweldplegers. In een studie van het Verwey-Jonker Instituut en Movisie getiteld Jeugdcriminaliteit onder migranten (september 2016) laten de auteurs zien dat de oververtegenwoordiging van migrantenjongeren in de criminaliteitsstatistieken vooral van Nederlandse makelij is in plaats van geïmporteerd uit Marokko of elders.

Het zijn niet zozeer de culturele achtergronden maar de lokale omstandigheden die hen op het slechte pad brengen. Dan gaat het om de wijken waarin ze opgroeien, de contacten die ze opdoen, gebrek aan sociale binding en controle, problemen op school en dergelijke.

Maar waar komt geweld, specifiek tegen mensen die hun homoseksualiteit uiten, vandaan?

Ik pleit ervoor de verklaring niet zozeer te zoeken in vermeende homovijandige normen en waarden die migranten met zich mee zouden hebben gebracht en hier uitdragen, maar in het oplevend Nederlands nationalisme.

Die opleving hebben we tijdens debatten in de aanloop naar de verkiezingen nog kunnen waarnemen. De nationalistische stelling dat de Nederlandse identiteit zou worden bedreigd, vormde daarin een standaardonderdeel.

Wetenschappers als Jan Willem Duyvendak hebben aangetoond dat vermeende tolerantie van homoseksualiteit centraal staat in verhalen over de Nederlandse identiteit in media en politiek. Universele liberale waarden als tolerantie worden zo voorgesteld als typisch Nederlands. Semin Suvarierol heeft laten zien hoe beelden van kussende mensen van het gelijke geslacht worden ingezet in materiaal voor inburgeringscursussen om migranten op het hart te drukken dat dat typisch Nederlands zou zijn. Dus wen er maar aan.

Deze nationalistische voorstelling van zaken creëert een tegenstelling tussen mensen met een migratieachtergrond, die moeten integreren vanwege hun vermeende afwijkende culturele achtergronden, en ‘Nederlanders’ die dat niet hoeven. Daarin wordt de verdenking uitgesproken dat migranten niet tolerant zouden zijn ten opzichte van homoseksueel gedrag.

Die tegenstelling wordt door politici keer op keer op de spits gedreven. En zet vervolgens aan tot conflicten in de klas en op het werk, als medestudenten en collega’s die tegenstelling en verdenking overnemen, zo laat onderzoek zien. Collega’s en studenten zonder een migratieachtergrond verdenken hun collega’s en medestudenten met een migratieachtergrond dan van homohaat. Op hun beurt reageren zij dan door te beweren dat ‘Nederlanders’ net zo erg zijn. Of ze gaan argumenten zoeken tegen homoseksualiteit.

Het zijn deze conflicten die sommige mensen er daadwerkelijk toe aanzetten om zich anders te gaan gedragen en andere ideeën te gaan koesteren. Om zich te verdedigen gaan sommige mensen met een migratieachtergrond dan graven in hun eigen afkomst om argumenten te vinden die als munitie in conflicten kan worden ingezet. Het zijn juist die conflicten die ze daartoe beweegt, en als je munitie zoekt in je achtergronden, dan vind je die ook.

Wat me opvalt is de grote mate van zelfbeheersing die studenten en collega’s met een migratieachtergrond in zulke botsingen aan de dag leggen. Meestal zwijgen ze. Maar dat geldt niet voor allemaal; sommigen radicaliseren en nemen de provocatie op.

Nationalistische verhalen over cultuurverschillen worden zo een self-fulfilling prophecy omdat ze de geschillen in de samenleving veroorzaken die daadwerkelijk tot normafwijkend gedrag leiden. Het zijn niet de cultuurverschillen die tot conflicten leiden, het is eerder andersom.

Als media en politiek zouden stoppen met collectieve verdachtmakingen tegen mensen met een migratieachtergrond, zou dat een grote bijdrage leveren aan het voorkomen van wat er onlangs op die brug in Arnhem is gebeurd. Laten we hopen dat deze wens geen brug te ver is.