Column

Denkend aan Denk: mis het signaal niet

Denkend aan Denk, zie ik …., ja wat zie ik eigenlijk? Die vraag houdt me sinds de verkiezingen bezig. Nederland ziet in Denk vooral een vijfde colonne, een voorhoede van een buitenlandse mogendheid waar het van kwaad tot erger gaat. Het spijtige is dat we daarmee een belangrijk signaal missen. De verkiezingswinst van Denk is namelijk vooral een signaal van diep onbehagen in de Nederlandse moslimgemeenschap.

Wat het eerste betreft, Denk als voorpost van Erdogan: Nederland is verzeild in een ongekend heftig diplomatiek conflict met Turkije. Met Frits Bolkestein kun je jezelf afvragen: wat is hier ons belang? Als je de wederzijdse electorale belangen wegdenkt, wat rechtvaardigt dan de felheid van de reactie? Wij zijn diep bezorgd: Turkije glijdt af naar een dictatuur. Je kunt het ook anders zien: er is daar net een militaire coup afgeslagen, door moedig optreden van de bevolking, ten koste van veel burgerslachtoffers. Met enige ironie: is er een beter bewijs voor een levende democratie? Vergelijk dit met Egypte, waar het leger nu machtiger is dan ooit. Het zijn maar vragen. Ik zou echter geen goed antwoord weten.

Door de confrontatie met Turkije missen we ondertussen een belangrijk signaal. Denk is geen product van de ontwikkelingen in Turkije; het product is van binnenlandse makelij. Dat blijkt alleen al uit de grote groepen Marokkanen die ook voor Denk hebben gestemd, zie hun monsterzege in Amsterdam-West. Het is een reflectie van de onrust onder Turkse en Marokkaanse Nederlanders.

Is die onvrede verrassend? Mark Rutte heeft groot gelijk: je moet niet onmiddellijk reageren op ieder stuk rood vlees. Maar het bloed zit inmiddels overal. Want de discriminatie van moslims is veel breder dan louter het „minder, minder, minder” van de PVV (overigens: hulde aan De Telegraaf die nog diezelfde avond fel stelling nam), hun kopvoddentax of koranverbod (aardig om de passage over Sodom en Gomorra in de bijbel nog eens na te lezen).

Meer impliciet dragen bijna alle politieke partijen bij aan die discriminatie. Terwijl de leiding van de politie probeert het verwijt van discriminatie het hoofd te bieden, zegt Halbe Zijlstra dat etnisch profileren vanzelfsprekend is. De minister van Integratie heeft maanden nodig om te erkennen dat hij iets te snel de negatieve conclusie uit een onderzoek over moslims tot de zijne heeft gemaakt. En het hand-in-hand lopen van Pechtold en Koolmees: prima, een demonstratie tegen homohaat. Maar in de huidige maatschappelijke context is dit een stellingname in de oppositie homo’s versus moslims. Als ik moslim was, zou ik me bij verstek veroordeeld voelen, opnieuw. Is zo’n demonstratie van politici in die context verstandig? Is er dan geen reden voor kritiek op de Turks- en Marokkaans-Nederlandse gemeenschap? Is het glas halfvol of halfleeg? Eerlijk gezegd is het driekwart vol. Tussen 2001 en 2012 is het aandeel onder hen met hoger onderwijs ruimschoots verdubbeld, van zes naar dertien procent (mij valt altijd het ongeloof op als ik deze cijfers noem). Afkloppen, maar sinds de moord op Theo van Gogh zijn hier geen slachtoffers van islamterreur meer gevallen. Hoe anders is dat in de landen om ons heen. De integratie van Turken en Marokkanen is hier blijkbaar redelijk geslaagd.

Ik weet niet of ik de woorden zou kunnen vinden om dit op een verbindende manier te zeggen. Een nieuw kabinet zou echter een goede daad verrichten door in de regeringsverklaring te zeggen dat Nederland een prachtig land is. Een land waar niemand op basis van zijn geloofsovertuiging of seksuele geaardheid wordt gediscrimineerd. En die godsdienstvrijheid, die geldt ook voor moslims. Dat zou Nederland veel ellende kunnen besparen.

Coen Teulings is econoom en hoogleraar aan de universiteiten van Cambridge en Amsterdam.