‘Ik was al vrij direct, maar nu ben ik héél direct’

Spitsuur

De Britse Maureen Adam (57) kwam via Hongkong in Nederland terecht. Ze runt een werving- en selectiebureau. „Vanaf dag één vond ik die Nederlandse directheid heel prettig. Ja is ja en nee is nee.”

Maureen: „Ik werkte vroeger vanuit huis, maar dat ging niet meer. Zat ik aan de telefoon met een klant, viel mijn kind van de trap”.

Maureen: „In 1991 ben ik naar Nederland gekomen. Daarvoor had ik viereneenhalf jaar in Hongkong gewerkt, destijds nog een Britse kolonie. Daar was ik beland tijdens een reis met een vriendin. Ik had van tevoren gezegd: als ik in Hongkong een baan en een huis vind, blijf ik daar. En zo is het gegaan. Een beetje avontuur leek me wel leuk, na een paar jaar in Londen als recruiter te hebben gewerkt. In Hongkong heb ik mijn toenmalige echtgenoot ontmoet, een Nederlander.

„Ik heb een eigen internationaal werving- en selectiebureau opgezet, Adams Multilingual Recruitment, dat mensen plaatst in Nederland en elders in Europa. De arbeidsmarkt werd steeds internationaler, maar uitzendbureaus voor buitenlanders waren er nauwelijks. Sterker nog: op veel uitzendbureaus hing een briefje op de deur: ‘als je geen Nederlands spreekt, hoef je niet binnen te komen’.

„De taal was in het begin het grootste struikelblok. Ik vond de Nederlandse termen moeilijk en ik kon niet in het Engels met de Belastingdienst bellen. En ik mocht me pas bij de koepelorganisatie aansluiten als mijn bedrijf een jaar bestond. Gelukkig was iedereen wel heel behulpzaam, ik mocht bij veel bedrijven direct langskomen om te praten. Internet bestond nog niet begin jaren negentig, dus als een bedrijf werknemers zocht, plaatste ik een advertentie in De Telegraaf; het tempo in recruitment lag toen zoveel lager dan nu. Ik had al snel grote klanten als Intel en Cisco Systems.”

Jubileum op Ibiza

„In die tijd kreeg ik ook nog een kind, dus ik had het heel erg druk. Ik werkte vanuit huis, maar dat ging op een gegeven moment niet meer. Zat ik aan de telefoon met een klant, viel mijn kind van de trap. Of klom hij in een kast. Toen heb ik een kantoor gehuurd in Amsterdam. Eerst in het centrum, later, toen de crisis uitbrak, in Sloterdijk. Want ik moest aan kostenbeheersing gaan doen. Ik heb meegemaakt dat een grote klant van de ene dag op de andere veertig vacatures introk.

„Maar mijn bedrijf heeft het overleefd. Dit jaar bestaat het twintig jaar en in al die tijd heb ik maar één jaar verlies gedraaid. Er werken nu twintig mensen, uit de hele wereld, en we hebben twee kantoren, in Amsterdam en Rotterdam. Om het jubileum te vieren, zijn we met z’n allen drie dagen naar Ibiza geweest. En eind dit jaar houden we een congres over de toekomst van recruitment, waar onderwerpen aan de orde komen als flexibilisering en de rol die technologie kan spelen.”

Heel Nederlands geworden

„Mijn balans tussen werk en privé is altijd goed geweest. Ik denk omdat ik een kind had. Ik ben niet iemand die 86 uur per week werkt. Ik heb zelfs één dag per week vrij. Maar als ik tien dagen met vakantie ben, zoals laatst in Zuid-Afrika, ben ik de eerste vijf dagen wel aan het werk. Niet fulltime, maar toch… Na die vijf dagen heb ik tegen mezelf gezegd dat ik vakantie had en ben ik gestopt met het beantwoorden van mails.

„Ik ben in al die jaren dat ik hier woon heel Nederlands geworden. Ik was al vrij direct, maar nu ben ik héél direct. Vanaf dag één vond ik die Nederlandse directheid heel prettig. Ja is ja en nee is nee. In Azië is alles altijd ‘misschien’. Al gaan Nederlanders wel eens richting bot. Dan zegt iemand je recht in je gezicht dat je haar niet leuk zit. Nederlanders zijn snel met hun mening, positief of negatief. En ik heb moeten wennen aan het werkwoord ‘moeten’. Je moet hier altijd van alles. Iedereen komt altijd met een advies als je een probleem hebt.

„Wat ik in Nederland mis zijn ruimte en natuur. Als ik in mijn geboortestreek in Noord-Engeland ga wandelen, kom je uren niemand tegen. Dat is hier wel anders. Wat me ook opvalt is dat Nederlanders altijd graag in het bos wandelen. In Engeland gaan we de heuvels in of het platteland op.”

Ondernemers voor ondernemers

„Ik had ooit de droom om me in Zuid-Afrika te vestigen. Mijn ex-man en ik hebben nog steeds een huis in Franschhoek, ten oosten van Kaapstad. Maar dat gaan we verkopen, ik heb besloten dat ik in de buurt wil blijven van mijn zoon. Ik wil mijn werk de komende jaren langzaam afbouwen en meer maatschappelijk actief te worden. Ik ben bijvoorbeeld ambassadeur van het netwerk Ondernemers voor Ondernemers, van Oxfam Novib. Daar zou ik meer tijd in willen steken. Ik vind de steun aan ondernemers in arme landen belangrijk omdat ik iets terug wil doen: ik heb een goed leven en een goedlopend bedrijf. Dat maatschappelijke heb ik van huis uit meegekregen: mijn ouders deden altijd veel via scouting en via de kerk.

„Ik wil graag in Nederland blijven, maar ik weet niet hoe het zal gaan met Brexit. Ik heb nooit reden gezien om Nederlandse te worden, want we zaten toch allemaal in de EU. Veel Britse kennissen maken zich enorm druk, zelf zie ik het niet zo somber in. Ik kan me niet voorstellen dat ik na vijfentwintig jaar weg moet uit Nederland.”