De schaduwkant van de Formule 1 in de woestijn

Formule 1

Het Formule 1-circus is neergestreken in Bahrein, voor de grand prix van komende zondag. Elk jaar weer een heikel onderwerp: de mensenrechtensituatie.

Het circuit van Bahrein tijdens een training voor de grand prix van 2016. Foto Valdrin Xhemaj / EPA

Het Sakhir-circuit in de woestijn van Bahrein typeert zich door de lange rechte stukken, de hitte, het zand op de baan en de grote kans dat dertig kilometer verderop protesten keihard worden neergeslagen door het regime.

Geen race die de ongemakkelijke worsteling van de Formule 1 met politieke situaties zo blootlegt als die in het kleine staatje in het Midden-Oosten. Vier mensenrechtenorganisaties stuurden vorige week een brief naar Chase Carey, de nieuwe grote baas van de F1 na het vertrek van ‘godfather’ Bernie Ecclestone, zijn commercieel directeur Sean Bratches en sportief directeur Ross Brawn. De boodschap: gelast de race af, want als jullie hem laten doorgaan, hebben jullie bloed aan je handen. De politieke situatie in het land is „alarmerend”, schrijven ze. De F1 zou zich moeten realiseren dat het regime van de Al Khalifa-familie de race – nog steeds – gebruikt om „de wereld een ander beeld te laten zien van het land dan de werkelijkheid”.

Arabische Lente

In 2004 werd er voor het eerst geracet in Bahrein. Het was het eerste land in het Midden-Oosten dat een grand prix kreeg. Tientallen miljoenen worden er per jaar betaald om het F1-circus naar de oase van asfalt, vlak bij het strand te krijgen. Het circuit zelf is voor de coureurs niet het meest uitdagende op de kalender, maar het ontbreekt ze er in ieder geval aan niets.

De Formule 1 werd in 2011 voor het eerst prominent betrokken bij de politieke situatie in Bahrein. De race, traditioneel een van de eerste van het seizoen, viel midden in de Arabische Lente. Omwille van de veiligheid werd eerst besloten de race uit te stellen, wat kritiek opleverde van onder anderen oud-wereldkampioen Damon Hill, die waarschuwde voor de associatie van de sport met „repressieve methoden om orde te krijgen”. Uiteindelijk werd de race helemaal afgelast.

De kritiek was er een jaar later weer; de situatie was nog verre van stabiel. The Guardian meldde dat meerdere teams hun zorgen hadden geuit. Toch ging de grand prix door. Ecclestone noemde de protesten in Bahrein „niet serieus”, de FIA dacht dat de race juist kon „helpen bruggen te bouwen” in het land.

Het Sakhir-circuit in Bahrein tijdens de grand prix van 2016. Foto Srdjan Suki / EPA

Veranderingen

Er is al jaren amper iets veranderd in Bahrein, zegt Anne de Jong, assistent-hoogleraar antropologie van conflicten aan de Universiteit van Amsterdam, gespecialiseerd in het gebied. „In 2011 was de situatie zichtbaar, sindsdien hoor je weinig over het land. Maar het gaat alleen maar van kwaad naar erger, het is een van de landen waar de Arabische Lente nog volop aan de gang is.” De Al Khalifa-familie drukt elke oppositie de kop in, demonstranten verdwijnen de gevangenis in, waar ze volgens verschillende rapporten worden gemarteld. „Het beledigen van het koningshuis – wat het regime is – is strafbaar. Comedians die op sociale media jolig doen, worden opgepakt. En ze krijgen lange straffen. Tegenwoordig wordt ook gedreigd met het afpakken van paspoorten. Heel effectief, want zo weerhoud je critici ervan om in het buitenland een praatje te houden. Het is succesvolle onderdrukking.”

Bahrein is niet het enige land waar de Formule 1 te maken krijgt met mensenrechtenkwesties. Dat geldt ook al jaren voor China en recentelijker voor Rusland en Azerbajdzjan. De kritiek op de organisatie daar komt echter vooral van buiten het land, in Bahrein gaat de bevolking er al jaren zelf de straat voor op, vaak met bloedige gevolgen. „Denk ook niet dat het daar gaat om een groepje activisten”, zegt De Jong. „Dit wordt in Bahrein breed gedragen. De Formule 1 is vooral een feestje voor het regime en de rijke bovenlaag.”

De oproep van de vier organisaties toont aan dat Bahrein de wond voor de Formule 1 is die het meest blijft etteren. De Jong denkt dat de brief vooral strategisch bedoeld is, afgelasting van de race zit er niet in, dat weten zij ook. „Er komt zo weer aandacht voor de problematiek, tegelijkertijd is het ook zelfbescherming; mochten protesten weer bloedig neergeslagen worden, dan blijft dat niet onzichtbaar.”

Nieuwe baas, nieuwe kans?

Ecclestone leek tijdens zijn decennia als Formule 1-baas vaak bewust doof en blind voor mensenrechtenkwesties. „Welke mensenrechten?”, zei hij in 2013 nog in reactie op vragen erover. „Ik weet niet wat die zijn. We gaan niet ergens heen om te beoordelen hoe een land geregeerd moet worden.”

In 2015 werd in de aanloop naar de grand prix in Bahrein dan toch beleid gemaakt. De Formule 1 stelde in het algemeen mensenrechtensituaties te erkennen als onderwerp.

Maar wat dat oplevert? De organisaties in Bahrein wijzen in hun oproep op de belofte. En met Carey zouden ze een op z’n minst ontvankelijker oor moeten hebben. Hij is diplomatieker dan Ecclestone, die vaak de beschuldiging kreeg in snelle oplossingen te denken en openstond voor races op elke plek, als er maar een zak geld klaar stond. Een reactie op de brief is nog uitgebleven, de FIA heeft ook niet gereageerd op vragen van NRC.

De Jong denkt dat een statement van de F1 in Bahrein wel degelijk kan helpen. „Juist omdat de Al Khalifa-familie in de illusie leeft dat alles perfect gaat. Ze trekken zich dat wel aan. Zo heeft het regime onder internationale druk al stappen genomen. De F1 is wereldpolitiek en Bahrein is nog niet op het punt dat ze geen concessies kunnen doen.”