Recensie

Niet vriendschap, de liefde doet ertoe

Daniël Rovers

Drie studievrienden komen als veertigers weer eens bijeen. Herinneringen delen ze nauwelijks. Liefdesrelaties, hoe desastreus ook, waren veel dominanter, en daar laat Rovers je over nadenken.

Ecohotel The Scarlet in Cornwall, Engeland Foto Peter Marlow/MAGNUM PHOTOS

Het duurde even voordat Daniël Rovers’ De waren en ik elkaar wisten te vinden. Zo las ik in het begin van het boek over ene Ade, een ‘niet meer zo jonge, en allang niet meer veelbelovend te noemen kunstjournalist, would-be tentoonstellingsmaker en aankomend museumgids’ en zag dat ‘aankomend’ aanvankelijk aan voor een rariteit (oké, we hebben te maken met een alwetende verteller, maar zelfs deze zal toch niet zó alwetend zijn dat hij nu al weet wat zich in de toekomst zal voltrekken?). En bij de opmerking dat breed-glimlachen ‘waarschijnlijk de enige gelaatsuitdrukking was die overbleef’ zodra je je in een Audi voortbeweegt, zette ik hoofdschuddend een vraagteken in de kantlijn: larie, gisteren gleed hier nog zo’n auto door de straat met een stuk chagrijn achter het stuur.

Het water op de kaft van Rovers’ derde roman oogt kalm en glad, maar ik ben er gaandeweg genadeloos in kopje-onder gegaan. Het is zo’n roman die je even de tijd moet geven, want behalve het hierboven genoemde, in het oog springende taalgebruik lijkt er in het begin niet zo gek veel aan de hand te zijn: drie vrienden, zo rond de veertig jaar, spreken af in de stad waar ze jaren terug samen studeerden. Er wordt wat bijgepraat en hier en daar wordt voorzichtig gesuggereerd dat het niet allemaal zo voorspoedig voor ze is verlopen zoals ze wilden. Big deal, denk je dan, we kunnen niet allemaal in een Audi rijden.

Het aanzwellen van jaloezie

Als Rovers (1975) zijn verhaal in een vorm had verteld die ik voor het gemak maar even als ‘traditioneel’ betitel, dus een lineair verteld blok dat doorspekt zou zijn met herinneringen van Ade, Bob en Ricky, dan was het maar de vraag of het had geboeid. Maar zijn wapen is de vorm, hiermee brengt hij een effect bij je teweeg dat doet denken aan sommige subtiel geconstrueerde Franse films. François Ozons 5 x 2 bijvoorbeeld, de film die begon met de breuk tussen twee geliefden en je daarna episodes uit de affaire voorschotelde waarin het verrukkelijk gissen was naar waar de eerste haarscheurtjes waren ontstaan.

De liefde is ook wat we van het drietal voorgezet krijgen. Op een wetenschappelijk congres in Portugal legde Ricky het bijvoorbeeld ooit aan met Pessoa-kenner Filippe. Hij wordt door Rovers beschreven als een ideale partij voor Ricky, maar ze hield vanwege ‘het verlangen om alleen te zijn en morgen uitgeslapen wakker te worden’ de boot op het beslissende moment af. Met Filippe’s opmerking, de volgende ochtend gemaakt bij een eerste kop koffie, dat Ricky ‘messed up his life’, bindt Rovers deze lijn rigoureus af. Heeft Ricky daar haar grote kans laten schieten? En hoe zal het die arme Filippe zijn vergaan? Of neem Ade, die ooit in Gent samenwoonde en op een dag zijn vriendin in het gezelschap van een robuuste Noor aantrof. Nee, ze liggen niet bloot in elkaar verstrengeld, maar zoiets pompeus heeft Rovers ook helemaal niet nodig om het aanzwellen van jaloezie en vernedering invoelbaar te maken. Vermoeid gaat Ade op zeker moment naar bed, hopend dat zijn vriendin snel zal volgen, maar die zet nog even fijn een plaat op met de Noor. Hij is haar kwijt en je weet het.

Dominante rol van de liefde

Hoewel Ricky, Bob en Ade aan elkaar moeten toegeven dat ze ondanks hun gedeelde jaren amper gezamenlijke herinneringen hebben, is De waren geen portret van een vriendschap die altijd al leeg was of teloor is gegaan. Nee, het is eerder zo dat hij met die twee strengen van vriendschap enerzijds en liefde aan de andere kant duidelijk lijkt te willen maken dat die tweede streng er pas écht toe doet voor een individu. Hoe desastreus die liefde ook moge verlopen. De roman doet je nadenken over de dominante rol van de liefde in onze, en misschien wel in elke cultuur. Er bestaan talloze ideologische stromingen die tien, twintig, honderd jaar geleden beleden werden met al het vuur dat we in ons hadden, en die ons nu als volslagen ridicuul voorkomen. Maar de beul die Liefde heet blijft onverminderd voren in en tussen onze levens aanbrengen. Samen zwijgend aan de Waal lijkt die bitterzoete les tot Ricky, Bob en Ade door te dringen.