Column

Digitaal toezicht op vage regels is bloedlink

Het deed me genoegen te horen dat vorig jaar ruim drie miljoen bekeuringen zijn opgelegd aan automobilisten die minder dan vijf kilometer per uur te hard reden. Dat verzacht het feit dat ruim honderdduizend van die bekeuringen bij mij zijn beland. Gedeelde smart.

Er is over die boetes al veel gezegd. Vooral nadat voorzitter Priem van politievakbond ANPV mopperde dat het beleid te streng werd. Het ongekende aantal kleine boetes vond hij „belachelijk” (Algemeen Dagblad) en „echt te gortig” (Trouw) Het gezag van de politie lijdt eronder. Maatschappelijke frustratie loopt op. Op dat balorige standpunt van Priem kwam natuurlijk kritiek. De snelheidsregels zijn er immers niet voor niets, riepen de critici. Veiligheid en milieu zijn ermee gediend. Je moet ergens een grens trekken. Dan rijd je maar minder hard.

Goed, tot zover kon ik als brave burger de discussie wel overlaten aan derden. Maar zelf maakte ik me druk over iets veel akeligers en griezeligers: de gedachte dat digitale technieken de pakkans verhogen tot honderd procent. De gezagsgetrouwen onder u denken misschien dat daarmee het paradijs aanbreekt, maar wat werkelijk aanbreekt is het totalitarisme. Daarom is de kwestie van de verkeersboetes zo belangrijk: die laat zien hoe bestuurlijke digitalisering in de huidige vorm leidt tot machtsongelijkheid.

Er zijn twee componenten aan het verhaal. Ten eerste die van het digitale toezicht. De stijging van het aantal boetes komt volgens het Openbaar Ministerie door digitalisering van de camera’s: de techniek staat 24 uur per dag aan en werkt altijd. De hoofdredactie van Trouw schrijft dankbaar dat daardoor „zonder veel extra kosten” de pakkans de laatste decennia flink groter is geworden. „Vaker betrapt worden – zo zullen alle experts beamen – werkt over het algemeen beter dan steeds strengere straffen.”

De tweede component is toenemende onduidelijkheid van de regels. De laatste jaren zijn de snelwegen een lappendeken geworden van snelheidsbeperkingen. Zelf krijg ik die boetes niet omdat ik op het maximum mik en de grens overschrijd. Ik krijg ze omdat ik simpelweg niet meer weet wat het maximum is. Ik rotzooi maar wat aan. Rijd ik 107, omdat ik denk dat ik 120 mag, dan blijkt het maximum net die paar kilometer waar ik rijd op die ene donderdag ‘tussen 19.00 en 6.00’ toch weer 100 te zijn. De altijd toekijkende techniek betrapt me zonder mankeren. En dat betrapt worden helpt dus niets.

De combinatie van deze twee – vagere regels en scherpere controle – leidt tot machtsongelijkheid. De overheid geeft pijnlijk specifieke aanwijzingen en je wordt geacht die zelf op te snorren. Vuilnis wordt niet meer op dinsdag opgehaald, maar op een wisselende dag in de week: zoek zelf online maar uit hoe het zit. Nou, dan zet je toch „je tomtom aan”, schrijft de hoofdredactie van Trouw inzake de boetes. Maar los van het feit dat TomTom ook geen flauw benul heeft hoe het zit: sinds wanneer heeft TomTom een plaats in het rechtssysteem? Nee, het is geen gelukkig model, scherp toezicht op vage regels.

Zodra het gaat om ernstiger onderwerpen dan de verkeerssnelheid vormt dit nieuwe bestuurlijke model zelfs een echte dreiging. Een politiek gevaar. Moxie Marlinspike, de man achter encryptiesysteem Signal, constateert dat straffen volstrekt willekeurig worden uitgedeeld als de strafwet onoverzichtelijk is en burgers daarnaast 24 uur per dag worden gemonitord via telefoons en sensoren. In zo’n model is iedereen wel ooit ergens in overtreding, en dus kan de macht naar believen straffen, „net zo goed als wanneer er geen regels zijn”.

In zijn blogbericht We Should All Have Something To Hide, uit 2013, legt Marlinspike uit dat de mogelijkheid tot wetsovertreding bovendien nodig is voor een vrije samenleving. We kunnen tegenwoordig met trots vaststellen dat het huwelijk is opengesteld voor homo’s, schrijft hij. Maar niet lang geleden was homoseksualiteit nog strafbaar. Hoe had de wet ooit kunnen veranderen als de pakkans honderd procent was geweest en iedereen wist dat je als praktiserende homoseksueel meteen zou worden geïdentificeerd en opgepakt? Bij honderd procent pakkans zou er helemaal geen homoseksueel gedrag meer zijn geweest.

Misdragingen zijn belangrijk. Wetsovertreding en de mogelijkheid af te wijken zijn nodig voor een open democratie. Dat mag dan niet zo relevant zijn als het gaat om snelheidsregels, het is wel relevant voor het gejubel over scherp digitaal toezicht, honderd procent pakkans, 24 uur per dag aanstaande camera’s en ruime doorzoekingsbevoegdheid. Want zo’n bestuurlijk model van afwezige regels en alomtegenwoordig toezicht leidt vanzelf tot verstikkende overheidsmacht. En dat is bloedlink.

Maxim Februari is jurist en columnist. Deze column is wekelijks.