Samen, daar gaat het om in nieuw stadsklooster

alleenstaanden

In Carnisse gaat vandaag Stadsklooster Rotterdam open. Omzien naar elkaar en de buurt is het parool van deze leefgemeenschap voor alleenstaanden.

Foto Rien Zilvold

Het was tot voor kort een leegstaand, kaal vertrek, maar vanaf nu klinkt er de menselijke stem. Vanmiddag treffen vijf serieuze gegadigden en buurtbewoners elkaar aan de maaltijd in de gemeenschapsruimte van Stadsklooster Rotterdam.

Als de gegadigden ‘ja’ zeggen, zijn zij de eerste Rotterdamse ‘stadsmonniken’. Het stadsklooster ligt aan de Amelandse-/Schoklandsestraat in Carnisse, waar zo’n vijftien twee- en driekamer-appartementen, verbonden door een gemeenschapsruimte, beschikbaar zijn.

De naam ‘klooster’ is niet alleen gekozen vanwege de doelgroep van alleenstaanden. Belangrijker is dat de toekomstige bewoners omzien naar elkaar en de omringende buurt. Anders dus dan het één jaar oude Stadsklooster Noord, dat een bezinningscentrum is zonder vaste bewoners, en nu overigens stilligt wegens ‘gebrek aan draagkracht.’

Het initiatief voor Carnisse gaat uit van de vrijzinnig-hervormde Laurenskerk, waarvan de predikant, ds. Bernard van Verschuer (61), zich het lot van de alleenwonende Rotterdammer aantrok. „Ik kom in de stad nogal eens mensen tegen die het in hun eentje niet goed rooien. Dat geldt voor mannen meer nog dan voor vrouwen. Ze missen de structuur van een gemeenschap, gaan zichzelf verwaarlozen, vereenzamen, en worden ongelukkig.”

Toekomstige bewoners moeten de uitgangspunten van het stadsklooster ondertekenen, maar hoeven zelf niet per se christen te zijn. Van Verschuer: „Het gaat om samen eten, elkaar ontmoeten bij een kop koffie, rekening houden met elkaar, en bereid zijn jezelf zo nu en dan op de tweede plaats te zetten. En iets doen voor de buurt. Afspraak is: één dagdeel per week vrijwilligerswerk doen in kerk of buurthuis.” Vooral die laatste verplichting onderscheidt het stadsklooster van een doorsnee woongroep.

Gelijkgezinden

Onder de vijf kandidaat-bewoners zitten ongelovigen en gelovigen. Tot die laatste categorie behoort de 63-jarige maatschappelijk werkster Sjanie van Gelder, die tevens deel uitmaakt van de Laurenskerk-werkgroep die het stadsklooster samen met corporatie Woonbron voorbereidde. „Ik woon sinds acht jaar alleen, toen mijn zoon, die op dat moment 22 was, zelfstandig verder ging. Ik bewoon een mooie flat in Noord, waar ik mijn privacy heb, maar ik mis het gemeenschappelijke. In het stadsklooster heb ik zowel een eigen appartement als een leefgemeenschap met gelijkgezinden om mij heen. Het spirituele van het stadsklooster spreekt mij aan. Evenals het klaarstaan voor elkaar: een kop soep of boodschappen bij ziekte.”

Sobere woningen

Een appartement kost 500 à 600 euro huur per maand. Kopers betalen een bedrag vanaf 60.000 euro. Het zijn sobere woningen met een oppervlakte van gemiddeld vijftig vierkante meter. „Het gaat niet in de eerste plaats om de kwaliteit van wonen, maar om gemeenschapszin”, zegt Van Verschuer, die, met het oog op het percentage alleenstaanden in Rotterdam (47 procent in 2020, volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek), goede hoop heeft dat het stadsklooster een succes zal worden. „Al leert soortgelijke ervaring in Amsterdam dat het wel twee jaar kan duren voordat de volledige groep bewoners bij elkaar is.”