Amsterdam wil de massa’s ‘wegmasseren’

Verkeerscentrale

‘Overcrowding’ ligt regelmatig op de loer in Amsterdam, zeker rond Pasen. Dus doet de stad aan ‘crowdmanagement’. “Goh, kent u ook de Sloterplas al?”

De verkeerscentrale bewaakt 24 uur per dag de doorstroming van het autoverkeer op de hoofdwegen en tunnels van Amsterdam. Niels Blekemolen

Het „aanvalsplan” ligt klaar in de controlekamer van de verkeerscentrale van Amsterdam. Deze donderdagmiddag zitten de verkeersleiders nog onderuitgezakt in hun stoelen. Kijkend naar de tientallen camerabeelden van verkeersstromen op de weg, in tunnels en op de verkeerspleinen.

Maar op Goede Vrijdag gaat het los, zegt Daniël van Motman van de afdeling verkeerstactiek, boven in de verkeerscentrale. De gemeente Amsterdam maakt zich op voor een recordaantal bezoekers tijdens het komende paasweekend. Zeker 99 procent van de hotels en B&B’s in de stad is volgeboekt. „Die drukte houden we echt niet tegen”, zegt Van Motman. „Wat we wél kunnen doen, is die drukte in goede banen leiden. Ons werk is om de pieken in de massa’s zoveel mogelijk weg te masseren.”

Verkeersregelaars

De vraag is hoe. Er lopen dit weekend zeventig extra handhavers en politieagenten rond in de Amsterdamse binnenstad. Verkeersregelaars worden ingezet op bekende knelpunten. Touringcars mogen tijdelijk het centrum niet in. En ‘welkomstteams’ op station Amterdam Centraal en het Museumplein doen suggesties aan toeristen: „Goh, kent u ook de Sloterplas al, of vergeet u Amsterdam Castle niet?”

Thomas Schlijper
Niels Blekemolen
Niels Blekemolen
Niels Blekemolen en Thomas Schlijper

Zoete en zure maatregelen

‘Overcrowding’ ligt regelmatig op de loer op plekken als de Wallen en de Kalverstraat, de winkelstraat die in het verleden al twee keer werd afgesloten wegens de drukte. „We hebben de Wallen nog nooit hoeven afsluiten voor het publiek”, zegt Van Motman. „We doen er alles aan om dat te voorkomen.” Bijvoorbeeld met zogenoemde zoete maatregelen. „Om de bezoekers te spreiden en overvolle stegen te voorkomen, plaatsen we dit weekend informatieborden die de route aangeven.” „Normaal gesproken doen we dat alleen bij grote evenementen, maar nu wordt het dermate druk dat het vaker nodig zal zijn.” Zijn er ook zure maatregelen? „Ja, zuur is het als we een gebied of straat tijdelijk moeten afsluiten.”

Toezicht op de Wallen is er van uit de verkeerscentrale niet. „Ja Daniël, wanneer krijgen we daar een camera?”, vraagt verkeersleider René Kerkvliet (56). Ondertussen zoomt hij in op de Dam. Auto’s, veel fietsen, voetgangers rond het Monument. „Die paal moeten we nog een keer weghalen”, grapt Kerkvliet.

Lees ook: ons interview met de hoofdcommissaris van Amsterdam: ‘Mijn agenten hebben het te druk voor hun werk’.

Loopstromen nog niet in beeld

De verkeerscentrale bewaakt 24 uur per dag de doorstroming van het autoverkeer op de hoofdwegen en tunnels van Amsterdam en het voetgangersverkeer voor de delen van de stad die in de controlekamer zichtbaar zijn: de Munt en de Dam. Waarom worden de voetgangers alleen gemonitord op die plekken? Dagelijks telt Amsterdam 1,1 miljoen verplaatsingen op de fiets en te voet en ‘slechts’ 400.000 per auto. „Voetgangers en fietsers zijn de volgende stap”, zegt Van Motman. „We beschikken helaas nog niet over een monitoringssysteem dat de loopstromen in de stad meet in aantallen en dichtheden. Daar wordt over nagedacht, maar dat is kostbaar.”

Het is niet alléén een geldkwestie, zegt Jasper Karman, woordvoerder van burgemeester Van der Laan, over de telefoon. „Het raakt ook aan de vraag: wat voor stad wil je zijn? Willen we bezoekers 24/7 gaan monitoren? Daar is nog geen politiek besluit over genomen.” Volgens Karman wordt momenteel wel gewerkt aan een voorstel.

Voorlopig gebeurt het crowdmanagement dus nog op de „traditionele manier”, zegt Van Motman. Of die paar borden en verkeersregelaars aankomend weekend genoeg zullen zijn, gaat hij met eigen ogen ervaren. Met collega’s zal hij dit weekend twee avonden rondlopen over de Wallen. Ja ja, lachen zijn collega’s in de controlekamer. Van Motman: „Het moet van de baas.”