Lente in de Rimboe

Het is lente in de Rimboe. Terwijl de hulpjes Wail en Ayoub meelwormen in plastic zakjes doen, eiwit voor schildpadden, slangen en kippen, is het een komen en gaan in de dierenwinkel. Jay, de Kaapverdiaanse kickboksschoolhouder, stapt binnen voor een vrolijk praatje, wijkagent Mike stelt zijn nieuwe collega voor, een bleue vrijwilliger die voor het eerst een rondje Kade maakt en omstandig uitlegt waarom hij niet en Mike wel een vuurwapen mag dragen. Drie gehoofddoekte meisjes kopen slechts één goudvis. „Ik ben toch ook alleen?” zegt de jongste met een uitdagende blik. Iedereen lijkt elkaar te kennen in de Rimboe vandaag. Ayoub fluistert zachtjes dat zijn broer Appie met het goudvismeisje zoent en met haar wil trouwen. Een oudere dame staat met Pikachu de rode ara te praten.

De lente maakt kooplustig. Klanten komen van heinde en verre. Gisteren nog Brusselse Armeniërs die een slang kochten. En vanochtend een Libanees uit Antwerpen. Ook voor een slang.

Maar de vogels gaan het hardst op het ogenblik. Er is in het voorjaar grote vraag naar kippen en duiven. Witte duiven komen de mensen halen voor trouwerijen, maar ook voor rouwrituelen. Na het jawoord of de teraardebesteling worden de vogels losgelaten, klapwiekend de vrijheid tegemoet. En vorige week kwamen de boys van de Amsterdamse rapgroep De Fellas langs. Die wilden alle veertien witjes mee voor een clip. „Die krijgen we nog wel te zien”, zegt Esdra terwijl hij zijn mobieltje scrollt op zoek naar beelden van de band.

De buurt maakt zich op voor het jaarlijkse kuikenspektakel van de Rimboe. Zodra het lentezonnetje doorbreekt komen de kinderen maar ook volwassenen er om vragen. „Wanneer komen de kuikens weer? Wanneer dan? En bewaar je er een paar voor mij?”

Het is vaste prik rond Pasen. In een verwarmde bak krioelen tientallen kuikentjes door elkaar. Kinderen zijn niet weg te slaan bij het donzige zachtgele schouwspel dat wel tien dagen duurt. En de hele buurt weet: de lente is nu echt begonnen.

Journalisteschrijft over stadsfauna.