Column

De flitspalen in het leven van de burger

Deze week onthulde het AD de locatie van de meest profijtelijke flitspaal in Nederland. Die staat in Hilversum, flitste per uur gemiddeld 720 euro bij elkaar en haalde in 2016 aldus 6,2 miljoen euro op. Het is de automatische wetshandhaving ten voeten uit. Computer says no’, of, in dit geval, ho. Dit gaat om het met wiskundige nauwkeurigheid afrekenen van burgers op hun verplichtingen. Waarbij één teen over de streep bingo voor de staatskas betekent. Dat vraagt van de burger dus ook honderd procent waakzaamheid, in gedrag, in het nakomen van verplichtingen, bij het invullen van formulieren en het aangaan van verplichtingen. Maar wie kan die perfectie eigenlijk opbrengen?

Een poos terug zat ik bij een kantonrechter die een ochtendje zware gevallen deed – mensen met zoveel schulden dat ze volgens het OM wegens ‘betalingsonwil’ gegijzeld moesten worden. Er trok een optocht voorbij van mensen met schulden bij de huisbaas, het energiebedrijf, de telecomprovider, de fiscus. Vast onderdeel bleek de Rijksdienst voor het Wegverkeer – ik zag zeker vijf twintigers met schulden van duizenden euro’s omdat ze de verkoop of sloop van hun eerste scooter ooit juridisch hadden verprutst. Ze hadden hun kenteken niet geschorst, waardoor de belastingplicht intact was gebleven. En de RDW computer was dus blijven stampen: meerdere aanslagen, verhogingen en naheffingen per jaar. En deze sufferds maakten al die enveloppen niet open. Nu waren ze geruïneerd door hun Vespa. Eéntje moest 19.000 euro afrekenen – hij bleef nog maar even thuis wonen.

Dit is dus de flitspaal in het leven van de burger die niet zo handig is, of onmachtig, of lui, of verhuisd, of even een jaartje van de kaart geweest of digitaal onhandig of ‘gewoon’ een beetje dom. Computer says ho en zoek het lekker zelf maar uit. Met de groeten van de overheid.

Deze week wond de Nationale Ombudsman zich op over een andere flitspaal in de berm van het leven. Wie afgestudeerd of uitgestudeerd is in dit land moet zo snugger zijn om zelf zijn vrij reizen OV-kaart op te zeggen – naar schatting laat een kwart van de ex-studenten dat meestal onopzettelijk na, wat dan weer leidt tot een gemiddelde boete van 800 euro. En extra inkomsten in de afgelopen drie jaar van 140 miljoen euro, waarvan de Dienst Uitvoering Onderwijs 3 miljoen opstrijkt. Daar had de Ombudsman een enigszins zalvend advies bij aan DUO, namelijk ‘graag effectiever communiceren’ met de studenten. Zeker! De studentenorganisaties vragen zich af waarom die vrij-reizen optie niet automatisch stopt bij uitschrijving.

Ik vraag me dan weer af of een flitspaal die 6 miljoen ophaalt, kentekens waar 19.000 euro uitgemolken wordt en 800 euro boetes voor een kwart van de studenten, nog berusten op redelijke wetsuitleg, behoorlijk bestuur of fatsoenlijke omgang met de burger. De geldkraan open laten staan vanuit de gedachte dat de burger die zelf maar moet sluiten als zijn omstandigheden zijn gewijzigd, komt neer op het zetten van een val, dan wel het uitlokken van problemen. Waarna de overheid terugvordert via rechter en deurwaarder. Het is de perverse kant van de digitale overheid, waar de proportionaliteit zoek lijkt en voorkomen vergeten lijkt.

De overheid stelt behalve hoge ook keiharde eisen aan de burger die steeds overzicht moet houden, correcte informatie tijdig moet verstrekken en digitaal volledig competent dient te zijn. Ook mij lukt dat niet altijd. En ik heb heus opgelet op school.

De Raad van State begon vorige week in zijn jaarverslag over 2016 over de noodzaak voor de bestuursrechter om ‘indringender’ te toetsen. De overheid heeft de onbedwingbare neiging almaar strenger te worden, aangemoedigd door de Staten-Generaal die een notoir zwart beeld heeft van de medemens als profiteur/fraudeur. De afdeling bestuursrechtspraak halveerde vorig jaar in een aantal gevallen de hoge bestuurlijke boetes die werden opgelegd. Proportionaliteit en dus evenredigheid ontbraken – dat lijkt een structureel probleem. De rechter hijst dus de stormvlag – de overheid moet dimmen. Doe er wat aan.

De auteur is juridisch commentator. Facebook: nrcrecht