Moeten lokale partijen vrezen voor de PVV in de raad?

Gemeenteraadsverkiezingen 2018

PVV-leider Wilders gaat donderdagavond naar PVV-bastion Rucphen om raadsleden te werven. Lokale politici maken zich geen zorgen.

De fractievoorzitter van de VVD in Rucphen, Hilde Spijkers-Suijkerbuijk (41), heeft een grote camping aan de rand van het Brabantse dorp. Luxe vakantievilla’s, een veld voor tenten, een Robin Hood-speeltuin. Spijkers doet het raadswerk ernaast. De VVD is de grootste partij in Rucphen, met 7 van de 19 zetels, en zit in een coalitie samen met de lokale Rucphense Volks Partij (RVP).

PVV-leider Geert Wilders wil volgend jaar in deze Brabantse gemeente meedoen aan de verkiezingen, net als in zestig andere plaatsen. De gemeenten zijn verdeeld over het hele land. Het zijn vooral plaatsen waar de PVV het al goed doet bij verkiezingen.

Rucphen is een verzameling typisch Brabantse kerkdorpen met één hoofdstraat waar vrachtwagens doorheen denderen. Er wonen ruim 22.000 mensen. Bij de Tweede Kamerverkiezingen in maart stemde bijna 40 procent er op de PVV. Vooral in het dorp Sint Willebrord – bijnaam: ’t Heike – scoort de partij van Wilders uitstekend. Wilders bezoekt donderdagavond gemeenschapshuis De Lanteern in Sint Willebrord, om mensen over te halen zich kandidaat te stellen als PVV-gemeenteraadslid. Het is een klein dorp met meerdere kroegen. Er wonen veel bouwvakkers. Ghb-verslaving onder jongeren is er een probleem, net als stevige criminaliteit.

„Ach” en „tja”, bromt VVD-fractieleider Spijkers. Eigenlijk maakt de lokale VVD-fractie zich weinig zorgen. Spijkers: „Deze regio is bijzonder. Mensen denken: ik ken jou, jij helpt mij, dan stem ik op je. Dat is hoe het gaat. Het zal dus belangrijk voor de PVV zijn om mensen aan te trekken die hier geworteld zijn. Maar dat is heel moeilijk, kan ik je vertellen.”

Raadsleden zoeken

Ad van Loon, gepensioneerd, zit al 25 jaar in de Rucphense politiek. Hij was PvdA-wethouder, maar dat ging verkeerd: „Na een breuk tussen die partij en mijn persoontje ben ik overgestapt naar de Rucphense Volks Partij.” Daar is Van Loon fractievoorzitter. Ook hier zeggen ze: het is heel moeilijk mensen warm te krijgen voor het raadslidmaatschap. Bijna iedereen die interesse heeft zit al in de raad of is al eens gepolst. Anders: te druk, geen zin, weinig politieke interesse.

Van Loon heeft nog een argument: „Mensen stemmen hier landelijk PVV, maar ik denk dat ze lokaal andere onderwerpen belangrijk vinden.”

De RVP en VVD zorgden bijvoorbeeld voor een rondweg, waardoor het vrachtverkeer straks niet meer door de dorpen hoeft. Van Loon: „Dat resultaat zien de mensen. Zoiets moet de PVV nog maar weten op te bouwen.”

Lokaal versus landelijk

Is het optimisme bij de Rucphense politici terecht? Niet helemaal, denkt bestuurskundig onderzoeker Julien van Ostaaijen, verbonden aan Tilburg University. Hij erkent dat in kleine gemeenschappen vaak specifiek op personen wordt gestemd. Maar hij wijst ook op een belangrijker feit: ongeveer veertig procent van de kiezers stemt bij lokale verkiezingen op basis van landelijke argumenten. Dus niet de vrachtwagens in het dorp, maar algemene zorgen over asiel en immigratie.

Van Ostaaijen: „Overwint de bekendheid van lokale politici of het landelijk elan van de partij? Daar gaan deze verkiezingen met de PVV om.”

Het zijn vooral de lokale partijen die moeten vrezen voor de PVV. Kiezers van lokale partijen lijken op PVV-stemmers, blijkt uit het onderzoek Democratie Dichterbij uit 2016 door politicologen Tom van der Meer (Universiteit van Amsterdam) en Henk van der Kolk (Universiteit Twente). Zij schrijven: „Het zijn vaker de oudere, laagopgeleide burgers met een kleine portemonnee, die weinig vertrouwen hebben in de politiek, zich meer interesseren voor hun gemeente dan gemiddeld, en zich er ook meer zorgen over maken.”

Van de mensen die landelijk voor de PVV kozen, stemde bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen, in 2014, meer dan de helft op een lokale fractie. De PVV deed toen alleen meer in Den Haag en Almere: daar haalde de partij prima resultaten.

Wilders’ dubbele tactiek

Helpt het Wilders om zelf in Rucphen te werven, inclusief een interview bij Omroep Brabant? Van Ostaaijen denkt van wel. Ten eerste: Wilders schuift zichzelf als boegbeeld naar voren, wat de PVV sowieso veel stemmen oplevert. Van Ostaaijen: „In dorpen als Sint Willebrord hoor je vaak mensen zeggen dat ze op ‘Wilders’ hebben gestemd. Je hoort ze zelden zeggen dat ze ‘PVV’ hebben gestemd.”

Bovendien: Wilders’ allure kan lokale bekendheden tóch dat doorslaggevende zetje geven om zich als raadslid aan te melden.

Hij lijkt op deze manier een dubbele strategie te voeren in aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van 2018. Olaf Stuger, PVV-Europarlementariër die gemeenten selecteert waar de PVV zal meedoen, zegt het ook via de telefoon: „We gaan proberen ons er lokaal tussen te nestelen. De basis blijft de landelijke agenda, maar verder krijgen de lokale fracties veel ruimte voor eigen beleid.”

Dat vinden regionale PVV-politici prettig. Als ze wat los staan van Wilders en de Tweede Kamerfractie, is de kans groter dat andere partijen met hen willen besturen, redeneren zij. Dan zou de PVV wethouders kunnen leveren, en echt invloed krijgen. Precies wat veel PVV’ers graag willen: een volwassen partij.

VVD-raadslid Hilde Spijkers heeft, net als RVP-raadslid Ad van Loon, nog niemand gehoord die voor de PVV in de gemeenteraad wil. Ze gelooft ook niet dat het programma van de PVV aanslaat bij lokale verkiezingen. „Immigratie en asiel spelen niet zo in het Rucphense”, zegt Spijkers. Er is geen azc, weinig problemen met vluchtelingen. „Ik denk dat mensen bij landelijke verkiezingen PVV kiezen uit angst, maar het zijn geen problemen die in onze dorpen spelen.”

Spijkers gaat niet naar De Lanteern om Wilders te zien: „We gaan met de raad praten over de nieuwbouw van een zwembad, een sporthal en wielerbanen. Veel belangrijker.”