Column

Jaloers op de islam

Rond Pasen vraag ik me altijd af hoe onze kerken er uit hadden gezien als er eertijds andere executiemiddelen gangbaar waren geweest. Guillotines op altaren en torenspitsen? Galgjes waaraan Hij zachtjes bungelt in de wind? En kijk die kindjes toch schattig paraderen met hun palmpaasstokken met zelfgeknoopte stropjes… Dit simpele gedachte-experiment geeft het christendom iets van zijn oorspronkelijke heftigheid terug.

In Den Haag zijn er, volgens het AD, katholieke scholen die het paasfeest zouden ‘afzwakken’ om moslims tegemoet te komen. Bij islamitische kindertjes zou bijvoorbeeld het kruis van hun paasstokjes zijn afgebroken. CU-voorman Gert-Jan Segers benutte de ophef voor wat zendelingswerk op Twitter: „Als iedereen die dit erg vindt voortaan wekelijks naar de kerk gaat, dan zal Pasen echt gewoon Pasen blijven.”

Maar de kerken stromen echt niet meer vol. Pasen zal onvermijdelijk veranderen in het commercieel-seculiere lentefeestje dat het voor het gros van ons allang is. Persoonlijk vind ik de stap van morbide mythen naar vrolijk gekleurde haasjes er eentje voorwaarts. Ik juich het ‘afzwakken’ van religieuze symboliek dan ook toe.

Toch herken ik de irritatie wel, en soms denk ik: schuilt hier misschien ook een raar soort jaloezie op moslims onder? Ik bedoel: zij lijken nog levende rituelen te hebben, een spirituele traditie, met bijbehorende hechte familiebanden, bruiloften en uitvaarten die langer duren dan wat haastige uurtjes, vrouwen die dagenlang samen in de keuken exotische lekkernijen staan te bereiden – nou ja, ik romantiseer het vast een beetje en er zijn ook schaduwkantjes.

Mij gaat het er om dat wij als seculiere westerlingen dondersgoed aanvoelen dat het afbrokkelen van onze sociale en spirituele tradities een verlies inhoudt. En dus bouwen we stevige verdedigingsmuurtjes rond de allerlaatste restjes ervan: Sinterklaas, Kerst en Pasen. Terwijl onze echte frustratie is dat we geen werkende alternatieven hebben gevonden voor onze primitieve maar bezielde riten. Zeker als je niet van voetbal houdt, ligt de warme saamhorigheid die religieuzen nog wel schijnen te ervaren volslagen buiten je bereik.

Helaas zijn we te verlicht om ons alsnog te bekeren. Jaloezie op de islam is als jaloezie op de naïeve onbekommerde jeugd, die ons confronteert met ons eigen gemis. Maar de energie die sommigen vervolgens steken in het verdedigen van woorden en symbolen – de vorm – kan vruchtbaarder geïnvesteerd worden in het versterken van niet-religieuze geestelijke krachten, zoals kunst.

Binnen twintig of dertig jaar is Pasen een seculier eierfeest voor iedereen onder de lentezon. Net als de kleur van de Piet is de vorm van de stok dan maar bijzaak.

Christiaan Weijts schrijft op deze plek elke vrijdag een column.