Cultuur

Interview

Interview

Moslims doen mee aan een demonstratie in Jakarta.

Foto Bay Ismoyo/AFP

‘Gematigd Indonesië is too big to fail’

Blasfemie De aanstaande gouverneursverkiezingen in Jakarta en een blasfemiezaak die daarbij speelt, zijn een testcase. „Mensen moeten wel een tegengeluid laten horen,” meent oud-politicus Jakob Tobing.

In Bekasi, een voorstad van Jakarta, was het onlangs weer raak. Met traangas moest de politie voorkomen dat honderden moslimhardliners een kerk in aanbouw zouden bestormen. Of neem Bantul, waar het katholieke districtshoofd begin dit jaar werd vervangen door een moslim na protesten van inwoners – zelf overwegend moslim.

Wat is er aan de hand in Indonesië? ’s Werelds grootste, democratische moslimland lijkt steeds intoleranter te worden. Met als dieptepunt de blasfemiezaak die is aangespannen tegen een christelijke gouverneurskandidaat in Jakarta, die de verkiezingen al maanden overschaduwt. De kwestie werd opgestookt door radicale groepen als FPI (Front van de Verdedigers van de Islam) en leidde dit najaar tot de grootste demonstraties in de recente geschiedenis van Indonesië.

Velen zien de verkiezingen, die over een week plaatsvinden, als testcase. Of zoals de huidige gouverneur van Jakarta, bekend als Ahok zei: „Zijn we nog een tolerant land of niet?”

Jakob Tobing (74), oprichter van de christelijke denktank Leimena Institute in Jakarta, blijft graag optimistisch. „De gematigde islam is hier nog altijd mainstream. Alleen de vertegenwoordigers ervan zijn lui geworden, ze hebben liggen slapen.”

Tobing kan het weten; hij is een van de vormgevers van die democratie. Na de val van autocraat Soeharto stond hij 1999 aan het hoofd van de eerste echt democratische verkiezingen in het land. Belangrijker, hij leidde het comité dat de grondwet uit 1945 herschreef. Waaronder artikel 29, waarin het geloof in één god, maar ook de vrijheid van religie werd vastgelegd. Precies dat artikel staat nu onder druk.

Is wat we zien een conservatievere stroming die aan invloed wint?

„Het is een ziekte die zich manifesteert. Al dertig jaar wordt de gematigde islam aangevallen door radicalen. Beetje bij beetje zijn seculiere onderwijsinstellingen geïnfiltreerd. Eerst de universiteiten, daarna lagere onderwijsinstellingen. Veel van de moskeeën in de gebieden waar de elite woont, zijn inmiddels door radicalen ingenomen.”

Máár: dat vertaalt zich nog niet naar de politiek, zegt Tobing, die zelf 34 jaar in het parlement zat. „Uit een recente peiling blijkt dat mensen nog altijd het meest vertrouwen hebben in de meer nationalistische centrumpartijen. De religieuze partijen bungelen onderaan. Bovendien, we zijn een land met meer dan 250 miljoen inwoners. Zelfs al hebben we het hier over 5 miljoen mensen, dan is dat slechts 2 procent.”

Onze huidige democratie zou niet zijn opgewassen tegen de dreiging van radicalen.

Ze slagen er als minderheid wel in erg vocaal te zijn.

„Zij hebben nu het initiatief als je kijkt naar de verspreiding van informatie online. Zie hoe Ahok is aangevallen. Dit is digitale oorlogsvoering waarbij onze kant het doelwit is geworden. Maar daar wordt aan gewerkt.”

Zo is de gematigde moslimorganisatie Nahdlatul Ulama (NU), die claimt 50 miljoen leden te hebben, onlangs een website begonnen waarop nepnieuwsberichten worden doorgeprikt die via sociale media zijn verspreid. De blasfemiezaak tegen Ahok bewijst waar dat toe kunnen leiden. Een fragment van een toespraak waarin hij naar de Koran verwees, werd verknipt en verspreid als bewijs dat hij de islam had beledigd.

Zo’n 150.000 tot 200.000 mensen deden dit najaar mee aan de anti-Ahokdemonstraties.

Schrok u van die aantallen?

„Niet echt. Ik was eerder verbaasd over de hoeveelheid mensen van buiten Jakarta die meededen.”

Wat zegt dat volgens u?

„Dat er een netwerk is dat verder reikt dan FPI.”

Het is een hardnekkig gerucht dat oud-president Susilo Bambang Yudhoyono, wiens zoon Agus ook een (onsuccesvolle) gooi naar het gouverneurschap deed, demonstranten zou hebben betaald. Yudhoyono ontkent dat. Gevraagd of hij op deze geruchten doelt, lacht Tobing alleen. „Vind alsjeblieft het antwoord.” Dan: „Het lijkt erop dat sommige mensen dit willen gebruiken voor een ander doel.”

Hoe bedoelt u?

„Dat we weer terug moeten naar een autoritair systeem. Onze huidige democratie zou niet zijn opgewassen tegen de dreiging van radicalen.”

Dat blijkt volgens Tobing onder meer uit pleidooien om terug te keren naar de oorspronkelijke grondwet van 1945. Een van de voorstanders: oud-generaal Prabowo Subianto, Soeharto’s schoonzoon. Hij zette het zelfs in zijn verkiezingsprogramma toen hij in 2014 een gooi deed naar het presidentschap. In de oude grondwet zijn veel zaken niet geregeld (men neme mensenrechten), waardoor het veel macht overlaat aan de president, zegt Tobing. „We hebben vier, vijf decennia met zo’n systeem geleefd, dan vergroeit het op een bepaalde manier met de samenleving.”

Politie moet leren hoe je religieus gemotiveerde conflicten oplost

Ondertussen neemt ook het aantal incidenten tegen minderheden toe.

„Dat is natuurlijk problematisch. Maar dat komt niet door een gebrek aan mensenrechten, zoals bij veel andere landen het geval is. Bij ons staan ze inmiddels wel in de grondwet, alleen worden ze nog niet nageleefd zoals zou moeten.”

Bijvoorbeeld door de politie. Te vaak nog verkiest die stabiliteit en orde boven het beschermen van minderheden, aangevallen in naam van de ‘islam’. „In plaats van zich te focussen op marcheren, moeten ze leren hoe je religieus gemotiveerde conflicten oplost”, zegt Tobing. „Maar dat moet ook worden aangemoedigd vanuit de maatschappij.” Ook daarom moeten moslimorganisaties die de democratie wél steunen in actie komen, zoals NU en de eveneens invloedrijke Muhammadiyah.

En als dat niet gebeurt?

„Vrienden van mij houden vol dat de gematigde islam in Indonesië too big to fail is. Het is hier immers al honderden jaren en bezit een zekere flexibiliteit die veel bedreigingen kan doorstaan. Maar dat betekent niet dat we achterover kunnen leunen.”