Deze drie kinderen ontkwamen aan Boko Haram

Nigeria In Noordoost-Nigeria worden grote aantallen kinderen ontvoerd, mishandeld en ingezet als strijders door Boko Haram. Drie van hen spraken met NRC.

Kinderen in een kamp voor ontheemden bij de stad Maidugu. De drie geïnterviewde kinderen staan niet op deze foto. Foto Koert Lindijer

Studio NRC

We hebben afgesproken in de dierentuin van Maiduguri. Daar voelen de twee meisjes van negen en zeventien, en de dertienjarige jongen zich genoeg op hun gemak om te vertellen over hun gevangenschap bij Boko Haram, de Nigeriaanse terreurgroep die in acht jaar een geschatte 20.000 slachtoffers maakte en miljoenen burgers op de vlucht dreef. Het gezicht van de negenjarige verkrampt en ze maakt een ontwijkende beweging als ze zich de zweepslagen herinnert. De jongen houdt de hand voor zijn keel bij zijn relaas over een executie. De zeventienjarige vermijdt oogcontact als ze vertelt over haar verkrachting. Zij zijn slachtoffer, maar werden ze misschien ook daders?

Elk hard geluid lijkt in hun ziel te snijden. Zoals de helikopters van het Nigeriaanse regeringsleger die opstijgen vanuit Maiduguri, de hoofdstad van de noordoostelijke deelstaat Borno. De bevolking is verdubbeld tot twee miljoen door mensen die zijn gevlucht voor Boko Haram. Niemand begeeft zich zonder militair escorte buiten de stad.

De drie kinderen vertellen over de afgelopen twee jaar. Het begon toen vlak voor zonsopgang de strijders van Boko Haram hun dorp Kukawe bij de grens met Tsjaad aanvielen. Iedereen rende alle kanten uit en in de paniek raakten ze hun ouders kwijt. „Opeens waren we helemaal alleen”, zegt de jongen. Ze bereikten het Tsjaadmeer en net toen een visser hen naar de overkant wilde brengen, arriveerden Boko Haram-strijders. Ze schoten de visser dood en namen de kinderen mee naar hun kamp.

De jongen kreeg militaire training en moest iedere dag in een boom op de uitkijk zitten voor het Nigeriaanse leger. De taak van het jongste meisje was om water en sprokkelhout te halen. De oudste werd als echtgenote aan een strijder toegewezen. „Bij iedere verkrachting sloeg hij me”, zegt ze met een piepstemmetje. De dertienjarige jongen leefde bij de mannen. „Op een dag riepen ze alle jongens bij elkaar. Ze hadden een regeringssoldaat gevangen. Langzaam sneden ze zijn keel open. ‘Dat gebeurt er als jullie proberen te ontsnappen’, waarschuwden ze ons.”

Een vriendje vertelde hem dat ze hun hele leven in het kamp zouden blijven als ze niet probeerden te ontsnappen. Na de dagelijkse Koranles, toen alle strijders waren vertrokken, gingen ze ervandoor. Het oudste meisje nam de leiding en ze dwaalden twee weken door de bush, tot ze nomaden tegenkwamen. Die wezen hun de weg naar een kamp van de Verenigde Naties in Tsjaad. „Hulpverleners brachten ons vorige maand terug naar Nigeria waar we opnieuw in een kamp leven. Iemand vertelde me dat onze ouders dood zijn. We willen het niet geloven, want door aan hen te denken konden we twee jaar overleven bij Boko Haram.”

Slachtoffers krijgen in Maiduguri traumahulp. Foto Koert Lindijer

Zelfmoordenaars van tien

Enkele uren voor onze ontmoeting in de dierentuin klonken er twee doffe klappen in Maiduguri. Alweer zelfmoordaanslagen. Dit keer kwamen alleen de daders om, twee meisjes. Deze week drie jaar geleden ontvoerde Boko Haram ruim 220 kinderen in het stadje Chibok, van wie het overgrote deel nog steeds in hun handen is. Unicef, de VN-organisatie voor kinderen, publiceerde een rapport om deze dag te markeren. Boko Haram zet steeds vaker kinderen in als wapen. „Sinds 2014 werden 117 kinderen gebruikt om bomaanslagen uit te voeren, van wie 80 procent meisjes”, schrijft Unicef.

