Recensie

Bassisten stelen de show op Transition festival

Jazz Wie schudt aan de North Sea Jazz-boom, vangt zo de nieuwe oogst modern creatieve jazzmusici die op het festival Transition zijn geprogrammeerd. De nieuwe jazzlichting experimenteert met elektronische elementen, is gretig, sociaalbewust en wil niet als anderen klinken.

Thundercat produceerde welluidende jazzfusion tijdens het Utrechtse Transition Festival. Foto Andreas Terlaak

Het Utrechtse festival had met zijn tweede editie opnieuw een uitverkocht huis. Een sprankelend programma met zeven podia op verschillende etages - TivoliVredenburg is een uitstekende locatie met precies op artiest aansluitende zalen. Publiekslievelingen als trompettist Christian Scott en zanger José James in de Ronda-popzaal, elektrisch experiment (Guillaume Perret) en storytelling (Somi) in de Pandora en al te keurige jazz door Branford Marsalis met Kurt Elling in de Grote Zaal.

Een van de fijnste luisterplekken was de voor kamermuziek ontwikkelde Herz-zaal. Hier kon saxofonist Steve Coleman zijn gang gaan met zijn Reflex Trio, zonder zich zorgen te maken over het entertainmentgehalte van zijn muziek. Ook hier: een doordacht soloconcert van de jonge Armeense pianist Tigran Hamasyan en langzaam op stoom komende Jeff Parker.

Bassisten

Toeval of niet, het regende bassisten op Transition. Met zijn gouden armstukken schitterend in het licht, toonde bassist Miles Mosley zich een entertainende ‘bas-warrior’. Zijn branie en funkjazz, de uitkomst van de eindeloze opnamesessies die hij als lid van Kamasi Washingtons jazzcollectief deed, trof doel als energieke openingsact. De lange blonde frontman van Phronesis, Jasper Høiby, schoot strak en gespannen zijn vingers als pijlen af op de snaren. Steeds weer trok Phronesis een andere sfeer vol intense klankkleuren op. En dan rijzende ster Thundercat, de met falset zingende bassist die op zijn hoog hangend basgitaar snelle nootjes produceerde in welluidende jazzfusion met een roomlaag.

Geflankeerd door een gitarist en harpiste verleidde zangeres Ala.ni met een wat gekunstelde retrosound haar publiek tot het meefluiten als vogels. Dat stond haaks op hoe snel de zaal leegliep bij zanger José James. De eens zo veelbelovende jazzvocalist schotelde een mierzoete tape-act voor met flauwe r&b. Ondanks de altijd boeiende ritmes van drummer Richard Spaven was het een verslikking in macho-glijerij.