Misstanden in slachthuis

Slachten onder overheidstoezicht

Foto iStock

Wat in de terechte ophef over de misstanden in het slachthuis te Tielt niet aan de orde komt is het feit dat dieren in commerciële omgevingen worden gedood; keurmeesters werken bij een bedrijf dat een winstoogmerk heeft. Nog niet zolang geleden was het anders: de overheid was de baas in de slachthuizen, het waren meestal gemeentelijke abattoirs waar de dieren hun leven eindigden. De commerciële partijen waren bij de overheid ‘te gast’. De keurmeesters waren de baas en lieten dat zonodig merken. Ik weet dat uit ervaring: mijn vader was vleesgrossier. Hij had een gebouw op het gemeentelijke slachthuisterrein in Alkmaar waar het vlees werd verwerkt, terwijl het levende vee daarvoor in de centrale ruimte onder toezicht werd geslacht. De sfeer was: de beesten moeten dood omdat mensen vlees eten en dat doen wij fatsoenlijk. Tieltse toestanden heb ik nooit meegemaakt. Ook de slachters waren nette mensen. Ik vermoed dat dat ook kwam doordat er overvloedig toezicht was. De privatiseringsgolf heeft dit doen ophouden, omdat het voor de lokale overheden te duur zou zijn. Een herstel van de oude situatie is dringend gewenst: het slachten dient weer onder de vleugels van de overheid te gebeuren. Het doden van dieren is een te ernstige zaak om aan de markt over te laten. Een uitgelezen taak voor Europa.