Sinds begin dit jaar bliezen meer dan 30 kinderen zichzelf op, bij moskeeën, scholen, in kampen voor ontheemden en op markten. De regering zette vorig jaar 1.499 teruggekeerde kinderen gevangen. „De soldaten maken geen verschil tussen slachtoffers en daders”, zegt Mausi Segun van Human Rights Watch. De ruim twintig meisjes uit Chibok die vorig jaar vrijkwamen na onderhandelingen met Boko Haram, mochten met Kerstmis even naar hun ouders maar verblijven verder in ‘preventieve detentie’.

Na de kidnapping in Chibok zonder enige tegenstand van het regeringsleger ging Boko Haram de waarde van kinderen inzien

Mausi Segun

De meisjes van Chibok kregen dankzij sociale media internationale bekendheid. Maar Boko Haram ontvoerde ook uit andere dorpen en stadjes duizenden kinderen. Zoals in november 2015, 500 scholieren in Damasak. „Na de kidnapping in Chibok zonder enige tegenstand van het regeringsleger ging Boko Haram de waarde van kinderen inzien”, zegt Mausi Segun. „Ze hadden grote stukken grond veroverd waarvoor strijders nodig zijn. Die worden gehersenspoeld om zelfmoordaanslagen uit te voeren.”

Hulpverleners spreken over „zogenaamde zelfmoordenaars”, want een kind van tien jaar weet niet wat het doet. „We herkennen ze omdat ze zwabberen”, vertelt een soldaat bij een wegversperring. Slechts één meisje besloot op het allerlaatste moment haar zelfmoordgordel af te doen. Net toen ze haar bom af wilde laten gaan, zag ze een familielid en dat deed haar als uit een coma ontwaken. Ze vertelde de politie door haar vader, een Boko Haram-strijder, te zijn gestuurd zich op te blazen. „De zelfmoordenaars zijn uitgeput door uithongering en Boko Haram beloofde hun eten na de explosie. Of ze zijn volgepropt met drugs”, legt de soldaat uit.

Een schoolklas in ontheemdenkamp Muna Garage in Maiduguri
Foto Koert Lindijer
Een schoolklas in ontheemdenkamp Muna Garage in Maiduguri.
Foto Koert Lindijer

Geweld op geweld

Het conflict in Noordoost-Nigeria is een van de meest afschuwwekkende ter wereld, het extreme geweld vrijwel zonder weerga in Afrika, de omvang uniek. Het bestaat uit vele lagen: sociale marginalisatie van Borno, kansloze jongeren die hun heil zoeken in religie, een zich misdragend regeringsleger en burgerslachtoffers van Boko Haram die zich verenigen in wraaklustige milities. Geweld werd op geweld gestapeld met als resultaat een losgeslagen samenleving zonder ondergrond voor menselijke waarden. Een implosie van een woeste onderklasse, het schrikbeeld voor Afrika als de overheid het laat afweten.

Wie kan invoelen hoe mensen veranderen gedurende maandenlange gevangenschap, hoe hun geest zich aanpast om te overleven? Sommige kinderen proberen hun ouders te vermoorden omdat de strijders hun voorhielden dat nu Boko Haram hun familie is. Sommige gevluchte meisjes met in gevangenschap gekregen baby’s wacht thuis een ijskoud welkom en zij keren daarom vrijwillig terug naar Boko Haram. Daarom wil geen enkel slachtoffer op de foto of met naam in de krant, uit vrees te worden herkend door zijn of haar gemeenschap.

Boko Haram heeft wantrouwen en stigma’s veroorzaakt, trauma’s waar een leger psychiaters niet tegenop kan. Het leed is niet te vatten. Een oude man zit apathisch in een ontheemdenkamp in Maiduguri. Overmand door verdriet. Zestien van zijn kinderen en kleinkinderen werden ontvoerd door Boko Haram. „Ik kan zelfs niet meer in vrede sterven”, zegt hij, „niet voordat ik weet hoe het met hen gaat”.

Een schoolklas in ontheemdenkamp Muna Garage in Maiduguri. Foto Koert Lindijer