Recensie

Zachtere feministes in radiomusical Madam

Menigeen meende dat ze een rare keuze had gemaakt, zegt Stef Visjager. Madam, de vierde van de zeven musicals van Annie M.G. Schmidt en Harry Bannink, boekte anno 1981 toch veel minder succes dan de drie voorgaande?

Werd de schrijfster destijds niet door velen bekritiseerd om haar scabreuze taalgebruik? En werd haar toen ook niet verweten dat ze zich niet solidair had getoond met de toenmalige vrouwenbeweging?

Stef Visjager is de uitvinder van het woord radiomusical. Zes jaar geleden maakte ze een hoorspelversie van Heerlijk duurt het langst, de eerste Schmidt & Bannink-musical, en nu heeft ze Madam ter hand genomen.

Annie Schmidt beschreef daarin op ironische toon hoe een kraakpand vol feministes ten strijde trok tegen een wulps bordeel in het buurpand. En ze liet duidelijk doorschemeren dat ze eigenlijk meer aardigheid in die seksclub had dan in het vrouwenhuis. Dat maakte destijds veel kritiek los.

In 1981 vertolkte Conny Stuart de madam. In de hoorspelversie heeft Annet Malherbe die rol op zich genomen, terwijl Pierre Bokma de benarde huurder speelt van het pand dat door de vrouwenbeweging is gekraakt.

Na een generale repetitie met publiek, half maart in theater DeLaMar in Amsterdam, is de hele musical de afgelopen maand opgenomen in een radiostudio – scène voor scène, liedje voor liedje.

„Ik ben best zenuwachtig geweest toen ik hieraan begon”, zegt Stef Visjager. „Maar de plot zit goed in elkaar en het thema is nog steeds relevant. Ik werd steeds enthousiaster”.

Samen met muzikaal leider Bob Zimmerman heeft ze de beide vrouwenkampen iets meer in balans gebracht: „In het origineel waren de feministes nogal hoekig en bonkig. Mede door de arrangementen zijn ze nu zachter en sympathieker gemaakt. Ze zingen zelfs zesstemmig. En de liedjes blijven prachtig. Dit is cultureel erfgoed, dat ik graag wil ontsluiten”.